voorspellen anders niets dan rampspoed en gevaren.
Een onervaren arts vermeerdert eer de kwaal
170
dan dat hij hem verlicht: een opperadmiraal
die nooit de zee zag - 't een én 't ander mag niet feilen - 171
zal zo op zand of plaat de hele vloot verzeilen.
De Deense mag're os vindt Hollands vette wei,
maar Hollands dierb're vloot in Engeland geen gelei.174
175
Welk voordeel gaven ons de Britse maatschappijen?
Dat heugen 't allerbest Leicesters boze tij'en!
De koopman klaagt allicht zoveel hij klagen mag,177
en zucht en steunt, en denkt met smarte aan de dag
toen Neêrlands veldheer op de Britse troon getreden179
180
de handel heeft verdrukt, 's lands zenuw afgesneden.
Gij vindt met Engeland in zeevaart uw belang,
dus vrees, o Holland, vrees uw wisse ondergang
en dat gij vrijheid, recht en welvaart zult verliezen
zo g' immermeer een Brit zult tot uw hoofd verkiezen.
185
Maar wordt al dit gevaar in Friso niet gevreesd?
De vorsten schoeien op een en dezelfde leest.
Rampzalig is het land waar hij die aan 't bewind is
nog onder voogden staat en niet meer dan een kind is,188
daar heeft de vleierij op 't vorstelijk gemoed
190
de meeste vat en krijgt de hoveling licht voet
om uit des vorsten naam meest zelf te regeren,
hij heeft een sterke rug en niemand zal hem deren.
Is nú de jonge prins nog van zijn macht ontbloot,
door aanwas van gezag wordt hij wel haast zo groot
195
dat hij de staat het roer zal uit de handen wringen
en zich niet door een band van wetten laten dwingen.
[p. 99]
Dat's eigen aan het huis van Nassau en het bloed
dat eertijds koningen en vorsten heeft gevoed,
dus past het ook de zoon door eigenzucht gedreven
200
zijn ouders op dat spoor in hoogheid na te streven.
Maar gij, o vaderland, dat gij, 's lands stuur en klem
bewakend, 't heilig recht handhavend, naar geen stem
van valse raadsman hore, die niets zoekt dan zijn voordeel
met schone schijn bedekt. Uw wijs, doordringend oordeel
205
weet wegen waardoor 't hooggezag wordt ondermijnd,
gij kent de kwalen waar het vaderland door kwijnt.
't Is tijd het onrecht nu voor eeuwig af te schaffen,
en muit- en baatzucht naar verdienste te doen straffen.
Bedwing z'in staat en kerk. 't Gezag, u toevertrouwd,
210
en eendracht maken sterk. Indien er een zich stout210
daartegen kant, laat dat dan nimmer ongewroken.
Ik deed mijn plicht en heb voor 't vrije recht gesproken.
H.S.E.
+Haec libertatis ergo dit (geschiedde) omwille van de vrijheid, verwijzing naar de inscriptie op munten die tijdens de belegering van Leiden door de Spanjaarden (1573-74) waren geslagen (ontstaanstijd van de vrije Republiek)
11eigen voedsterlingen knecht de stadhouder; constitutioneel gezien was hij de dienaar van de staten, die het volk vertegenwoordigden
21Willems dood de dood van koning-stadhouder Willem iii (in 1702), het begin van het Tweede Stadhouderloze Tijdvak
35Bataafse Burgerhart...Tibers gestut hebt de Batavier Claudius Civilis ontketende een opstand tegen de overheersing door de Romeinse keizer (69 na Chr.)
36-37ouders...doorgestaan de (voor)ouders, die de Spaanse oorlogvoering hebben doorstaan (1568-1648)
51d'oude graven in de anti-stadhouderlijke literatuur werden de middeleeuwse graven als de tirannieke voorgangers van de stadhouders voorgesteld
119-122d'oude patriot...tot vierentwintig toe raadpensionaris Johan van Oldenbarnevelt, die in 1619 werd onthoofd na veroordeeld te zijn door een speciale rechtbank van vierentwintg leden
125De wetten zwijgen - dat 's al oud de wetten zwijgen te midden van het wapengekletter, aldus een oud gezegde (‘Inter arma silent leges’ - Cicero, Pro Milone)
129Willem, Hendriks zoon Willem ii, zoon en opvolger van stadhouder Frederik Hendrik
132deez' ene stad Amsterdam, dat in 1650 door Willem ii tevergeefs werd belegerd
134Bikkers de broers Andries en Cornelis Bikker waren ten tijde van de aanslag op Amsterdam burgemeesters van die stad
140de Witten raadpensionaris Johan de Witt en zijn broer Cornelis, die in 1672 vermoord werden door een volksmenigte
149-152de aartsschelm...soldij Willem Tichelaar, een der aanstokers van de moord op de De Witten kreeg tot aan de dood van Willem iii (1702) een uitkering van ƒ 450,- per jaar; in 1703 zou hij de voorzitter van de Staten-Generaal verzocht hebben om het dubbele
150die...hartendief die de harten van de De Witten uit hun lichamen roofde
158malen...print een portret te schilderen van Willem iii (ik val hem niet persoonlijk aan)
177Leicesters boze tij'en de jaren 1585-86, waarin de Engelse graaf Leicester als landvoogd van de noordelijke Nederlanden optrad en alle macht naar zich toe wilde trekken
179Neêrlands...getreden stadhouder en kapitein-generaal Willem iii was in 1689 koning van Engeland geworden
188een kind Johan Willem Friso was nog niet meerderjarig
210stout brutaal; H.S.E. achter deze initialen zou een koopman uit Middelburg schuilgaan, Jacob Willemsen geheten; zijn naam is aangetroffen in de marge van een gedicht ‘Op de maker van de Libertatis ergo of het brandmerk der stadhouderlijke regering’, dat deel uitmaakt van een handschrift met Zeeuwse spotverzen.