terug  begin  verder
[p. 473]

Proletariërsdraaimolen Kramatplein

 
Hup!
 
De molen is manjefiek!
 
Hup, de molen is sjiek!
 
Stap op, pelangi-assepoes
 
en laat je slof niet vallen, snoes!
 
Je gouden selop-bakkiak
 
met klaterfonkel bric-à-brac.
 
Laat djongos Sam je helpen - Zo!
 
Daar gaat-ie dan met njonjah Njoo
 
met Kôh en Tjang en kroost
 
en lollie-ijs ook, proost!
 
en gillende soldaten:
 
‘Ik lach me van de graat!’ en
 
Ruut-tuut-tuut daar ganeme
 
daar ganeme
 
het hoekie om en hoekie om
 
Met Lady Macbeth en Dik Trom
 
En Kwan Yin in Stamboel-blanket
 
Ramon Novarro en Claudette
 
Een ruitjesjas
 
en een plastictas
 
en Mas Oppas
 
met vlinderdas.
 
O die schöne, o die schöne
 
ouwe nieuwe ouwe deunen!
 
Hoempa-hoempa-rettettet
 
Ga je met me mee naar bed
 
Eenmaal in m'n leven slet
 
Niet te mager niet te vet
 
klarinet en schuiftrompet
 
Légo! Blijf toch altijd leuk,
[p. 474]
 
houd je hand maar op je breuk,
 
En maar joon-a-joon-a-joon,
 
in die hoge klapperboom!
 
Soeling, toet maar onverdroten
 
harlekijnen fratsen noten,
 
Légo! Ook al ben je blind
 
Als je ‘t contrapunt maar vindt
 
voor kendang, rebab en koper
 
voor Sarie Marijs
 
en voor Hannes de Doper
 
Daar onder in die mielies
 
met je oren van blik
 
Ik en jij, jij en ik!
 
Laag is de zolder, hoog is de vloer
 
Onder is de toewan, boven de mandoer!
 
Hoog zal-ie leven
 
En weg met de dooien
 
Hoog op de rossen
 
met de lichtekooien!
 
Laat de heleboel maar waaien
 
en draaien,
 
altijd maar draaien
 
en draaien
 
in de gloria,
 
in de gloriaaa!!!
 
Tuut-tuut!
terug  begin  verder