[p. 16]
[p. 17]
De nieuwsgierige.
Toen Blaauwbaard eens op reis zou gaan,
Bood hij zijn vrouw de sleutels aan,
Maar voegde er tevens bij:
‘Ga in de kleine kamer niet,
Waarvan 'k u ook den sleutel bied,
In de andre staat 't u vrij!’
Maar ach! de vrouw verbrak haar woord
En 't kwam haar duur te staan;
Want, zoo als later werd gehoord,
Is 't haar zeer slecht gegaan;
Maar waar of wanneer 't is geschied,
Dat lezen we in het sprookje niet,