Verzamelde gedichten (ed. W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn)


auteur: Martinus Nijhoff


editeur: W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn


bron: Martinus Nijhoff, Verzamelde gedichten (ed. W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn). Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 2001 (derde druk)  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 112]

IV

 
Alleen God weet waarom ik bij je kwam,
 
Ik wist slechts dat ik niet kwam om te rusten,
 
Dat je mijn hart ziek en rumoerig kuste,
 
Dat onze nacht brandde als een zwarte vlam.
 
 
 
Wij, die boven de stad te dansen dorsten
 
Het licht langs, dat van niets naar niets steeds stijgt,
 
Vielen terug in 't donker onzer borsten,
 
Waar voortaan één hart, schaduw-zalig, zwijgt.
 
 
 
Zoo lagen we in den laatsten dageraad,
 
Hand in hand, glimlachend tegen de zon
 
Die door 't raam inkeek als een groot gelaat -
 
 
 
En 'k voelde tranen in mijn oogen springen
 
En hoorde mij, toen 't carillon begon,
 
Met vreemde stem een kinder-liedje zingen.