terug  begin  verderprepost

28 december 1944

Vannacht gedroomd van een schilderij in een ruime kapperswinkel, vrij hoog opgehangen en een beetje vooroverhellend. Het stelde voor een je sterk aankijkende man, een plooi onder de kin van spanning, de hand aan een soort kleine houten pyramide op een tafeltje vóór hem. Het onderschrift luidde ongeveer:

 
Rotterdammers, ge bezint u niet vlug
 
op de kracht van het woord poëzie.
 
Het stuit op uzelf terug.
[p. 86]

Het portret was uitgevoerd enigszins in de stijl van Karel van Veen. 't Gezicht van de man, hoewel zonder bril, toonde enige overeenkomst met het mijne. De pyramide zou mijn leven kunnen voorstellen.

 

Als het formaat en de typografie meewerken, kunnen ouderwetse boeken een - noodzakelijke - afwisseling, ja een verkwikking zijn.

prepostterug  begin  verder