19raad Achitofels in 2 Samuel 15 staat beschreven hoe de raadsheer Achitofel het joodse volk ervan probeerde te overtuigen niet David, maar diens zoon Absalom te steunen. Het volk slaat de dwaze raad om in opstand te komen uiteindelijk in de wind; zo past het ook de ingezetenen van de Republiek niet naar slechte raadgevers (de staatsgezinden) te luisteren
21Neerlands Esther de Nederlandse maagd (de Republiek) moet zich spiegelen aan de bijbelse Esther, de joodse vrouw die haar volk wist te redden door de Assyrische koning Ahasveros tot haar bondgenoot te maken tegen de jodenhater Haman; zo moet de Nederlandse maagd steun zoeken bij Karel ii tegen Lodewijk xiv
26Waarheid personificatie, de waarheid wordt als vrouw voorgesteld
27zette...te pand stelde zich garant voor de goede afloop
69Gileads genadestoel verwijzing naar de broederstrijd tussen de twee joodse stammen der Efraïmers en Gileadieten, die elkaar onder aanvoering van de Gileadiet Jeptha hevig bevochten
72zij...boel zij trekt zich noch van Babel (het Vaticaan) noch van haar minnaar (de rooms-katholieke Lodewijk xiv) iets aan
74Diens rietstok De zwakke staf waarop Lodewijk xiv steunt, zijn zwakke gezag
75ontloken opengegaan: Karel ii zal het bedrog van Lodewijk xiv gaan zien
78in spijt...koeien ondanks onheilspellende voortekenen, zoals de farao die zag in een droom, waarin zeven magere koeien zeven magere jaren voor Egypte voorspelden
81doodse teugen dodelijke maatregelen, als de Akte van Seclusie uit 1654, waarin De Witt met de Staten-Generaal vastlegde dat Willem iii zijn vader Willem ii nooit zou mogen opvolgen als stadhouder
85is...moordvenijn de verraders lijden nu het lot dat zij de Oranjes hadden toegedacht
89in...zuilen toen de Republiek door de oorlogen op haar grondvesten stond te schudden
94Babels beken Nederland wordt hier, zoals in gereformeerde kringen in de zeventiende eeuw vaker gebeurde, vergeleken met Israël; het Nederlandse volk hunkert nu naar de olijftak zoals de joden tijdens de Babylonische ballingschap naar hun thuisland hunkerden
96Sanherib de Assyrische koning die ten tijde van de heerschappij van de joodse koning Hizkia Jeruzalem belegerde; het verwijst hier naar het beleg van de Republiek door Lodewijk xiv.