terug  begin  verderprepost
[p. 16]

Document A-I

Beschrijving

Twee dubbelbladen en zestien enkele bladen.

De twee dubbelbladen zijn afkomstig van een schrijfboek van folioformaat; gelinieerd papier.

Het eerste dubbelblad is beschreven op de tweede versozijde na; deze vertoont een niet nader te identificeren tekening in potlood. De bladen zijn door Slauerhoff niet gepagineerd. De editeurs hebben de beschreven bladzijden genummerd: [1] tot en met [3].

Het tweede dubbelblad is wel door Slauerhoff gepagineerd: 4 tot en met 6. Deze pagina's zijn met de onderkant boven beschreven. De laatste bladzijde is niet genummerd en is met de bovenzijde boven beschreven; de tekst beslaat slechts een kwart van de pagina en is in zijn geheel door Slauerhoff doorgestreept. Dit alles betekent dat Slauerhoff, na blad [3], eerst de ongenummerde bladzijde van het tweede dubbelblad gebruikte, zijn tekst vervolgens doorstreepte, het dubbelblad van zich af omkeerde en op de achterkant van het dubbelblad voortging, waarbij hij de tekst door nummering liet aansluiten bij die op het eerste dubbelblad.

Tekst: inkt; hier en daar veranderingen, doorhalingen en toevoegingen in gewoon en paars potlood.

De zestien enkele bladen bevatten eveneens tekst in handschrift. De tekst sluit aan bij bladzijde 6 van het tweede dubbelblad.

Het eerste tot en met het vijftiende blad is gelinieerd postpapier, met als watermerk een wapen waaromheen binnen twee cirkels: archipel Bank Padalarang; links boven is het bedrukt met: Java-China-japan lijn; rechts boven: s.s. .... | te.... 192.... De bladen zijn door Slauerhoff als volgt genummerd: 7, 8, 8, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 20, 21, 22.

Het eerste tot en met het zesde blad en het achtste tot en met het vijftiende zijn alleen recto beschreven, met inkt. Het zevende, genummerd 13, is recto met inkt en verso met potlood beschreven. Eveneens met potlood zijn naderhand op alle bladen door Slauerhoff toevoegingen of verbeteringen aangebracht, behalve op de bladen 13, 20 en 22.

Het derde blad is bij vergissing met 8 in plaats van met 9 genummerd. Eveneens bij vergissing is het nummer 19 overgeslagen; de tekst loopt gewoon door.

Het zestiende blad is van kwartoformaat, het papier is gevergeerd, met watermerk: India Bank | Extra Strong | 5581; ongelinieerd. Het blad is door Slauerhoff gepagineerd: 23 en 24. Beide zijden zijn met inkt beschreven. De onderste helft van bladzijde 24 is gevuld met een schetstekening. Deze tekening stelt Macao voor, uit de verte van de zee uit gezien. Eronder staat: Macao.

Datering

Januari 1927 of iets later.

[p. 17]

Tekst

+§1

Ook de Zuid Chineesche zee heeft zijn doode steden. Wel minder talrijk, verder van elkaar dan die ⟨- welke⟩ rondom de Zuiderzee in het China van Europa liggen. Maar daarentegen grooter, door het ⟨- ver⟩groot verleden waarvan zij de open gra⟨- fm⟩ven zijn. Daarginds, herinneringen aan een handel die is weggekwijnd ⟨- een⟩ aan havens die zijn verzand en koopmansgeslachten die zijn uitgestorven. Niets meer dan dat een handel die niet meer wilde bloeien. Het is niet groots[ch] niet tragisch. □ Hier/;/1 de ondergang van twee wereldrijken, gestorven het laatst /juist/2 in hun verste nederzettingen. die nog lang een eigen leven hebben voortgezet en de geschiedenis van deze zeeen eeuwenlang hebben beheerscht. □ Manila en Macao, Spanje en Portugal de ⟨- landen⟩rijken die de eerste niet schatting brengende gezantschappen zonden naar den Troon ⟨-dus⟩van het Hemelsche Rijk Manila en Macao. aan weerszijden der Chineesche Zee. nu drie en vroeger tien dagreizen van elkaar verwijderd. En toch voortdurend in wrijving ⟨- d⟩met hun uitbreidende invloed[s]sferen. /beiden begeerige vloten en ijverige missies loslatend op Japan./3

Nu heerschen de beide andere ook verwante doch vijandige wereldmachten hier. /Engeland in Honkong voor Macao Amerika ⟨- in⟩op de Phil[l]ippijnen voòr het Intramuros4/5

Naast het sombere in zich zelf gekeerde ⟨- i⟩Intramuros met zijn wallen en vervallend⟨- ende⟩e kathedralen verrijst een hooge Amerikaansche stad.

Voor Macao zijn handel aftappend en het doodend door zijn ⟨- over⟩macht over de wateren door zijn diepe onvergelijkelijk gunstig gelegen baai/,/6 ⟨- ligt⟩ onneembaar op zijn eiland ligt Honkong, Victoria7 de parel der Engelsche koloniën. - Gibraltar Malta Singapore geen dezer ⟨- verlee⟩ zet zooveel glans bij aan de Engelsche kroon.

Hongkong heeft alles wat een /ideale/8 vestiging ⟨- wenschen kan⟩ /behoeft/9, haven aanleg. ligging natuur. De haven is diep groot beschut /ook bij typhonen/10. Klimaat zeer mild. het eiland schoon ⟨- en⟩/zeer bewoonbaar/11 onneembaar. Honkong laat +Macao ver achter zich. ⟨- h⟩/vier/12 eeuwen, hoewel het vier uur || varen verwijderd ligt

[p. 18]

Honkong neemt Macao alle schepen af. alle toeristen alle glorie die handel en welvaart geeft. □ En laat ⟨- he⟩de geminachte de ⟨- achterui⟩ in verval geraakte wat het zelf niet heeft: een levend verleden. een uitzicht dat verder reikt dan ⟨- zi⟩tot grillige eilanden en wonderlijk verlichte kimmen; een uitzicht tot diep in de XVIe eeuw ongehinderd door alles wat de ....13 ⟨- van⟩ de XXe ⟨- uitmaakt⟩ /zoo hinderlijk luidruchtig eigen is/14 dokken, mailsteamers, ferry's lichters. arsenalen. □ /Maar ook Fan Tan15./16

Neen geen enkel schip, niet de ellendigste tramp stoomt door naar Macao, eertijds de grootste haven van Oost Azie.

