terug  begin  verderprepost
[p. 199]

Hoofdstuk V Steunend op eigen kracht

‘De cultuurbevordering moet van de nationale gedachte uitgaan, het is niet anders dan natuurlijk, dat wij onze eigen cultuur stimuleren, maar wij moeten weten, dat een louter nationale cultuurbevordering tot isolement zou leiden, zeker in een kleine gemeenschap als de onze.’

Cola Debrot C.C.C.-bulletin
[p. 200]

1940 De Nederlandse Antillen worden bij de Tweede Wereldoorlog betrokken; op Bonaire wordt een concentratiekamp voor Duitsers ingericht.
Luc Tournier begint zijn ‘Nederlands Periodiek’ De Stoep.
Recensies op De Stoep betekenen het begin van een reguliere Antilliaanse literaire kritiek.
Het A.N.V. start een Antilliaans Neerlandia.
1941 Oprichting van het Peter Stuyvesant College als eerste school voor middelbaar onderwijs.
1942 Pierre Lauffer publiceert onder het pseudoniem Antonio Martes: Carmen Molina.
Koningin Wilhelmina houdt een rede waarin ze de Overzeese Rijksdelen meer zelfstandigheid belooft.
1943 Het tijdschrift Lux wil een lamp van Nederlandse taal en cultuur zijn.
Guillermo Rosario geeft zijn eerste novela uit.
De zangers van de Cancionero Papiamento I willen onder het pseudoniem Julio Perrenal het lied in de volkstaal populariseren.
1944 Pierre Lauffer publiceert zijn eerste dichtbundel Patria.
Oda Blinder debuteert in De Stoep.
Sociedad Bolivariana de Aruba opent haar nieuwe multifunctionele verenigingsgebouw.
1945 Tip Marugg debuteert met zijn eerste gedichten in De Stoep.
1946 De Jolly Fellows Society wil een tegenwicht van de Sint Thomaskring zijn.
1947 Salas vestigt zijn boekhandel op Curaçao.
1948 Oprichting van Sticusa.
Vestiging van Aruba Boekhandel in Oranjestad.
Oscar van Kampen geeft op Curaçao zijn Lorito Real uit.
1949 Oprichting van het Radulphus College en het Maria Immaculata Lyceum.
Aruba krijgt zijn eerste Openbare Leeszaal en Boekerij.
C.C.A. en C.C.C. worden als eilandelijke cultuurcentra opgericht.
1950 Eerste openbare viering van het Curaçaose carnaval.
Het Papiamentstalige tijdschrift Simadán wordt gepubliceerd.
1951 De gezamenlijke Curaçaose boekhandelaren organiseren voor het eerst een boekenweek.
1952 Paul Storm is de eerste door de Sticusa uitgezonden toneelregisseur.

[p. 201]

1954 Het C.C.C. organiseert de eerste literaire prijsvraag.
Het Statuut voor het ‘Koninkrijk nieuwe stijl’ wordt van kracht; de eilanden zijn ‘autonoom’.
Door de automatisering in de ‘olie’ zal de werkgelegenheid op Aruba en Curaçao spoedig instorten; de toeristenindustrie zal pas op den duur voor vervangende werkgelegenheid zorgen.
1955 Boekhandel Van Dorp ontplooit de eerste Antilliaanse activiteiten.
Cola Debrot start de Antilliaanse Cahiers.
1957 Frank Martinus Arion wordt wegens zijn Stemmen uit Afrika door de Nederlandse kritiek tot ‘zwarte Vergilius’ bestempeld.
1958 Opening van Cas di Cultura op Aruba.
Tip Marugg publiceert Weekendpelgrimage bij de Amsterdamse Bezige Bij.
1959 Het Colegio Arubano wordt een volwaardige h.b.s.-opleiding.
Boeli van Leeuwen publiceert De rots der struikeling in Nederland en krijgt er later de Vijverbergprijs voor.
1961 Aruba organiseert voor het eerst een boekenweek.
De Arubaanse toneelgroep Mascaruba debuteert.
1964 Het eerste nummer van Vitó wordt over Curaçao verspreid.
1965 Het eerste nummer van Kambio verschijnt.
1967 Oprichting van de Curaçaose toneelgroep Thalia.
1968 In Nederland geven enkele Arubaanse studenten het literaire tijdschrift Watapana uit.
Het Antilliaanse voortgezet onderwijs volgt de Nederlandse mammoetwet, ook voor het literatuur-curriculum.
Het Curaçaose Centro pro Arte wordt geopend.
Op Curaçao wordt de jaarlijkse Cola Debrot-prijs ingesteld.
1969 De stakingen en onlusten van ‘dertig mei’ zullen onomkeerbare culturele gevolgen hebben.
De eerste druk van de Encyclopedie van de Nederlandse Antillen verschijnt.

prepostterug  begin  verder