terug  begin  verderprepost
[p. 197]

489.

- Zoudt ge wel gelooven, dat de man die daar loopt, van de familie is der Lusignan's, der koningen in partibus van Cyprus?

- Inderdaad, hy ziet er niet naar uit.

- Toch is het zoo. Hy is een Du Puy de Montbrun, verwant aan 't huis van Savoye. Men kan de familiën vry nauwkeurig verdeelen in twee soorten: vervallen hoogheid, en geklommen laagheid. Wat leert ge hieruit?

- Dat adeltrots gek is.

- Ja, en meer nog. Dat de schoolmeesters verkeerd doen hun neuzen àl te hoog optetrekken voor: ismen. Want het is met de talen als met de familiën gegaan.

Eén voorbeeld uit duizende: Het woord mens - of mensch dan, als ge dien staart noodig oordeelt - is van één familie met het latynsche mens = verstand. De gemeenschappelyke stamvader is 't sanskritsche man, dat is: denken.

Maar ik erken dat de grondbeteekenis vry algemeen verloren is gegaan.

prepostterug  begin  verder