5suet: zoet; sonder flouwen: die haar
kracht niet verliest
*slincke: linker; waren: bevonden zich,
waren afgebeeld; de wet met... Testament: de Wet (de Tien Geboden, hier
voorgesteld als een allegorische figuur) met de voornaamste figuren uit het
Oude Testament
16in synder ghemeynten waghen: in de
(allegorisch afgebeelde) wagen Zijner Gemeente
17den welcken: nl. de wagen; vier
dieren: bedoeld zijn de vier dieren uit Openbaringen 4:6-7 (symbolen voor de
vier Evangelisten); somen mach mercken: zoals men kan zien
18ons alle leeraers bedieden: voor ons
de betekenis hebben van (duiden op) alle leraars
18-19die met lust.... verstercken: die
door Gods Geest gedreven worden met begeerte (nl. tot het verkondigen van Gods
Woord) ter versterking van ons (geloof)
20-21vgl. Jesaja 55:1,
Johannes 7:37Sapphicum carmen: Sapphische ode (met
gebruikmaking van de Sapphische strofe). Sappho (± 600 v. Chr.) was de
beroemdste dichteres uit het oude Griekenland, van wie echter slechts twee
gedichten volledig bewaard zijn. Haar strofe-vorm werd later in het Latijn
overgebracht (Catullus)
Sonet. 1. toeuerlaet - T touerlaet 6.
eerfdeel (siet) es - T eerfdeel siet es 8. hoe dat gaet. - T hoe dat gaet, 9.
lacht, - T lacht 14. vreucht - vreucbt Den eersten Psalm. 4.
vergeten - T vegeten 10. dort en valt, door sdoods suchten, - T dors' en valt,
door dsoods suchten,