Een paar minuscule pantserkruisers van een alleen in revolutie's roemrijke marine. een enkel zeilschip⟨-,⟩/./ ⟨- e⟩/E/n17 de jonken ja talrijke jonken ⟨- ⟨+ be⟩zwermen⟩ /bevolken/18 ⟨- ove⟩ de reede maar... aan de Chineesche zijde van het schiereiland dat Macao in zee draagt dat het Hemelsche rijk zoo ver mogelijk van zijn hart afhield, vreezend der barbaren besmetting □ Maar de jonken behooren toch evenzeer tot die vervlogen eeuwen. met hun hoogopgetrokken vierkante zeilen hooge achtersteven en voorovergebogen vaart.

⟨- En als laatste⟩ ⟨- Als eenig s⟨- c⟩toomsch⟩

⟨- De jonken zeilen uit ⟨- met he⟩ voor het eerste daglicht en keeren tegelijk met het invallend duister, als lage wolkenscharen.⟩19

De kleine kruisers liggen roerloos ter reede. Een half uur na het avondschot20 ste[e]ken twee sloepen over naar den dam aan t einde der zandbank, de officieren rijden in de ricks[c]haws die daar uren wachtten naar ⟨-El⟩/de/ Grunbo[?]21 de militaire club die zoo dicht /en ⟨- be⟩lommer⟨- l⟩rijk/22 aan t water ligt als een Chineesch paviljoen. De matrozen verliezen zich in de stad, drinken porto ⟨- aan⟩ in Chineesche drankhuizen verspelen enkele dollars in het Fantan lokaal en verdwijnen in de lupana⟨- res⟩rs23

+De kleine dagbooten die het verkeer met Honkong en daarlangs met de wereld onderhouden komen en vertrekken tweemaal daags. En dit is een gebeurtenis door velen dagelijks opgelet met de belangstelling die een kleine stad heeft voor haar schaarsche verb⟨- a⟩/i/nd/ingen/24 met ⟨- de⟩een buitenwereld.

Ik was vroeger op een eiland waar het aankomen van de postboot eenmaal daags door de geheele bevolking werd bijgewoond - als een plechtigheid. Een ritus was het ook het

[p. 19]

voorkomen der vreemdelingen te bespreken die het eiland betraden. Het was een klein eiland25 van een klein land. /Zoo voor Macao de Sui Tan26/27

⟨- Macao is een stad van ⟨- een⟩het grootste rijk der aarde. □ Het is niet te verwonderen dat niet iedereen naar de boot kijkt dat een vreemdeling geen Amerikaan of Duitscher zijnde, ⟨- wel⟩ soms tamelijk ⟨- op⟩onopgemerkt kan passeeren⟩28

□ In en uit Honkong varen daags tientallen schepen vertrekken en arriveeren honderden toeristen en zakenlieden worden op de schepen die naar de Straits29 en Java varen duizenden ge[e]le immigranten geteld.

En velen weten het beurtschip dat 's morgens en 's middags naar Macao afvaart niet eens te liggen -

En weten nog veel minder welk een wonder vier uur varen van Honkong ligt.

Ook ik wist het niet/,/ ⟨- toen ik⟩30 een vroegen killen ochtend uit het ⟨- heerlijk⟩ /weelderig/31 hotel rillend in een rickshaw naar die boot ⟨- reed.⟩ /rijdend/31 ⟨- ⟨+ toen⟩⟩32 onderweg mijn biljet verloren bleek ⟨- en toen⟩ /en/33 mijn koffer en ik in een kwalijkriekende vuile hut terecht kwamen. op een overvol schip waar meer gekrijsch en gejoel heerschte dan op de grootste mailboot bij vertrek ⟨- Ik⟩ was /ik/33 deerlijk ontstemd en had spijt zoo vroeg uit mijn heerlijk bed gekropen te zijn. Waarom dit bed zoo heerlijk was⟨- .⟩/?/33 Ach een gewoon hotelbed. Maar wie een week in een scheepskooi ⟨- w⟩van wand tot wand werd gerold in de engte van hooge schutplank en harde hutmuur hij weet welk een weelde het is in ⟨- x⟩ een bed te slapen waar men als men wou dwars in liggen kon.

+[tekening]34

+⟨- Ik zal niet pogen U mijn ontstemming mee te deelen. □ De ⟨- typische⟩ Chineezenlucht het ⟨- ei⟩vreemd gekreun waarmee de koelies hun werk begeleiden men moet het ⟨- meegemaakt hebb⟩ ⟨+ zelf⟩ aan de zintuigen hebben ervaren om het in de ziel te lijden □ Liever wil ik U de verrassing laten deelen die mij wachtte eenige uren later. die mij eenige dagen in voortdurende verrukking hield.

⟨- Het kleine schip is 2⟩

[p. 20]

⟨- Wel⟩ De Sui Yan35 vaart laag onaanzienlijk de ⟨- haven⟩ ⟨+ baai⟩ door de⟩36

 

+Het rythmisch gekerm der zwoegende koelies, de Chineesche stank in deze smalle gangen sterker dan ergens, het gezeur der boy's of ik chow chow37 wensch⟨- te⟩38 dit alles bracht mij zoo uit mijn humeur dat ik Macao en de heele Far East naar alle demonen wenschte die men er aanbid[t]. en bijna was afgestapt □ Gelukkig was de Sui Yan zoo goed op dat moment de wal los te laten. En dadelijk schikte ik mij in het fait accompli en ontvluchtte stank en rumoer op het dak van [het] schip waar een ijzren kooi de machinekap bescherm⟨- ende⟩de en de brug tusschen dikke pantserplaten veilig lag voor overval.

