terug  begin  verder
[p. 77]

Boven ‘Pij en Burnous’+

Para ‘Albertito’+

 
Ik weet dat boven ‘Pij en Burnous’
 
mijn hart steeds
 
zzw wil varen
 
om Agnes die ik kuis behield
 
voor wie de eindeloze jaren
 
plantagestil
 
en in gezelschap van
 
een land vol bladeren
 
zijn weggeëbd.
 
 
 
Ik weet
 
de aap van mijn verlangens
 
sprong op en af
 
tak op tak af
 
jaar in jaar uit
 
de kromming in zijn rug
 
deed laat in het seizoen
 
de hartstocht naar geluk
 
nauwelijks bedaren
 
het leven bleef hem steeds
 
een groene droom:
 
 
 
Een web
 
waarin weer elke dag van leven
 
een draad wordt
 
die het hart verbindt
 
 
 
met het eenmaal dichterlijk gegeven
 
dat in elk werk
 
zijn queeste herbegint...
[p. 78]
 
naar het onaanrandbaar schoon
 
van boven de rivieren
 
en het zand waarin God
 
schrijven deed ons
 
leed en onrecht
 
haat en nijd
 
en al die medemensgevaren
 
geluk en ook de bittere strijd.
 
 
 
Ik weet dat
 
boven Pij en Burnous
 
mijn hart steeds
 
zzw wil varen
 
om Agnes die ik kuis behield.
 
Nog is mijn hartstocht
 
niet bekroond
 
mijn reis terug
 
is niet zonder gevaren
 
Is daarom Bel Exil nog onbewoond?

+‘Pij en Burnous’: verwijst naar de titel van een bundel reisverslagen van Helman en Kuyle
+Albertito: Albert Helman
terug  begin  verder