terug   verderprepost

Bon dia! Met wie schrijf ik?

Wim Rutgers

bron

Wim Rutgers, Bon dia! Met wie schrijf ik? Charuba, Oranjestad 1988

codering DBNL-TEI 1
dbnl-nr rutg014bond01_01
logboek

- 2007-10-04 AS colofon toegevoegd

verantwoording

gebruikt exemplaar

exemplaar bibliotheek Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) Leiden, signatuur: 3r 2928 N+

 

algemene opmerkingen

Dit bestand biedt, behoudens een aantal hierna te noemen ingrepen, een diplomatische weergave van Bon dia! Met wie schrijf ik? van Wim Rutgers uit 1988.

 

redactionele ingrepen

p. 4: angeleerd → aangeleerd: ‘..., weet hij dat hij met zijn eigen mensen communiceert in een taal, die voor hen allebei aangeleerd is op school, als tweede taal.’

p. 8: vremd → vreemd: ‘Konta mi algu krioyo: Nederlandstalige Antilliaanse jeugdliteratuur (vreemd of eigen?).’

p. 12: neurs → neus: ‘En natuurlijk hebben Nancho, Orkaan en Mayra die Nederlanders die verder wensen te kijken dan hun neus lang is, ook heel wat te vertellen dat de moeite waard is.’

p. 13: Zoland → Zolang: ‘Zolang het Nederlands nog steeds onderwijstaal is in de landen Aruba, Suriname en de Nederlandse Antillen, ...’

p. 72: van De → van De: ‘...: zie het begin en einde van De smokkelaars van Buenaventura bijvoorbeeld.’

p. 140: verniewing → vernieuwing: ‘..., traditie als fundament en inspiratie voor vernieuwing.’

p. 181: tond → tong: ‘Als de wind langs haar gezicht streek klemde ze haar lippen op elkaar en bevochtigde ze met haar tong.’

p. 182: grijs → grijns: ‘Sherry kreeg de neiging om een dwaze grijns te trekken tegen het gezicht voor haar.’

p. 224: 9 → 9.: ‘Hoofdstuk 9. Op bezoek bij enkele Engelstalige Caraïbische auteurs.’

p. 229: 91860) → (1860): ‘...; het is alsof je dominee Wawelaar uit de Max Havelaar (1860) hoort praten die de Javaan door arbeid tot Godsdienst brengt.’

p. 243: 10 → 10.: ‘Hoofdstuk 10. Nanzi, Caraïbiër van Afrikaanse herkomst’.

 

Bij de omzetting van de gebruikte bron naar deze publicatie in de dbnl is een aantal delen van de tekst niet overgenomen. Hieronder volgen de tekstgedeelten die wel in het origineel voorkomen maar hier uit de lopende tekst zijn weggelaten. Ook de blanco pagina (p. 272) is niet opgenomen in de lopende tekst.

 

[pagina ongenummerd (p. I)]

Wim Rutgers

 

BON DIA!

 

MET WIE SCHRIJF IK?

 

Over Caraïbische jeugdliteratuur

 

Charuba

Oranjestad 1988

 

[pagina ongenummerd (p. II)]

Charuba is een Arubaanse uitgeverij.

Charuba publiceert in het bijzonder literatuur van Arubaanse auteurs.

Deze editie werd getypt door Esther Bermudez.

Druk: VAD

Distributie: Plaza Bookshop

@ 1988 Copyright Wim Rutgers

Niets uit deze uitgave mag in welke vorm dan ook worden vermenigvuldigd zonder schriftelijke toestemming van de auteur.

Deze uitgave kwam tot stand met financiële steun van UNOCA en STICUSA.

 

[pagina 1]

Inhoud

 

Ter introductie

 

Deel I SCHRIJVERS - BOEKEN - LEZERS

 

Hoofdstuk 1. Een historisch overzicht

1.Op zoek naar een boek
2.Nederlandse aandacht voor ‘De West’
3.Wederzijds begrip?
4.Arubaanse en Nederlands-Antilliaanse kinder-literatuur
5.Arubaanse en Nederlands-Antilliaanse jeugd-literatuur
6.Lijst van kinderboeken
7.Lijst van jeugdliteratuur

Hoofdstuk 2. Ik wil gelezen worden!

1.Een auteur schrijft....
1.1.Talen tussen expressie en communicatie
2..... wordt gepubliceerd ....
2.1.Portret van een doe-het-zelver
2.2.Nederlandse uitgevers
2.3.Charuba
2.4.Illustratoren: vreemd en eigen
2.4.1.Wop Sijtsma
2.4.2.Giolina Henriquez
3.....en gelezen
3.1.Scholen
3.2.De jeugdbibliotheek op Curaçao
3.3.Kinderboekenweek op Sint-Maarten

Deel II MET WIE SCHRIJF IK?

 

Hoofdstuk 3. Siny van Iterson

1.Bio- en bibliografie
2.Over de Curaçaose boeken
3.Over de Colombiaanse boeken

 

[pagina 2]

Hoofdstuk 4. Sonia Garmers

1.Bio- en bibliografie
2.Werkwijze
3.Literaire prijzen
4.Over Orkaan en Mayra
5.Over Wonen in een glimlach

Hoofdstuk 5. Diana Lebacs

1.Bio- en bibliografie
2.Werkwijze
3.Over Sherry; het begin van een begin
4.Over de Nancho - serie
4.1.Nancho van Bonaire
4.2.Nancho matroos
4.3.Nancho niemand
4.4.Nancho kapitein
5.Over Suikerriet Rosy
6.Over Het witte licht

Hoofdstuk 6. Vier debutanten

1.Desiree Correa
1.1.Bio- en bibliografie
1.2.Over Mosa's eiland
2.Josette Daal
3.Frances Kelly
4.Richard Piternella

Deel III EEN LEZER OP EXCURSIE

 

Hoofdstuk 7. ‘Epe lijkt net Curaçao’

1.Wat niet weet, wat niet deert?
2.Over wederzijdse (voor)oordelen in Antilliaanse en Nederlandse jeugdliteratuur

Hoofdstuk 8. Surinaamse kinder- en jeugdliteratuur; een eerste verkenning

1.Enkele Nederlanders over Suriname
2.Surinaamse kinder- en jeugdliteratuur
1.Het begin
2.Thea Doelwijt
3.Indianen
4.Orale traditie
5.Petronella Breinburg
6.Mechtelly
7.Gerrit Barron
8.Jules Niemel
9.Rappa
10.Nederland
3.Chronologische bibliografie van in dit hoofdstuk besproken kinder- en jeugdboeken

Hoofdstuk 9. Op bezoek bij enkele Engelstalige Caraïbische auteurs

1.Inleiding
2.Over V.S. Reid
3.Over A. Salkey
4.Over Jean D'Acosta
5.Chronologische bibliografie van de in dit hoofdstuk besproken en gebruikte Engelstalige jeugdboeken

Hoofdstuk 10. Nanzi, Caraïbiër van Afrikaanse herkomst

1.‘Anansie heeft de zwarte man de lach gebracht’
2.Het orale karakter van de Nanzi-verhalen
3.Nanzi in het web van het geschreven woord gevangen
3.1.Curaçao
3.2.Suriname
3.3.Jamaica
3.4.Nanzi komt naar Nederland
4.Bibliografie
4.1.Enkele verzamelingen van Nanzi-verhalen
4.2.Enkele studies over Nanzi-verhalen
4.3.Nanzi-verhalen voor kinderen en jeugdigen die in dit hoofdstuk genoemd werden

 

prepostterug   verder