1)Messiaansche vaerz en werden, in mijn jeugd, naar zekeren mijnheer Mes of Mesz, die er een bol in was, de zoodanige genoemd, die maar in schijn rijmen, als ketent en rekent, koestaart en ploegzwaard, grijzaard en nijlpaard. Een voorbeeld leveren de volgende, uit een gedicht, op de promotie van twee mijner vrienden vervaardigd: