Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 4


auteur: P.C. Molhuysen en P.J. Blok


bron: P.C. Molhuysen en P.J. Blok (red.), Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 4. A.W. Sijthoff, Leiden 1918


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 

[Schagen, Simon]

SCHAGEN (Simon), geb. te Alkmaar, met zijn tweelingbroeder Jan, ged. 16 Dec. 1691, overl. op zijne fraaie buitenplaats in de Schermeer, 11 Juli 1743, zoon van den hoofdofficier Cornelis Jansz. S., overl. 24 April 1708, en Anna Sevenhuysen, werd student in de rechten te Leiden 14 Sept. 1709 en promoveerde 6 Juli 1711. Hij was schepen in 1718, 19 en 22, werd lid der vroedschap 23 Dec. 1719 en voor de jaren 1728 en 29 burgemeester; ook was hij toen dijkgraaf van de Schermer. Hij huwde in Nov. 1716 te Wormer met Cornelia Kraft, overl. 4 Jan. 1728, uit welk huwelijk 3 dochters geboren werden, 2 jong en 1 op negenjarigen leeftijd gestorven. Hij hertrouwde 7 Sept. 1729 in de Schermeer met Geertruida Theodora Clasina Vijgh, de vermogende weduwe sedert 21 Febr. 1728 van Willem van Egmond van de Nijenburg. Zij liet hare goederen echter niet in de echtelijke woning overbrengen, maar die verblijven in haar huis aan de Oudegracht onder de hoede van hare nicht jonkvrouw de Chastelain en van Christoffel Depmar, die reeds haar eersten man gediend had. In den nacht van 7/8 Nov. stond hij van hare zijde op, liet hij zich met 2 burgers met de koets naar dat huis brengen, waar hij de sleutels opvorderde, vermeesterde wat hem aanstond en ook met zich nam een kabinetje, waarvan geen sleutel aanwezig en waarin eene waarde van drie ton aan obligaties geborgen was. De vrouw berustte niet in het gebeurde, verkreeg op haar verzoek venia agendi en trok de zaak in den Haag, waar zij in Nov. 1730 door middelaars beslist werd, naar men zegt, zoodanig, dat hij alles teruggeven en uit hare goederen ƒ 50000 genieten zou. Zij overl. 21 Mei 1739, nalatende 4 à 5 ton, waarvan hare nicht erfgename werd. Schagen, die niet weder burgemeester werd, hertrouwde nog eens, 14 Mei 1743, met eene kasteleins-dochter te Rijswijk, Jacoba Keyser. De weduwe huwde 16 Febr. 1745 met Nicolaas Hendrik Domis (22 Mei 49 werd hij lid der vroedschap), schonk haar tweeden man 4 kinderen en overleed in Nov. 1765.

Zie: Bruinvis, Diaken worden of betalen in Alkm. Courant 1903, nr. 129; dez., Het huishet Moriaanshoofdte Alkmaar en zijne bewoners in Bredius-album 1915, 95.

Bruinvis