De socialisten: Personen en stelsels
|
| Bladz. | |
| Hoofdstuk I. Inleiding | 1 |
| Het socialisme stelt zich op het standpunt van den klassenstrijd. | |
| Hoofdstuk II. Karl Marlo (Winkelblech) | 14 |
| I. Zijn leven. Pag. 15. - II. Zijn richting en stelsel. Pag. 19. - III. Tegen de plutocratie. Pag. 24. -IV. De twee eerste (historische) deelen van zijn boek. Pag. 29. - V. De twee laatste (systematische) deelen van zijn boek. Pag. 47. - VI. Zijn stijl en voorstelling. Pag. 61. | |
| Hoofdstuk III. Rodbertus-Jagetzow | 64 |
| I. Zijn leven en eerste geschriften van 1837 en 1842. Pag. 65. - II. Zijn verdere economische brochures vóór 1848 en zijn staatkundig bedrijf in de jaren 1848 en 1849. Pag. 85. - III. Zijn vier sociale brieven aan von Kirchmann. Pag. 100. - IV. Zijn historisch-economische studiën over den Romeinschen keizertijd. Pag. 136. - V. Zijn denkbeelden betreffende het grondbezit; doorvoering van het rente-beginsel. Pag. 149. - VI. Zijn memories over het arbeids-loon; bepaling van een normaal-arbeids-dag. Pag. 159. - VII. Zijn adviezen omtrent de éénheid van Duitschland. Pag. 173. - VIII. Zijn latere sociale beschouwingen en programma's. Pag. 179. - IX. Briefwisseling met Rudolf Meyer; laatste levens-jaren. Pag. 189. | |
| Hoofdstuk IV. Ferdinand Lassalle | 195 |
| I. De persoon. Pag. 195. - II. Jongelings-jaren. Pag. 198. - III. De gravin von Hatzfeldt en haar proces; zijn aandeel in de politieke beweging van 1848 en 1849. Pag. 201. - IV. Naar Berlijn; zijn boek over Heraclitus en zijn drama Franz von Sickingen; brochures over de Duitsche politiek. Pag. 208. - V. Sophie von Solutzeff; zijn boek over ‘Das System der erworbenen Rechte’; zijn geschrift ‘Herr Julian Schmidt’. Pag. 221. - VI. Zijn tweeledige aanval in 1862 tegen de Fortschritts-partij. Pag. 231. - VII. Zijn ‘Offenes Antwort- |
[pagina VI]
| schreiben’ van 1 Maart 1863. Pag. 248. - VIII. Zijn opzweeping der arbeiders; agitators-werk. Pag. 258. - IX. Zijn geschrift ‘Herr Bastiat Schulze von Delitzsch’. Pag. 273. - X. Hervatting van zijn arbeidersbeweging; verhouding tot Bismarck. Pag. 290. - XI. Zijn liefdes-avontuur met Hélène von Dönniges en zijn dood. Pag. 298. - XII. Besluit. Pag. 306. | |
| Hoofdstuk V. Karl Marx | 311 |
| I. Beteekenis van zijn persoon. Pag. 311. - II. De beginselen zijner socialistische opvatting. Pag. 314. - III. Zijn leven in Londen. Zijn tijdschrift. Zijn strijd met Willich en Schapper. Het Communisten-proces te Keulen in 1852. Zijn medewerking aan de ‘New-York Tribune’. Zijn brochure ‘Der achtzehnte Brumaire des Louis Bonaparte’. Zijn boekje ‘Herr Vogt’. Pag. 332. - IV. Het boek ‘Zur Kritik der, politischen Oekonomie’. Pag. 354. - V. Het eerste deel van ‘Das Kapital’. Pag. 370. - VI. Het tweede deel van ‘Das Kapital’. Pag. 402. - VII. Het derde deel van ‘Das Kapital’. Pag. 414. - VIII. Stichting der ‘Internationale’. Geschiedenis der vijf groote congressen van de ‘Internationale’. Pag. 431. - IX. Ontwikkeling der Marxistische ‘Social-Democratie’ in Duitschland. Het Gothasche programma van 1875. Dood van Marx, Friedrich Engels. Pag. 464. - X. Samenvatting zijner leer. Pag. 485. |