Een smalle deur ging open in de grijze muur een oud sloffend man kwam er uit ⟨- e⟩Een woestuitziend soldenier sloot de deur weer met een zware sleutel af.

De grijsaard kwam sloffend nader. De drie stre[e]pen op zijn vuile mouwen bewezen dat hij kapitein op dit gevaarlijk schip was. Een Australiër. zonder pensioen die een rustige oude dag sleet als beurtschipper.

□ Ik ⟨- deel U⟩ breng U het gesprek dat ik met hem voerde niet over. Ik verstond er weinig van -. Gij zoudt er nog minder van verstaan... Maar het slot was een vaderlijke waarschuwing. tegen het Fan Tan. de chineesche roulette.1 □ No system wins.. the ⟨- tru⟩ purest beats it all

Het toeval gunt mij de eer ⟨- met een⟩ van een aanzienlijk medereiziger. Een heusche bisschop met zilveren haren, een groot zilvren kruis op de borst ⟨- en een gevolg van stompzinnig uitziende monniken echte ‘bêtes de la religion’. - De bisschop heeft fijne trekken ik heb zijn illusie maar niet verstoord.⟩39 /Later ontmoette ik dit heerschap weer op den Boroeboedoer nog later in de Sketch waar hij een partij tennis met Helen Wills bleek te hebben gespeeld. Het was de bisschop van Londen/39 Ik heb zijn zegen niet gevraagd.

□ Eenige flets uitziende senhora's. Dikke Chineesche kooplieden met tengere ⟨- fr⟩ vrouwen en bijzitten /Z⟨-ij⟩iedaar de bevolking der 1e klasse/

 

1) In de speelmethoden komt alweer de antithesis tusschen Oost en West uit - Wij hebben de nerveuze korte spanning van het rondtollend balletje zij het langzame tellen van de fiches onder een schaaltje. Eindelijk een rest 1, 2, 3 of 4. Waaruit de Chineezen halverwege reeds het vermoedelijk overblijvend aantal berekenen is volkomen raadselachtig

[p. 21]


illustratie
2. J. Slauerhoff (1898-1936).

[p. 22]

+Ik be

Wij blijven ⟨- berge⟩ rotseilanden en yonken ⟨+ voorbij⟩varen

Het reisgezelschap ⟨- is⟩prikkelt de geest niet tot gissingen of gesprek. En mijn nachtrust was zoo kort de machine ⟨- w⟩stampt eentonig. Wie duidt het mij euvel dat ik inslaap ----

 

Een danseres met ⟨+ bronstige⟩ castagnetten ontvlamt mijn liefde □ Zij verlaat de danszaal, ik volg haar. Zij wordt een non met een rozenkrans. Ik blijf haar trouw jaren. tot zij een heiligenbeeld met gevouwen handen voor haar nu steenharden boezem wordt. en ik lig voor haar geknield. Hoelang?

 

In elk geval zoo lang dat ik stijve ledematen krijg en krakend opsta. Ja lang moet het geleden zijn dat ik uit ⟨- het⟩ Honkong, de Engelsche ⟨- kolo⟩ stad in ⟨- o⟩Oost ⟨- z⟩ ⟨- China⟩Azie ben vertrokken, om hier in de Middellandsche zee aan te komen. Waar weet ik nog niet. ik vermoed in de Spaansche kuststreek tusschen Valencia en Barcelona □ Ik zie een kathedraal op een rots een witte vuurtoren huizen met open loggia's en een prachtige promenade in een bocht rond de baai. Maar - d⟨- an⟩aar staat met reuzen letters op een rots Hotel Boa Vista. dus in Portugal? dat heeft geen mediterrane kusten □ Het schip verandert van koers en ik zie o schrik, dat de trotsche kathedraal alleen een facade [lees: façade] is daarachter ligt [lees: liggen] niets dan steenhoopen. □ Nu komt er zicht tusschen de beide heuvelen door tusschen het fort en de vuurtorenheuvel □ Daarachter zie ik onmiskenbaar, Chineesche daken. □ Waar ben ik in China of in Zuid Europa

□ Het schip vaart een rots rond. een kale helling. en dan... China onloochenbaar een haven vol yonken een kade vol geel gewriemel. een huizenrij met loodrechte⟨- e⟩ neerdalende karakters, smalle stegen en de lucht de bekende stank van visch frites zweet, ach wat niet al

+□ Het is een droom geweest, ⟨- wij zijn⟩ ⟨- in⟩een ⟨- 't⟩oogenblik de ballingschap in t verre Oosten opheffend. ⟨- een droom van⟩

De boot legt aan koelies nemen hem stormenderhand. □ Langzaam langzaam banen wij ons een weg door de menigte door de ongeloofelijke stapels bagage die op schip en steiger staan. □ ⟨- Honder⟩ Tien honderd rickshaws oms⟨- l⟩ingelen de reiziger ⟨- die struikelt over de⟩ Een rit door smalle straten langs winkels, Fantan huizen en hooggevensterde dikgetraliede gebouwen de barracoons40 de stapelplaatsen van contractkoelies oftewel slaven. die van hier tot 1867 werden uitgevoerd, van Honkong nog heden, al schijnt de menschenhandel daar humaner omdat men op een eiland niet zooveel behoefte aan traliehokken heeft.

Plotseling - ⟨- weer in den droom⟩[?] weer van wa⟨- ken⟩/ak/ in droomen gevallen? Een plein een park banken een fontein links een kathedraal rechts een paar hooge witte gebouwen waarvan een het ⟨- Gobernado⟩ ‘Casa da [lees: do] Senado’. een ander het postkantoor. □ En met een zwenking de verrukkelijke zeeboulevard breed en

[p. 23]

wit met banken en balustrade aan de zeezijde, ⟨- met hooge⟩. Hier wil ik in geen ricks[c]haw rijden ik stap uit en loop voorop. de zeewind doet de boomen zacht ruischen. de baai is verlaten. de huizen doodstil. □ Op de praya gaan enkele rijtuigen in zachten draf voorbij.

