De Grietje bier.
Wel Grietje bier! wel Grietje bier!
Wat schreeuw je er weer op aan.
Zeg! komt er aanstonds weêr een bui,
Of, kan ik wandlen gaan?
Toe, vogel met je geele borst,
Toe, antwoord! kleine guit!
[p. 77]
Kom, zeg me toch, wat dat geschreeuw
Van: Grietje bier beduidt.
Of weet je zelf niet wat je zegt?
Wel, zwijg dan ook maar stil.
Mij dunkt, dat zou veel beter zijn,
Dan al dat raar gegil.
En toch is menig u gelijk,
Een rechte snappersbaas.
Die evenmin zich zelf begrijpt,
Al maakt hij veel geraas.
Die altijd snapt, als Grietje bier,
Verveelt een ander licht;
Hij loopt gevaar, dat men hem zegt:
Houd, snapper 't mondjen dicht.