Verzamelde gedichten (ed. W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn)


auteur: Martinus Nijhoff


editeur: W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn


bron: Martinus Nijhoff, Verzamelde gedichten (ed. W.J. van den Akker en G.J. Dorleijn). Uitgeverij Bert Bakker, Amsterdam 2001 (derde druk)  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 232]

De moeder de vrouw

 
Ik ging naar Bommel om de brug te zien.
 
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
 
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
 
worden weer buren. Een minuut of tien
 
dat ik daar lag, in 't gras, mijn thee gedronken,
 
mijn hoofd vol van het landschap wijd en zijd -
 
laat mij daar midden uit de oneindigheid
 
een stem vernemen dat mijn oren klonken.
 
 
 
Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
 
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
 
Zij was alleen aan dek, zij stond bij 't roer,
 
 
 
en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
 
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer.
 
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren.