[p. 20]
[p. 21]
De bloemen helpen
Toen de bloemen wakker werden
Keken alle vreemdlijk op.
Vele schrokken zoo geweldig
Dat weer sloot hun bloemenknop.
‘Is dat 't lieve Arlekijntje?
He!... wat is daarmee gebeurd?’
Vroeg een groepje anjelieren
Die van schrik waren verkleurd.
‘Alle kindren krijgen kleedjes,
Kermis brengt hun lach en feest;
Niemand kan voor mij iets koopen,
Moeder is lang ziek geweest.’
Rozen en vergeet-mij-nietjes,
Rekten hunne kopjes uit;
Gouden kevers kwamen luistren
Naar dat jammerend geluid.
Blinkend blad en groene stengels
Vlocht men tot een rijke kroon;
En daar stond ons Arlekijntje
Als een bloemenkindje schoon.