Meer als genoeg.

Aller oogen wachten op u: en gy geeft hen haare spyze t'zyner tyd. Gy doet uwe hand open, en verzadigd al wat daar leefd [na u] welbehagen.
Psalm CXLV: 15, 16.
Psalm CIV: 14.
Hy doet het gras uitspruiten voor de beesten, en het kruid tot dienst des menschen, doende 't brood uit de aarde voortkomen.
Jezaias LVIII: 10, 11.
En zo gy uwe ziele opend voor den hongerigen, en de bedrukte ziele verzadigd: dan zal u licht in de duisternisse opgaan, en uwe donkerheid zal zyn als de middag.
En de HEERE zal u geduuriglyk leiden, en hy zal uwe ziele verzadigen in groote droogten, en uwe beenderen vaardig maaken: en gy zult zyn als
een gewatert hof, en als een spring-ader der wateren, welkers wateren niet en ontbreeken.
Mattheus V: 6.
Zalig [zyn] die hongeren en dorsten [na] de gerectigheid: Want zy zullen verzadigd worden
Joannes VI: 35.
En Jezus zeide tot haar, Ik ben het brood des levens: die tot my komt, en zal geensins hongeren, en die in my geloofd, en zal nimmermeer dorsten.
En Vers 54, 55, 56, 57.
Die myn vlees eet, en myn bloed drinkt, die heeft het eeuwige leven: en ik zal hem opwekken ten uitersten dage.
Want myn vlees is waarlyk spyze, en myn bloed is waarlyk drank.
Die myn vlees eet, en myn bloed drinkt, die blyft in my, en ik in hem.
Gelykerwys my de levende Vader gezonden heeft, en ik leeve door den Vader, [alzo] die my eet, dezelve zal leeven door my.