Daar sta ik tegenover de rots waarbij ik ontwaakte of begon te droomen. Hotel Boa Vista, het hotel is honderd meter boven mijn hoofd. Langzaam beklim ik de zigzag weg naar boven en vijf minuten later zit ik in een hotelkamer. naakt en koud ⟨- een ⟨-pl⟩bed een⟩ op een planken vloer een bed een waschtafel twee houten ⟨- stoelen een⟩ fauteuils en een ⟨- minuscuul⟩ /wrak/ tafeltje.

Maar om twee zijden loopt de loggia die ik ⟨- ik⟩ heelemaal voor mij alleen heb. Evenals de tuin daaronder vol zon en schaduwplekken, [open ruimte]

+Naar beide zijden buigt de Praya Grande41 zuidwaarts eindigend in een lommerrijke tuin noordwaarts om de rots verdwijnend die het fort draagt, Monte.42

De steile rotswand scheidt ⟨- bo⟩deze plek Boa Vista van het achterliggende. In de baai zijn geen yonken te zien alleen de twee kleine kruisers aan de kim.

Trapsgewijze, alle[n] met de open verandahs de boogramen in grijzen steen omringen de gebouwen de reede en steken uit boven de kam van de heuvelen. Het aller⟨- g⟩hoogst de kathedraal Sao ⟨- on⟩Antonio. en de gevel van Sao Paũlo [lees: São Paulo] en de witte zuil van de vuurtoren Guya43.

Tusschen de huizen steken de boomen /hun knoestige takken/ ⟨- hebb⟩ hun hoekige kronen op. als groene ⟨- ko⟩ luchters □ ⟨-D⟩Over de Praya rolt een ouderwetsch rijtuig heel langzaam een draagstoel klimt ⟨- bij⟩tegen een helling ⟨- op⟩. □ Geen Chineesch dak laat zijn hoornen tusschen het geboomte zien. □ Als een oude gravure zoo scherp afgeteekend ligt Macao tegen het zwaar azuur van de middaglucht □ Zelfs de wolken die er boven drijven ⟨- zijn⟩ hebben duidelijke omt[t]rekken en zijn zacht gevederd, als met de naald geteekend. China komt ⟨- er⟩ niet ⟨- op⟩ ⟨+ voor⟩ op dit tafreel □ Het treedt weer binnen met een oude boy die water brengt.

+Het is oudejaar/./ ⟨- a⟩/A/chter mij ligt een jaar onafgebroken varen ⟨- op⟩ van Indie op China ⟨- w⟩voor⟨- d⟩tdurend in de Oostersche wereld. ⟨- Ik had⟩ voortdurend gebonden aan het eng bestaan ⟨- ⟨- van⟩/eigen/ het scheepsleven⟩ /van den schepeling/. Ik schuwde het leven in een kleine gemeente ik werd gebond[en] aan de smalste die op aarde bestaat, en nog in Oost Azie blijft de Hollandsche beperktheid mij kwellend omringen. ⟨- nee⟩ slechts te ontvluchten in een sfeer ⟨- waar⟩ ⟨+ die⟩ de Engelschen met hun verwatenheid en verveling hebben vervuld (Honkong etc)

□ Welk een verademing ⟨- leven⟩ te dwalen door ⟨- deze⟩ een stad van oude beschaving door niemand gekend maar toch door enkelen gegroet, waar vrouwen in een klein tuintje zich bloemen in de zwarte haren vlechten □ Welk een wonder op de laatste dag van een jaar in ⟨- ba⟩⟨- v⟩ballingschap aan te landen in een overblijfsel van ⟨- de Latijnsche⟩ mediterrane cultuur

Zulke diepzinnige gedachten hielden mij toen niet bezig. □ Ik voelde mij⟨- n⟩

[p. 24]

⟨+ alleen⟩ in volkomen harmonie met mijn omgeving voor het eerst ⟨- si⟩weer sinds maanden en maanden. en d⟨- a⟩it geeft een soort geluk onvergelijkbaar met die waarin het leven zich uit.

Macao was eenzaam vervallen en ⟨- ve⟩afgemat ik was het ook, Macao bestond in eigen aparte schoonheid ⟨- ondanks de overweldigende maar afzichtelijke bloei van ⟨- h⟩de handel en industrie⟩ ⟨+ voort⟩ ondanks Honkong. Engelsche suprematie verlies van koloniën. verrotting van het moederland. □ Het bestond als door een wonder. Waarom zou ik dan geheel ondergaan?44

+Dien eersten middag heb ik geen ⟨- hi⟩ monumenten gezocht. Ik heb gedwaald door ⟨- het⟩de portugeesche stad de overgangen naar de Chineesche wijk vermijdend □ Dit is niet moeilijk de helft van t schiereiland uitziend op 't lage Ilha Verde is Portugeesch de andere tegenover ⟨- het⟩ ⟨+ de⟩ eilandberg Lappa hooger dan de Honkongpiek en nog op den huidigen dag piratennest is Chineesch. Slechts ⟨- op⟩ enkele ⟨- plaatsen⟩ ⟨+ straten⟩ vertoonen een grillige afwisseling van Europeesche en Chineesche huizen □ Door de lengte van Europeesch Macao loopt stijgend en dalend, kronkelend en zigzag. naar de berghelling 't wil de Rua Central. Ter weerszijden klimmen doodstille patio's de berg op af [lees: of] dalen naar de Praia, zoodat men vanuit deze ⟨- ⟨+ d⟩⟩ ⟨- binnenlandsche nede⟩ ⟨- straat soms even⟩ straat waar men zi⟨- g⟩/ch/ in t midden van t Iberisch schiereiland waait [lees: waant] soms even de zee kan zien. Alle huizen schijnen kloosters behalve die waar Chineesche oudheden of schelgekleurde heiligenbeelden achter de ramen staan. Door deze straat trokken vroeger de beroemde processies met Christus en Veronica aan het hoofd [en] ⟨- door⟩ /Veronica voortdurend met den zweetdoek Christus het gelaat afvegend de menigte weeklagend en zich bekruisend/ □ Nu kom ik een enkele monnik of non tegen ⟨- st⟩ veel kinderen allen stil en bedaard onder de hoede van hun Chineesche Amma [lees: amah45].

