De spreeckonst

Petrus Montanus

editie W.J.H. Caron

verantwoording

GEBRUIKT EXEMPLAAR

exemplaar universiteitsbibliotheek Leiden, signatuur: G 764 5

 

ALGEMENE OPMERKINGEN

Dit bestand is, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van De spreeckonst van Petrus Montanus uit 1635, in de editie van W.J.H. Caron uit 1964.

In deze uitgave komen drie verschillende soorten paginering voor. De inleiding op het gehele boek is genummerd met romeinse cijfers van I tot en met XX. Daarna volgt een inleiding van Montanus, die oorspronkelijk genummerd is onderaan de pagina van 1 tot en met 32. Wanneer de eigenlijke tekst begint, begint de paginanummering in het origineel opnieuw bovenaan de pagina en telt van 1 tot en met 164. In deze digitale versie is deze paginering behouden, maar heeft haar standaardpositie bovenaan de pagina.

 

REDACTIONELE INGREPEN

Er zit een los lijstje met corrigenda in het boek. De tekst hiervan is hieronder in het colofon opgenomen; de daar genoemde correcties zijn doorgevoerd in de lopende tekst, behalve wanneer het om tekst op illustraties ging.

Er zijn verschillende afbeeldingen van een originele pagina uit De spreeckonst opgenomen op ingeschoten pagina's. Deze zijn genummerd met de aanduiding ‘t.o.’, dus tegenover de pagina waar ze voorkomen.

Op pagina 8, inleiding, staan een prozatekst en een gedicht naast elkaar. In deze versie wordt het gedicht eerst weergegeven, met daaronder de prozatekst.

p. 22, inleiding: uit → Uit; ‘ Uit deeze zeeve gebruikelijke bloote Merken van Enkele vryje Klinkers [...]’

Bovenaan pagina 50 zijn de lijst met optellingen en de tekst voor de duidelijkheid na elkaar geplaatst, in plaats van naast elkaar.

Wanneer er in de tekst accolades zijn gebruikt die over meerdere regels lopen, is in deze digitale versie eventueel tekst herhaald op elke regel met een normale accolade om de samenhang duidelijk te maken.

De letters met een streepje en een accent onder zich zijn in deze digitale versie als illustraties opgenomen. Dat betekent dat zij óp de regel staan, waardoor de letter hoger is komen te staan dan de overige letters. Dat geldt ook voor de e met een cedille eronder.

Wanneer er een nootnummer voorkomt op de illustratie, wordt dit nummer onder de illustratie herhaald en is daar aanklikbaar voor de bijbehorende tekst.

 

Bij de omzetting van het oorspronkelijke tekstverwerkingsbestand naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen, maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's zijn niet opgenomen.

 

[pagina ongenummerd (lijstje errata)]

Corrigenda bij Petrus Montanus, De Spreeckonst (TRIVIUM Nr. V):

 

Op p. 97 r. 30 zijn de ondertekens van helen en hefen niet goed gelukt.

Op p. 139 r. 25 zijn de ondertekens van maeen en rijel niet goed gelukt.

Op p. 141 r. 27 is in lieve een i weggevallen.

Op p. 143 r. 1 v.o. leze men Naecleefwoorden.

Op p. 151 r. 2 en 3 leze men Vooropperhelft en Naeonderhelft.

 

[pagina ongenummerd (p. I)]

DE SPREECKONST

(1635)

 

[pagina ongenummerd (p. II)]

TRIVIUM

 

OUDE NEDERLANDSE GESCHRIFTEN OP HET GEBIED VAN DE GRAMMATICA, DE DIALECTICA EN DE RHETORICA, MET STEUN VAN DE NEDERLANDSE ORGANISATIE VOOR ZUIVER-WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK UITGEGEVEN ONDER LEIDING VAN Dr. J. WILLE, Dr. W.J.H. CARON EN Dr. G. KUIPER, HOOGLERAREN AAN DE VRIJE UNIVERSITEIT TE AMSTERDAM

 

I.

 

Christiaen van Heule,

 

De Nederduytsche Grammatica ofte Spraec-konst. - De Nederduytsche Spraec-konst ofte Tael-beschrijvinghe. Uitgegeven, ingeleid en toegelicht door Dr. W.J.H. Caron.

 

II.

 

Jacob van der Schuere,

 

Nederduydsche Spellinge, Ofte Een korte verklaringe, Zoo van elke Letter in 't byzonder, twee-klanken ende drie-klanken, als van de Spellinge in 't gemeen. Uitgegeven, ingeleid en toegelicht door Dr. F.L. Zwaan.

 

III.

 

Hendrik Laurensz Spiegel,

 

Twe-spraack vande Nederduitsche Letterkunst. - Ruygh-bewerp vande Redenkaveling ofte Nederduitsche Dialectica. - Kort Begrip des Redenkavelings in slechten Rym. - Rederijck-kunst in Rijm opt kortst vervat. Uitgegeven door Dr. W.J.H. Caron.

 

IV.

 

Petrus Leupenius,

 

Aanmerkingen op de Neederduitsche taale. - Naaberecht gedaan op J. van Vondelens Noodigh Berecht. Uitgegeven, ingeleid en toegelicht door Dr. W.J.H. Caron.

 

V.

 

Petrus Montanus,

 

Bericht van een niewe konst, genaemt De Spreeckonst. Uitgegeven en ingeleid door Dr. W.J.H. Caron.

 

J.B. WOLTERS / GRONINGEN / 1964

 

[pagina ongenummerd (p. III)]

PETRUS MONTANUS

 

DE SPREECKONST

 

UITGEGEVEN EN INGELEID

DOOR

Dr. W.J.H. CARON

 

TRIVIUM Nr. V

 

J.B. WOLTERS / GRONINGEN / 1964

 

copyright 2003 dbnl / W.J.H. Caron

 

DBNL-nr mont011spre01_01

bron

Petrus Montanus, De spreeckonst (ed. W.J.H. Caron). J.B. Wolters, Groningen 1964.

 

codering DBNL-TEI 1

logboek

  • 2003-03-12 LvtL colofon toegevoegd