Ontwerp tot eene algemeene characterkunde (3 delen)


auteur: Willem Anthonij Ockerse


bron: Willem Anthonij Ockerse, Ontwerp tot eene algemeene characterkunde. Eerste deel en tweede deel: G.T. van Paddenburg en zoon, Utrecht 1788-1790. Derde deel: Johannes Allart, Amsterdam 1797  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Ontwerp tot eene algemeene characterkunde (3 delen)

Willem Anthonij Ockerse

bron

Willem Anthonij Ockerse, Ontwerp tot eene algemeene characterkunde. Eerste deel en tweede deel: G.T. van Paddenburg en zoon, Utrecht 1788-1790. Derde deel: Johannes Allart, Amsterdam 1797

codering DBNL-TEI 1
dbnl-nr ocke002ontw01_01
logboek

- 2008-12-12 CB colofon toegevoegd

verantwoording

gebruikt exemplaar

exemplaar universiteitsbibliotheek Leiden, signatuur: 1180 F 25 en 1180 F 26

 

algemene opmerkingen

Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van Ontwerp tot eene algemeene characterkunde van Willem Anthonij Ockerse in drie delen, uit 1788, 1790 en 1797.

 

redactionele ingrepen

deel 1: p. 1: kop ‘Eerste deel’ tussen vierkante haken toegevoegd

deel 2: p. V: kop ‘Tweede deel’ tussen vierkante haken toegevoegd

deel 3: p. III: kop ‘Derde deel’ tussen vierkante haken toegevoegd

p. 276: het hoofdstuk eindigt midden in een zin. Ter verduidelijking zijn tussen vierkante haken de eerste woorden van de volgende pagina toegevoegd: ‘met de meestmooglijke kortheid, ter beändwoordinge van eene [Derde vraag]’.

 

Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina's (deel 1: p. II, π2; deel 2: p. II, IV ; deel 3: p. 2 en 296) zijn niet opgenomen in de lopende tekst.

 

[deel 1]

[pagina I]

ONTWERP TOT EENE ALGEMEENE CHARACTERKUNDE. UITGEGEVEN door W.A. OCKERSE, Predikant te Wijk bij Duurstede.

 

Atqúi, cum voles veram hominis aestimationem inire, et scire qualis sit, nudúm inspice. Ponat patrimonia, ponat honores et alia fortunae mendacia; corpus ipsum exúat. Animum intuere, qualis quantusque sit, alieno an suo magnus.

 

SENECA.

 

Te UTRECHT.

By G.T. van PADDENBURG, en ZOON.

MDCCLXXXVIII.

 

 

[pagina π1]

INHOUD.


Zonder Opschrift Eladz. 1.
De Mensch. 7.
Het Character. 20.
Characterkunde. 33.
Waer of Waerschijnlijk. 74.
Algemeen Ontwerp. 116.
Eerste Orde. (Het Character dezer Eeuwe.) 120.

 

 

[deel 2]

[pagina I]

ONTWERP TOT EENE ALGEMEENE CHARACTERKUNDE. UITGEGEVEN door W.A. OCKERSE,

Predikant te Wijk bij Duurstede.

 

TWEEDE STUKJEN.

 

Dic mihi, Musa, virum

Qui mores hominum multorum vidit, et urbis.

HORATIUS.

 

Te UTRECHT,

By G.T. van PADDENBURG, en ZOON.

MDCCXC.

 

[pagina III]

INHOUD.


Voorlopige verhandeling over het Nationaal Character. bladz. 163.
Eerste Vraag, Wat is eigenlijk het Volkscharacter? 173.
Tweede Vraag, Wat vormt doorgaands het Character van een Volk? 184.
Derde Vraag, Hoe en waardoor is men in staat, om het Character van een Volk wel te leeren kennen en beoordeelen? 276.

 

 

[deel 3]

[pagina I]

ONTWERP TOT EENE ALGEMEENE CHARACTERKUNDE.

UITGEGEVEN door W.A. OCKERSE, Rustend Leeraar.

 

DERDE STUKJEN, behelzende het nationaal character der nederlanderen.

 

Audire, atque togam jubeo componere, quisquis

Ambitione mala, aut argenti pailet amore;

Quisquis luxuria, tristive superstitione,

Aut alio mentis morbo calet huc propius me,

Dum doceo insanire omnes, vos ordine adite!

 

horatius.

te AMSTERDAM, bij JOHANNES ALLART.

MDCCXCVII.

 

[pagina XIII]

INHOUD.


voorbereidende aanmerkingen-tot het nationaal character der nederlanderen. bladz. 1-99
beschouwing van hun verstandlijk character. bladz. 99-165
beschouwing van hun zedelijk character.  
Algemeem bedenkingen. bladz. 165-173
Over eenige Nationale deugden en ondeugden bladz. 173-234
Over zommige gemengde Characteristieke trekken. bladz. 235-249
Ophelderende bijzonderheden. bladz. 249-274
algemeene waarnemingen over de provinciale characters. bladz. 274-228
revolutionaire charactertrekken. bladz. 282-295.

 

 

[pagina XIV]

BERICHT voor den BINDER

De Plaat moet gesteld worden tegen over bladz. 98.