[p. 294]
origineel
Grafschriften.
Op Karel I.
D
aar men my van mijn hoofd heeft ontbloot,
Zoo vind ik mijn kist toch wel wat al te groot.
[p. 295]
origineel
Op Poot.
Hier ligt Poot:
Hy is dood.
Op Bilderdijk.
Geen grafschrift zoo rijk
Als uw naam, Bilderdijk!
Op Leydschen held.
Wy waren drie broêrs; doch daar ik gesneuveld ben in 't beleg van Leien,
Zoo zijn we nu nog maar met ons beien.
Op tooneeldirecteur.
Wandelaar, hier ligt Jan G...,
Die wel wou dat hy 't mis had en dat UEd. het was.
Op N.N.
Dat Heertjen dat hier leit,
Dat is zijn leven kwijt.
[p. 296]
origineel
Op jeugdig fluiter
In dit kleine kistjen
Leit een jong fluitistjen.
Op aanspreker.
Deze Bidder had heel veel verstand van zijn zaken;
Maar zijn eigen dood heeft hy toch niet bekend kunnen maken.
Op kleêremaker.
Hier ligt een kleêremaker met kastanjebruin hair in de kist;
Dat zou je niet makkelijk raaien als je 't niet wist.
Op wekker.
Hoe langer hoe gekker!
Hier slaapt Jan de wekker.
[p. 297]
origineel
Op matroos.
Ik lig hier als een varken in mijn kist, potverblommen!
Ik heb al veel beleefd; maar zoo iets is my nog nooit overkommen.
Op génereusen Jood.
Die my hier weêr uithelpt, 't zij door geweld of list,
Krijgt ƒ2,50 vrij geld, benevens het hout van de kist.
Op naarstige juffer.
Men kan alle dingen zoo maar van te voren niet weten,
Anders had ik nou in mijn eenzaamheid mijn breiwerk niet vergeten.
Op iemand zonder neus.
Ik kan toch meer zeggen, dan de meeste lijken,
Dat je my namelijk nooit op mijn neus hebt zien kijken.
Ander.
Men heeft my nog nooit met reden kunnen verwijten,
Dat ik er pleizier in had, zakdoeken te verslijten.
[p. 298]
origineel
Nog een ander.
Dit verwijt durf ik gerust van my afschuiven,
Dat ik veel geld zou verknoeid hebben met snuiven.
Op eenoog.
Gy hebt minder van my gezien dan ik van U
O wandelaar, vat gy dit nu?
Op stomme.
Ik heb nimmer den gulden regel gebroken:
‘'t Is beter gezwegen dan onwaarheid gesproken.’
Op iemand vermoeid.
Wandelaar, om u de waarheid te zeggen,
UEd. kunt zoo moei van 't loopen niet zijn als ik van 't leggen.
[p. 299]
origineel
Op iemand beleefd.
UEd. hebt u moei geloopen, wandelaar, en ik heb my moei gelegen.
Zullen we malkaêr eens aflossen, of hebt UEd. er ook iets tegen?
Op iemand ontevreden.
Zeg, wandelaar, zeg,
Je moet niet denken, dat ik voor mijn plezier hier leg.
Op zuigeling.
Hier ligt een kind, dat zich doodgezogen heeft;
Gy begrijpt het solaas van de min, die nog leeft.
Ik of gy?
Zoo gy, als ik moet, hier moest blijven,
Gy zoudt mijn grafschrift thands niet schrijven.
Was ik, als gy zijt, hier gebleven,
Ik had uw grafschrift niet geschreven.
[p. 300]
origineel
Op kerkhof.
Waar kan men zich een beter school practiseeren
Dan deze, om aan de menschen het zwijgen te leeren?
Op Jodenkerkhof.
Hier liggen er twintig van de natie,
Te voren vol lawaai, thands zonder conversatie.