terug  begin  verderprepost
[p. 13]

Verantwoording

Siegenbeeks oratie uit 1797 verscheen drie jaar later in druk bij de Leidse uitgever L. Herdingh, samen met zijn tweede oratie, uit 1799: Twee redevoeringen, gevolgd van aanmerkingen, tot het onderwerp der laatste betrekkelijk (Leyden 1800). De eerste redevoering uit deze uitgave is hierna letterlijk overgenomen, op de correctie van vijf evidente drukfouten na; de lange s in de oorspronkelijke tekst is vervangen door een gewone s. In de inleiding spreekt Siegenbeek de hoop uit dat ‘[...] derzelver uitgave misschien de zucht ter beöefening der Vaderlandsche letterkunde eenigermate zou kunnen verlevendigen.’

Literatuur

-Antoine Braet, ‘Taalbeheersing: van de welsprekendheidsleer van Siegenbeek tot de communicatiekunde van Drop’. [Te verschijnen in een bundel artikelen over de geschiedenis van de neerlandistiek, onder redactie van J.W. de Vries, eind 1997.]
-W.J.A. Jonckbloet, Het professoraat in de Nederlandsche taal en letterkunde. Rede, uitgesproken bij de aanvaarding van het hoogleeraarsambt aan de Leidsche universiteit. Groningen 1877.
-Menno Liauw en Leon van de Zande: Aen doorluchtige voorgangers hapert het niet; een geschiedenis van de neerlandistiek. Utrecht 1996. Interne publicatie van de Vakgroep Nederlands, RUU.
-S. Muller, ‘Levensbericht van Matthijs Siegenbeek’, in: Handelingen der jaarlijksche algemeene vergadering van de Maatschappij der Nederlandsche Letterkunde te Leyden. [Leiden] 1855, pp. 83-135.
-Jan Noordegraaf, ‘Het begin van de universitaire neerlandistiek: Franeker 1790?’, in: Tydskrif vir Nederlands en Afrikaans 2 (1995), pp. 43-53.
-W. Otterspeer, De wiekslag van hun geest. De Leidse universiteit in de negentiende eeuw. Den Haag 1992. Hollandse historische reeks 18.
-E. Sjoer, Lessen over welsprekendheid. Een typering van de retorica's van de eerste hoogleraren in de vaderlandse welsprekendheid in de Noordelijke Nederlanden (1797-1853). Amsterdam 1996. Diss. Leiden.
-G.J. Vis, ‘Leiden ontzet, Leuven in last. Nederlandse letterkunde aan de universiteit, 1800-1850’, in: Handelingen van de Koninklijke Zuidnederlandse Maatschappij voor taal- en letterkunde en geschiedenis 43 (1989), pp. 146-147.
-G.J. Vis, ‘23 september 1797: De doopsgezinde predikant M. Siegenbeek inaugureert te Leiden als “professor eloquentiae hollandicae extraordinarius”. De professionalisering van de neerlandistiek’, in: M.A. Schenkeveld-van der Dussen (hoofdred.), Nederlandse literatuur, een geschiedenis. Groningen 1993, pp. 394-402.
[p. 14]



illustratie
Matthijs Siegenbeek. Lithografie door L. Springer [z.j.]. Naar Davidson. (Collectie Academisch Historisch Museum, Leiden.)

prepostterug  begin  verder