Door achteloosheid.

Dit gebod beveele ik u, [myn] zoone Timotheus, dat gy na de prophetien die van u voorgegaan zyn, in dezelve den goeden stryd strydet: Houdende het geloove, en een goede konscientie, welke sommige verstooten hebbende van het geloove schipbreuk geleden hebben.
1 Tim. I: 18, 19.
Spreuken I: 24, 25, 26, 27, 28, 29.
Dewyle ik geroepen hebbe, en gy-lieden geweigert hebbet; myne hand uitgestrekt hebbe, en daar niemant en was die opmerkte:
En hebbet allen mynen raad verworpen; en myne bestraffinge niet gewilt:
Zo zal ik ook in u-lieder verderf lachen: ik zal spotten, wanneer uwe vreeze komt.
Wanneer uwe vreeze komt gelyk eene verwoestinge, en u verderf aankomt als een wervel-wind; waneer u benaautheid, en angst overkomt:
Dan zullen zy tot my roepen, maar ik en zal niet antwoorden: zy zullen my vroeg zoeken, maar en zullen my niet vinden:
Daarom dat zy de wetenschap gehaat hebben, en de vreeze des HEEREN niet en hebben verkooren.
En Kapittel XXVIII: 9.
Die zyn oore afwend van de Wet te hooren, diens gebed zelfs zal een grouwel zyn.
Jezaias I: 15.
En als gy-lieden uwe handen uitbreidet, verberge ik myne oogen voor u, ook wanneer gy het gebed vermenigvuldigd, en hoore ik niet: [want] uwe handen zyn vol bloeds.
Jeremias XI: 11.
Daarom zeid de HEERE alzo; Ziet ik zal een quaad over hen brengen, uit het welke zy niet en zullen konnen uitkomen: als zy dan tot my zullen roepen, en zal ik na hen niet hooren.
Joannes IX: 31.
En wy weeten dat God de zondaars niet en hoord: maar zo iemant godvruchtig is, en zynen wille doet, dien hoord hy.