| |
gen, vele ongeregeldheden met spelen en andere zottigheden gebeurden, wat zeer onbehoorlijk was en meer tot ijdelheid strekte dan tot devotie en eerbied voor het Heilig Sacrament.’ |
| p. 57: |
‘tot eer van de stad en ook tot eer van de gilden [de rederijkerskamers].’ |
| p. 57: |
‘Dat in die tijd spelen opgevoerd werden die duizenden mensenlevens gekost hebben. Want in die spelen werd het Woord Gods voor het eerst geopenbaard in dit land. Die spelen waren en zijn nog steeds verboden, veel strenger dan een van Maarten Luthers boeken.’ |
| p. 57: |
‘Wat de stervende mens het meest tot troost is.’ |
| p. 58: |
‘verscheidene opstandige boeken’ |
| p. 58: |
‘een zo heerlijk feest als men nog nooit gezien heeft in Antwerpen, waarbij alle steden om het duurste wedijverden. De triomf die er bereikt werd in het spelen en vieren en in facties en banketten, is moeilijk te beschrijven.’ |
| p. 58: |
‘wat de mens het meest tot kunst stimuleert.’ |
| p. 59: |
‘Wie is waardig de genade van Christus [te ontvangen]?’ |
| p. 59: |
‘Wat kan de landen in rust houden?’ |
| p. 59: |
‘Heer, neemt uit mijn mond niet het woord der waarheid.’ |
| p. 59: |
‘O, het bezorgt u leed dat de eenvoudigen de Schrift lezen en gij hebt ze altijd willen onderdrukken, diegenen die de waarheid met hun mond verkondigen. [...] Ja, al wat tegen hun profijt is, noemen ze een sekte, ook al gaat het bovenal om de zaligheid van de mensen.’ |
| p. 60: |
‘en het had al het volk wel behaagd, maar de clerus was vol gramschap.’ |
| p. 60: |
‘en toen heeft men ook twee spelen opgevoerd, waarvan er een ging over de mistroostige mens die men Schriftuurlijk troostte met Gods wonderbaarlijke werken. Maar men sprak er niet over de biecht of de mis, zodat het rederijkersspel door de clerus niet bemind wordt.’ |
| p. 61: |
‘Hier zijn veel scholen met geleerde meesters om de jongeren in de bekwaamheid van de letteren te onderwijzen. [...] Maar in deze stad en in geheel het land is het doorgaans de gewoonte de kinderen die een goed beginsel verworven hebben en die men verder wil laten studeren, naar Frankrijk, Duitsland en Italië te sturen. Ook zijn er in deze stad, zoals in vele andere steden van het land, verscheidene scholen waar men zowel de meisjes als de jongens de Franse taal leert. [...] Daarenboven zijn hier schoolmeesters die Spaans en Italiaans onderwijzen. Hieruit blijkt wel in alle opzichten dat deze stad het gemeenschappelijke Vaderland van alle naties |