 

+Ik beloofde bij t begin van de wandeling geen monumenten te gaan bezichtigen. en dwaalde de stad uit door een lang smal park tusschen een huizen en een heuvelrij. Was t mijn schuld dat ik plotseling voor een gedenksteen stond ter eere van de nederlaag door de Hollanders heir [lees: hier] 23 Juni 1622 geleden. Een vloot van 17 zeilen een landingsdivisie van 1300 man. konden Macao verdedigd door 150. niet innemen en werden afgeslagen met bloedige verliezen. t Is waar de Jezui[e]ten bedreven in astronomie zoowel als artillerie schoten mee. t Is waar de H. Johannes ving de Hollandsche schoten in zijn mantel op, en negerinnen vochten mee, dat zijn geduchte vijand⟨- e⟩/i/n/nen/ □ Laten wij ons maar niet schamen.

Ik bewandel nu de weg die zich om de Guya heuvel omhoogwind/t/. In de diepte ligt eenerzijds[ch] een verlaten kerk met ⟨- b⟩holle vensters en enkele graven er om heen anderzijds[ch] de ge[e]le strandvlakte het is eb geworden met de kleine kruisertjes aan de rand. Hier is de aanleg van de haven die Macao /ooit/ groot zal maken en de

[p. 25]

verrukkelijke Praia en de stille baai zal verduisteren met steigers goedangs46. lichters +die de stille straten zal vullen met luidruchtig || zeevolk en lupunars [lees: lupanars47] doen verrijzen. [waa⟨- n⟩r] /terwijl/ nu de zonde alleen in discrete ⟨- danshuizen word⟩48 /gesloten huizen/ wordt bedreven. □ Netherland Harbour works. ⟨- H⟩/h/et is niet vriendelijk van mij dat ik op mislukking hoop - /van uw arbeid/ Het is ook eigenlijk noodeloos, want zelfs een haven zal Macao niet uit zijn doodsslaap wekken. □ Opium thee en visch om dat te vervoeren zijn er geen zeekasteelen noodig, een groote yonk doet het evengoed.

Om spelers naar het Fan Tan49 te voeren zullen nooit mailsteamers hier aanleggen.

Macao is veilig voor den handel. een reliquie, alleen door geestelijken de moeite waard geacht. □ Het aantal congregaties is groot. Ik zie een stoet van veertig paters aankomen. De oudsten in rickshaw's de anderen in twee gelederen ernstig. bedaard - Zij verdwijnen in een tuinpoort

□ Onderwijl valt de avond, snel. we zijn maar even beneden de keerkringen. Het avondrood staat strak boven het Ilha Verde zoodat het lijkt of een kolossale Portugeesche vlag tegen den einder is ⟨- u⟩gespannen. □ Daarvoor defileer⟨- en⟩t de yonkenvloot terugkeerend in de haven, traag ⟨- en voor⟩zeilend voorovergebogen50 als waren ze moe en overladen.

Dan valt ook het avondschot51.

+Deze avond voel ik mij toch eenzaam. In den middag was de stad zelf mijn ⟨- gulle⟩ goede gastheer ⟨- zijn⟩ □ Nu deze laatste avond van het jaar een paar porto's drinken in [lees: aan] een Chineesche toonbank waar alleen een paar portugeesche marinesoldaten met ringbaarden in ruwe gezichten voor staan ⟨-, en⟩/, Dan/ een paar dollars verliezen in een der stoffige en rookerige Fan Tan saloons waar men over een balustrade op de koelies die met kopergeld spelen neerkijkt, dat is triest en verlaten.

Ik wandel naar Boa Vista terug langs de duistere Praya. De ⟨- bo⟩wind mompelt in de boomen de branding klaagt aan de wering/en/ op de banken zit geen sterveling. in de gevels zijn vele vensters verlicht - Nu is Macao n wildvreemd oord voor mij en ik begrijp niet wat ik hier doe in een hoek van Azie waar geen mensch mij kent □ Alleen de slaap geeft een vertrouwde schuilplaats

 

En toch het ware bekoorlijker geweest hier niemand te leeren kennen. t Is waar i⟨- s⟩k zag even in t familieleven der oude Macaensche geslachten. □ ⟨- Maar in een ziekenhuis. een⟩ Maar de stad was meer zijn eigen legende gebleven, zou meer geheimen achter zijn muren bewaard hebben die ik later in verbeelding had kunnen +ontdekken. ⟨- Nu weet ik iets van het leven der kooplieden die voortgaan⟩ || □ Nu heb

[p. 26]

ik gezien hoe het leven achter die gevels heel wat minder exotisch is dan t zich vermoeden laat. □ Ik vond milieu's die sterk aan den tijd van Hildebrand deden denken met hun ovale familieportretten ouderwetsche meubels en patriarchale gezinsverhoudingen

Maar dien eersten dag en enkele avonden daarna heb ik het oude Macao gevonden alsof er geen sterveling en geen vergane generaties tusschen ⟨- mij en zijn ruï⟩ ons stonden,

 

Weet Gij wie de eerste ⟨- was⟩ mensch was met wie ik omging in Macao? Luis de Camões.52

Dien stillen middag waar⟨- in⟩ alles in Zondagsrust lag. ging ik op zoek naar de Grottô [lees: Grotto] of Patane53 zooals zijn woning ook wel heet.

