terug  begin  verder
[p. 30]

Bhai

dhan ka dukhra
(Rijste-Smart)
 
Slechts zij, die uit rijst geboren zijn
 
Slechts zij, die in rijst zijn opgegroeid
 
Slechts zij, die door rijst gestorven zijn
 
Kennen alleen de jammerklacht der halmen.
 
Want weet, dat iedere groei
 
in wezen sterven is
 
en iedere bloei vergaan.
 
Zo weet dan ook, dat iedere oogst
 
zeer smart'lijk is.

 

khali pyala
(een leeg glas)
 
Ik ben een glas - leeg -
 
dat staat te wachten
 
op een tafel,
 
in een onbewoond vertrek.
 
Ik heb geen verlangen,
 
maar ben tevreden,
 
als ik ooit
 
iemand laven mag.
[p. 31]
kaun jâne
(wie weet)
 
Misschien ben ik een zucht,
 
stil in een mens;
 
een zaad, verborgen in een vrucht,
 
een beeld in marmer,
 
vuur in steen,
 
kracht in hout,
 
zanger in een kind,
 
dichter in een mens...
 
Misschien.

 

tussen de schelpen
 
Ik leef op de bodem
 
van de zee
 
ver van den mensen
 
verscholen
 
tussen de schelpen
 
zonder ogen
 
zonder mond.
 
Mijn taal is
 
de duistere stilte
 
mijn klank
 
is het eeuwige zwijgen
 
van de zee.
 
Zo leef ik
 
verborgen tussen de schelpen
 
op de bodem
 
van de zee.

terug  begin  verder