[p. V]
origineel
[Inleiding]
O
lieve, brave Kindren!
Ontvangt van een Vriendin
Dit aardig
Letterkransje
,
't Blijk van haar Kindermin;
Door
Pietje Moens
gevlochten,
Tot loon van Deugd en Vlijt.
Zorgt steeds, dat gij dit Kransje
En meerder waardig zijt.
[p. VI]
origineel
Dan zal, dat goede
Pietje
,
Die u zoo hartlijk mint,
Sinds hare vroege kindschheid
Door 't droevigst noodlot blind,
De droefheid minder voelen
Om 't smartelijk gemis;
Omdat zij, door dit Kransje,
U, kleinen! nuttig is.
Dan schreit zij vreugdetranen: -
Vergetende haar smart
Dankt zij God voor dien zegen,
In haar gevoelig hart.
De Uitgever
.