Het was niet gemakkelijk te vinden ⟨- hij woont a⟩ vele kronkelstegen en trappen moest ik door, voordat ik de plek vond. waar hij schreef, ik zeg niet leefde, want ik ken zelf de ballingschap te goed en weet dat de balling leeft ergens duizenden mijlen ver. waar zijn lichaam ⟨- is, a⟩niet is, alleen zijn gedachten, die minder en minder gedachten ontmoet[t]en □ Ik stond eindelijk teleurgesteld voor een ⟨- tuin⟩ tuinhek waarachter een tuin en huis beide ⟨- in vrij v⟩ verwaarloosd en stijlloos mij +verdrietten54 || □ Toch ging ik het hek maar eens in en liep om het huis heen en niemand stoorde mij, allerminst het hupsche meisje dat in ['t] sou[t]terrain ⟨- voor een⟩ achter een halfopen raam. zich huiselijk bezighield.

Voorbij een ⟨- bloe⟩ plantenkas met ingevallen ruiten en omgevallen gewassen ging ik tot een begroeide rots een smal pad op, en vind/,/ goedverborgen achter hoog⟨- g⟩begroeide rotsrand ⟨- Camoes en zijn grot⟩ /de Grotto/, een open hunnebed het meest gelijkend □ ⟨- Hij is⟩55 eenvoudig doch praalvol ingericht, zijn goedgelijkend borstbeeld staat op een ⟨- tafel in⟩ zuil in t midden om hem heen in marmer gegrifte fragmenten uit Tasso56 ⟨- en⟩uit de Lusiados57. een groet van Rienzi58 balling als hij. en een Chineesche inscriptie die hem eert als een wijze naar ⟨- L⟩Confucius hart.

Dit alles verdwijnt als ik hem zelf zie z⟨- ie⟩itten op een der ruwsteenen banken, ik herken zijn vermagerde trekken en smal gelaat ⟨- uitloo⟩ nog verlengd door de puntbaard, zijn vergane en toch staatsievolle kleedij. ⟨- En hij herkent mij als⟩ Er is nog wel wat ver gerucht van de stad en geruisch van de wind in de leerachtige blaren. maar

[p. 27]

ik hoor niets dan zijn eentonige stem die zijn lijden verhaalt. ⟨- wetend dat ik daar⟩

59/Ik weet nog goed, hoe ik als knaap een ⟨- afsch⟩ afkeer van kunst en beschaving had. ⟨+ In⟩ ⟨- R⟩ruwe vermaken, jacht op herten en boerendeernen. ⟨- die⟩ verdronk mijn ziel

⟨---⟩Toen60 ----------

Dona Clara was er niet. Het loof ruischte spottend, het bloed steeg mij naar 't gelaat ik sloop naar huis - en klom over de vensterbank in de zaal waarachter mijn slaapkamer lag □ Een licht ging op, mijn vader stond voor mij. ⟨- zijn gelaat⟩ niet vertoornd doch zielsbedroefd in zijn hand een brief. hij gaf hem mij, lees zelf. Het was mijn verbanning naar Goa ik moest met de Ste Clara vertrekken □ Ik begreep, en besloot mij eerst op Alvarez61 te wreken. Maar s morgens werd ik uit mijn bed opgelicht. en ⟨- naar Lisboa62⟩ [en] op een hulk gebracht die de Taag afzakte tot Lisboa waar de Ste Clara mij overnam ik heb geen voet meer aan land gezet

---

Goa de bespottelijke Albuquerque63 gaven salut ---

Verder verbanning - naar ⟨- Macao⟩/

De karaveel64 waarop ik diende als gemeen soldenier, in ongenade ⟨- door mijn⟩ nadat ik mijn ⟨- oogen⟩ zinnen had gezet op Dona ---65 en zij de hare op mij strandde voor +het eiland Lappa66 in een || hevigen typhoon. ⟨- langzaam werd⟩67 het schip /werd/ verbrijzeld. de schepelingen zochten schuilplaats op het eiland. en ik om niet met hun te zijn waagde het over te zwemmen naar het vasteland, ⟨- dat⟩ ⟨- h⟩Het manuscript ⟨- h⟩van de Lusiados waarvan ik nog slechts twee Canto's had beeindigd droeg ik in een leeren kokertje tusschen mijn tanden - ⟨- Wij beiden⟩ Het was oerduister ik hield op een licht aan en landde eindelijk aan de voet van een heuvel? Guya hoorde ik later. Uitgeput bleef ik liggen in een kuil. tot den dageraad. toen was ik half ⟨- begraven⟩ ⟨+ bedolven⟩ onder 't stortend zand en steenen. en groef mij uit om te zien dat het wrak en het eiland waren ⟨- wegg⟩ ⟨- ⟨+ onder⟩⟩ verdwenen. De Lusiados en ik waren de eenigste geredden. Nog een dag en een nacht hield de typhoon aan boomen en rotsblokken uitrukkend. Toen kwam de zon op en een doodsche stilte. de [⟨- w⟩de] golven ⟨- w⟩sloegen nog huizenhoog.

□ Des middags strompelde ik de stad binnen en meldde mij aan het senaatshuis, mij

[p. 28]

wel wachtend ⟨- een⟩ de reden mijner ballingschap ⟨- voorwenden⟩ te bekennen, en een gedeeltelijk geheugenverlies voorwendend. Ik werd eerst voor den ouvidor68 ⟨- d⟩toen voor den gouverneur geleid maar bleef in mijn rol ⟨- en verried zelfs niet mijn naam⟩ /en herinnerde mij zelfs niet den naam van het schip St Clara? -- Het kon wel wezen/ □ ⟨- Mijn⟩Men was verlegen met mij, ten slotte gaf men mij ⟨- een ondergeschikt⟩ kleeren ⟨- liet⟩ een ondergeschikt ambt en liet mij wonen op een der zolders van ⟨- d⟩het senaatshuis. Ik was tevreden⟨- .⟩/, en/ gelukkig⟨- .⟩/, den dag waarop ik deze plek vond waar ik mijn Lusiaden kon voortzetten/

