De zedelyke en stichtelyke gezangen


auteur: Jan Luyken


bron: Jan Luyken, De zedelyke en stichtelyke gezangen, Wed. P. Arentz en K. vander Sys, Amsterdam 1709. Fotomechanische herdruk De Banier, Utrecht 1977  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

De zedelyke en stichtelyke gezangen

Jan Luyken

* Bij deze tekst wordt ook de mogelijkheid geboden om de originele pagina's te bekijken via de knop ‘origineel’ naast het paginanummer.


Inhoudsopgave

Voorreden.

Zedelyke en stichtelyke gezangen. I. Het is niet dat het schynt.

II. Om wel te besteeden.

III. Dat telt al af.

IV. Om een beter.

V. Groot, onder klein aanzien.

VI. Ziet op het voorbeeld.

VII. Baa Wereld.

VIII. De hoop vertroost.

IX. Op Reis beleid men zich.

X. Vryheid, Blyheid.

XI. Het wezen geeft de schaduw.

XII. Hoe liefelyk is 't licht!

XIII. Door kortheid onwaardig.

XIV. Zie op 't einde.

XV. Om een goed heenkomen.

XVI. Op dat hy ons hielp.

XVII. Om onzent wille.

XVIII. Die opgestaan is, zal ons ook doen opstaan.

XIX. Een waardige Boode.

XX. 't Is noch de zelve Macht.

XXI. 't Moet eindelyk doch zyn.

XXII. Van hier tot beter.

XXIII. ô Grooten dag!

Bladwyzer der gezangen.

Register Van de Voizen dezer Zedelyke en Stichtelyke Gezangen.

Lof en oordeel van de werken der barmhertigheid, door Jan Luiken. Lof en Oordeel van de Werken der Barmhertigheid.

Ik ben hongerig geweest, en gy hebt my te eeten gegeeven. Matth: XXV: 35 .

Ik ben dorstig geweest, en gy hebt my te drinken gegeeven. Matth: XXV: 35.

Ik was een Vreemdeling, en gy hebt my geherbergt. Matth: XXV: 35 .

[Ik was] naakt, en gy hebt my gekleed. Matth: XXV: 36 .

Ik ben krank geweest, en gy hebt my bezocht, Matth: XXV: 36 .

Ik was in de gevangenisse, en gy zyt tot my gekomen. Matth: XXV: 36 .

Op 't Laatste Oordeel.