terug  begin  verderprepost
[p. 194]origineel

Tweede brief van den Schoolmeester.
Aan een beer.



illustratie

 
Het hart is goed; doch 't hoofd is zwak,
 
En drommels zwaar het daaglijksch pak,
 
Wel driemaal zwaarder dan mijn tas,
 
Dien kalen, lichten, leêgen zak,
 
Waar nooit een zilvervloot in stak,
 
Die nooit fameus als spaarpot was.
[p. 195]origineel
 
Bedenk dit eens op uw gemak.
 
En raak niet in een booze luim,
 
Als ik het schrijven soms verzuim,
 
En 't zenden van het lieve geld
 
Wat al te lang werd uitgesteld,
 
Omdat ik ‘ik en weet niet wat’
 
In 't hoofd, doch niets in 't beursken had:
 
Ai! lieve vriend! heb dus geduld
 
Met al mijn traagheid en mijn schuld.
 
Verbeeldingsvuur is uitgedoofd,
 
Het warlend brein is moêgesloofd,
 
Het matte lijf is krank geplaagd,
 
Het hijgend hert is afgejaagd.
 
Zie dus meêwarig als weleer
 
En vriendlijk op den balling neêr.
 
Aanvaard zijn schuldbelijdenis
 
En schenk hem uw vergiffenis. -
 
 
 
Vergeven is, vooral naderhand, steeds pleizierig,
 
En beter dan een pak slaag, ofschoon minder zwierig.


illustratie

prepostterug  begin  verder