+Niet meer het slapen in een hok met schurken, ⟨- en⟩de gevangenschap op een afgeschoten deel van een schip. twintig stappen breed. □ ⟨- Rust 's avonds even⟩ vrijheid alleen op de uitkijk ⟨- gebo⟩ in een omhooggeheschen ton. Toch was het daar en daar alleen dat ⟨- ik⟩ ⟨+ mij⟩ soms een stanza inviel die ⟨- ik⟩ ⟨+ mij⟩ beneden gekomen weer ontvlogen was stompzinnig staarde ik dan ⟨- op e⟩ neer op enkele woorden op een grof papier ver van elkaar verwijderd als eilanden die een gezonken vasteland voorstellen □ ⟨- En wanhoop⟩ En hier, veilig tusschen de rotsen waar juist genoeg licht inviel van boven om mijn woorden zichtbaar te maken, schakelde zich stanza aan stanza. en beleefde ik de gelukkigste ⟨+ en vruchtbaarste⟩ tijd van mijn leven ⟨- totdat⟩ tot den ochtend waarop ⟨- Dona⟩ Senhora .. --69 ⟨- h⟩ naar mijn peinzenskluis verdwaalde. de muze en de beminde wie ik strophen voorlas die mij kussen teruggaf. Ik dacht het ⟨- e⟩Eden volledig te bezitten, ik zou het ⟨+ spoedig⟩ onherroepelijk verliezen

Op een ochtend kwam zij gejaagd en met groote angstoogen bij mij. ----- Drie Chineezen zitten ⟨- voor mij⟩ ⟨- tegenover⟩ op de steenen bank tegenover mij, en Camoes ⟨- zit er nu⟩ schuwe schim is gevlucht waarheen? Naar een nog eenzamer ⟨- plek⟩ oord dat hij heeft ontdekt nadat hij ⟨+ ook⟩ hieruit verdreven was. □ ⟨- Men weet het niet op een dag is hij verdwenen en zijn [open ruimte] sindsdien niet meer gezien.⟩ /Daarheen kan ik hem niet volgen/

De drie Chineezen zitten ernstig keuvelend op de bank de handen in de mouwen geschoven zooals zij dat zeker van de talrijke paters Jezui[e]ten hebben afgezien. Zij storen niet.

+Ik lees nog de aangrijpende klacht ⟨- van⟩ in ⟨- banale⟩ rhetorische verzen die Rienzi. d⟨- ie⟩e laatste afstammeling ⟨- der⟩ ⟨+ v de⟩ Romeinsche tribuun balling als Camoes hier neerschreef.

Patane70, lieu charmant et si cher au poète ---

Aan de voet van de rots ligt de Chineesche stad met opeengedrongen ⟨- hu⟩ gebogen daken. de jonkenvloot voor de oevers, aan de o⟨- ever⟩verzijde het hooge Lappa. dat hooger dan Honkongeiland in de wolken boort. ⟨- En, daarachter de ei⟩ Daarnaast het Ilha Verde vroeger een lustoord, nu het terrein van een cementfabriek. /Een dikke

[p. 29]

rook hangt erboven./ En daarachter de eilandzwerm waar nog de piraten nestelen. Macao bedwong ze vroeger met haar kleine lorcha's71, Honkong met zijn trotsche linieschepen ⟨- kan⟩ bereikt ze niet in hun holen en kre[e]ken. □ ⟨- Ik wend mij af.⟩ De Chineesche wandelaars zijn heengegaan maar Camoes ⟨- is⟩ keert niet terug.

Over den rand van de boomen is de top van Sao ⟨- p⟩Paulo kathedraal zichtbaar. Daarheen? De oude kronieken vertellen hoe daaronder de kelders gedolven zijn die verloren rijkdommen bevatten.72 waarom zou zijn ziel daar 's avonds niet in vrede vertoeven waarom de mijne niet.

Ik nader het oude bolwerk der H. Kerk in Oost Azie door stegen en ⟨- stij⟩ bestijg de breede ⟨+ vlucht⟩ /der/ trappen, het hoofd in den nek op [lees: om] te genieten van ⟨- t⟩het ⟨- ops⟨- tan⟩tijgen van⟩ tegen t zwerk opstaand front. Ik houd mijn oogen gevestigd op ⟨- de⟩ figuren in den gevel ⟨- de moeder Gods met ⟨- gl⟩de globe⟩ de voorsteven73 van de moeder Gods, de zeilende schepen zon en maan en overwonnen anti⟨- s⟩christ.

+Zoolang mogelijk. Maar eindelijk zie ik door een der venstergaten in de leegte daarachter, puin en graven. en enkele fundamenten □ Symbool van het eind van vele mijner zwerftochten. □ Toch blijf ik genieten van de grootsch⟨- en⟩e gevel. die typhonen heeft uitgehouden waardoor gebouwen zijn neergesmakt

Het avondrood trekt achter de vensters als een langzaam vallend gordijn. zwarte vogels en kille winden vliegen in en uit74, aanbrengend dood en verlatenheid. Dan daal ik langzaam de trappen af. het verleden van Macao achterlatend

Het verleden. Roem en schande, heldhaftigheid en corruptie. ondernemingsgeest en behoudzucht. ⟨- hebben⟩ □ De moed. de opoffering hebben niet gebaat Macao/,/ ⟨- was⟩75 een voorpost in 't verre Oosten, een machtige stad [en] is nu een achterlijke vergeten verwaarloosde/,/ uitgezogen /door een/ kolonie. Het is een geschiedenis van onwaarschijnlijke heldendaden van nog onwaarschijnlijker schanddaden ⟨- een⟩de oude geschiedenis van opkomst en verval maar met schriller contrasten dan ⟨- in de meeste dezer geschiedenissen⟩ /waar ook/ □ Het ontstaan der stad is legendarisch ⟨- er⟩als dat van Rome. volgens sommigen werd het schiereiland afgestaan als dank voor t bedwingen der piraten ⟨+ zoo vroeg als75a 1516⟩, volgens anderen werd het van een vrijplaats om goederen te drogen [er een] om dooden te begraven. en [had] met het

[p. 30]

verwerven der laatste gunst van de Chineezen ook t recht op de grond verworven dus op de chine[e]sche manier.

