De socialisten: Personen en stelsels
|
| Bladz. | |
| Hoofdstuk VI Michael Bakounin | 1 |
| Inleiding. Pag. 1. - I. Zijn jeugd en studie in Berlijn. Zijn artikelen over ‘Die Reaction in Deutschland’. Zijn leven in Parijs. Pag. 4. - II. Zijn medewerking aan de revolutie-beweging van 1848. Zijn Pan-Slavisch streven. Het Congres te Praag. Zijn strijd in Dresden. Gevangenschap. Pag. 17. - III. In Siberië. Zijn vlucht uit Siberië. Pag. 25. IV. In Londen. Samenwerking met Herzen en Ogarjoff. Twee brochures. Zijn houding bij den Poolschen opstand van 1862 en 1863. Pag. 30. - V. In Italië. Te Florence en te Napels. Het idee der anarchie. Op het congres der Vredesen Vrijheids-liga. Pag. 41. - VI. De stichting en uitwerking der ‘Alliantie’. Zijn poging om door de ‘Alliantie’ meester te worden van de ‘Internationale’. Zijn brieven over ‘Patriotisme’. Pag. 48. - VII. Het idee der Commune. De mislukte uitroeping der Commune te Lyon. De Parijsche Commune. Zijn ‘Lettres à un Français’. Pag. 71. - VIII. Zijn verschillende geschriften van 1871 en later. ‘Dieu et l'Etat’. Pag. 98. - IX. Voortgang van het Anarchisme in Italië, Spanje en Rusland. Netchajeff. Pag. 123. - X. Marx en Bakounin. Het Haagsche Congres der ‘Internationale’ van 1872. Samenvatting van Bakounin's leer. Pag. 143. - XI. Zijn laatste levens-jaren en dood. Pag. 155. | |
| Hoofdstuk VII. Grepen uit Noord-Amerikaansch socialisme | 160 |
| I. De Communauteiten: de Shakers enz. Josiah Warren en John Humphrey Noyes. De Mormonen. Pag. 161. - II. Henry George en zijn leer der land-nationalisatie. Pag. 184. - III. De strijd tegen het kapitalisme. Thoreau en zijn Walden. De ridders van den arbeid. De anarchisten van Chicago. Bellamy en zijn roman, Pag. 201. | |
| Hoofdstuk VIII. Slavisch socialisme. Silhouetten uit Rusland. | 219 |
| I. Tchernicheffski: zijn optreden, zijn roman en zijn verbanning in Siberië. Pag. 220. - II. Het Nihilisme en Terrorisme onder czar Alexander II. Stepniak en prins Kropotkin. Pag. 229. - III. Graaf Leo Tolstoï: zijn leven en geschriften. Pag. 248. |
[pagina VI]
| Hoofdstuk IX. Verspreiding van het socialistisch idee in Germaansch-Romaansch Europa | 263 |
| I. In Duitschland. De Sociaal-democratie. Het programma van Erfurt. Het Staats-socialisme. Propaganda onder de boeren. Anarchisten. Mackay's roman. Otto Effertz. Flürscheim's plan tot land-nationalisatie. Hertzka's ‘Freiland’. Pag. 264. - II. In Frankrijk. De Blanquisten, Guesdisten, Broussisten en Allemanisten. De onafhankelijke socialisten (Jaurès). De Anarchisten van het woord (Elisée Reclus) en van de daad (Ravachol). De arbeiders-syndicaten. Het Terrianisme. Letterkundigen en kunstenaars (Jules Vallès). Pag. 320. - III. In Engeland. De ‘Trades-unions’, oude en nieuwe. Hyndman en de ‘Justice’. De onafhankelijke arbeids-partij. Robert Blatchford en zijn ‘Merrie England’. Alfred Russell Wallace en de land-nationaliseerders. De Fabiërs. Ruskin. William Morris en zijn roman. Pag. 365. - IV. De internationale Congressen. Uitsluiting der Anarchisten. Pag. 403. - V. De drie stroomingen: het Marxistisch Collectivisme, het Anarchisme en het Syndicalisme. Pag. 426. | |
| Slot-Hoofdstuk. Op den drempel der twintigste eeuw | 431 |
| Besluit van het gansche werk. Nadere ontwikkeling van het begrip der Gemeenschap. | |
| Register op de zes deelen van ‘De Socialisten’ | 471 |
[pagina 583]
Verbetering.
| Deel I. | - | Op blz. 124, regel 6 v.o, staat: wilder, dit moet zijn: wider. Op blz. 203, regel 14 v.o., staat: Galabrië, dit moet zijn: Calabrië. Op blz. 283, noot 3, staat: Lamson, dit moet zijn: Lanson. Op blz. 457, regel 10 v.o., staat: uit deze: dit moet zijn: deze uit. |
| Deel II. | - | Op blz. 114, regel 1 v.b., staat: 1722, dit moet zijn: 1772. Op blz. 204, regel 14 v.b., staat: hatelijk, dit moet zijn: hartelijk. Op blz. 205, regel 12 v.b., staat: geschaft, dit moet zijn: afgeschaft. Op blz. 374, regel 20 v.b., staat: zelven, dit moet zijn: zelve. |
| Deel III. | - | Op blz. 33, regel 5 v.b., staat: aflaters, dit moet zijn: erflaters. Op blz. 199. noot 2, staat: Bürhli, dit moet zijn: Bürkli. Op blz. 295, regel 9 v.o., staat: den naam van Hel, dit moet zijn: een naam in de Hel. Op blz. 299, regel 21 v.b., staat: Renau, dit moet zijn: Renan. Op blz. 323, regel 9 v.b., staat: dwaling, dit moet zijn: daling. Op blz. 381, regel 11 v.b., staat: 21 October 1813, dit moet zijn: 29 October 1811. Op blz. 381, regel 22 v.b., staat: 1883, dit moet zijn: 1882. Op blz. 416, regel 5 v.o., staat: April 1876, dit moet zijn: Januari 1882. Op blz. 416 regel 3 v.o., staat: Zelf stierf hij in Oct. 1882, dit moet zijn: Zelf stierf hij arm te Cannes 6 Dec. 1882. |
| Deel IV. | - | Op blz. 57 noot regel 2 v.o., staat: musicus en opera-dichter, dit moet zijn: romanschrijver en operetten-dichter. Op blz. 64, regel 4 v.o. staat: Drie, dit moet zijn: Die. Op blz. 343, regel 8 v.o., staat: der onmogelijkheid, dit moet zijn: de onmogelijkheid. |
| Deel V. | - | Op blz. 16, regel 15 v.o, staat: beteekenis, dit moet zijn: bekentenis. Op blz. 26, regel 20 v.o., staat: wanneer, dit moet zijn: waarnaar. Op blz. 438 noot regel 2 v.o., staat: 532, dit moet zijn: 432. |
| Deel VI. | - | Op blz. 335 regel 12 v.o., staat: weldra was de degenzwaai, dit moet zijn: weldra de degen-zwaai. |