+Indien het verhaal van de drijf⟨- d⟩jacht op de piraten juist is, dan is Macao ook een der weinige eerlijk verworven kolonies is het laatste juist dan is het nog minder unfair [lees: fair] verkregen dan de meeste Hollandsche en verreweg de meeste Engelsche. die maar alleen berusten op omkooping verraad. of uitmoording? □ Hoe het zij in t midden der 16e eeuw bestaat Macao en beheerscht de handel op China. geeft blijken van macht en weelde en is spoedig bewoond door een paar duizend Portugeezen met [met] dienaars en slaven uit Afrika Malakka en Japan die zich ⟨- innig⟩ mengen met de ⟨- inla⟩Chineesche bevo⟨- n⟩lking zoodat de Macaensers ontstonden

De verdere geschiedenis wordt beheerscht door de handel door de ⟨- komst van⟩ vestiging van de Jezui[e]ten eerst tot zegen en ontwikkeling die van andere orden later tot twist en onheil. door conflicten tusschen een meest despotische gouverneur en opportunistisch Senado, door eindelooze geschillen met Canton over rechtspraak, handelsverdragen gezantschappen schattingen. Steeds is de kolonie bedreigd met uithongering afhankelijk van Chineesche invoer. De paar boerderijen op Lappa zijn verwaarloosd en verlaten.

⟨- Het⟩ Ongeloofelijke lafheid tegenover de mandarijnen wisselen [lees: wisselt] af met individueele daden van moed. Maar Macao moet ondergaan en zijn lot wordt bezegeld in t eigen moederland. Portugal heeft eigenlijk nooit een handelsvloot bezeten.76 ⟨- Onder Pomb⟩ De handel was een koninklijk monopolie. ⟨- en⟩onder +Pombal77 ⟨- reist⟩ eerst werd een schip dat eigendom was van een onderdaan || uitgezonden. Macao wordt meer en meer gebruikt om ⟨+ portugeesche⟩ onderdanen ⟨+ voordeelige⟩ ambten te verkenen. Macao moet de tekorten ⟨- van⟩op andere kolonien geleden vergoeden. Tusschen het uitzuigend Portugal het chicaneerend China wankelt het van ramp tot ramp soms opgeheven door een koene handelsdaad, een zegepraal op de piraten. zoo op Kam Po Sai78. de machtige die de keizerlijke vloten versloeg en zelf de troon des Hemels wilde bezetten. Dan weer smadelijk vernederd door slaafs[ch]heid aan een mandarijn tot uitlevering van eigen rasgenooten aan de Chineesche justitie

In t midden der 19e eeuw was Macao nog t voornaamst en welhaast eenig Europeesch emporium79 in ⟨- d⟩het Verre Oosten. Met Honkong's opkomst ging het snel ten onder, hoewel in dien tijd Amaral80 in weinige jaren het bewind [had] gevoerd. Maar Amaral viel in een hinderlaag zijn hand en hoofd in handen der Chineezen die hem die hen machtiger trotseerde doodelijk haatte[n]. □ Steeds sneller gaat Macao ten onder,

[p. 31]

zijn haven verzand, de schepen ⟨- komen⟩ verzaken het voor Honkong. ten slotte bestaat het door drie smadelijke instituten; opiumsluikhandel vergunning der speelholen koelie of eigenlijk slavenexport. □ Alleen ⟨- wat⟩ pogingen tot opheffing als havenaanleg. handelsrelaties worden bedorven door een gewetenlooze bureaucratie /cultuur⟨- ve⟩fatalisme/ □ Droevig konstateert Montalto de Jesus81 dat de plaats gesticht door .....82 geregeerd door de Albuquerque83. van waaruit Xavier84 Ricci85 uittogen waar ⟨+ - -⟩86 Amaral streden. waar ⟨- de⟩vloten van uitgingen dat deze +befaamde zee⟨- plaats⟩haven misschien || spoedig een vergeten plaats met een gering binnenlandsch belang zal zijn. waaruit het portugeesch element meer en meer verdwijnt.

Met felle haat hoont en striemt de Jesus de bureaucratie en corruptie van zijn land. ⟨+ en wijst nog op uiterste mogelijkheden⟩ Zijn boek hoewel gedrukt bij de Salesische congregatie ⟨- is verboden⟩ staat op de index en is verboden in Portugal. Zelfs ⟨- de⟩in de liberale Macaoclub vond ik het niet. ⟨- In Honkong wo⟩

Ik ontmoette in Macao alle⟨- n⟩ person[n]ificaties [er]van.

De oude ambtenaar die daar op ⟨- het⟩de senado-⟨- g⟩bureaus zijn laatste dagen slijt. De jonge ambtenaar die van ⟨- d⟩he⟨+ t⟩ voordeelig dollarloon profiteerend na een paar jaar rijk in t land van den lagen escudo keert.

De koopman van het oude slag. met een half Chineesche hoer getrouwd. levend in 't ⟨- prachtig⟩ groot en welgebouwd huis van zijn voorgeslacht maar bestaand van steeds vager inkomsten; en ⟨+ met⟩ zijn talrijk ⟨- geslacht⟩ kroost niet wetend wat aan te vangen. Zijn epileptische dochter die extasen en visioenen heeft. Zijn geraffineerde dochter met een ⟨- handels⟩ Iersch handelsman getrouwd, door deze gewantrouwd als zij zich minzaam met haar rasgenooten onderhoudt. □ De officier die, iets heeft gehad en nu hier met een betreste uniform nog indruk maakt op dochteren van Macao

+Vervolgens zij die door de Fan Tan87 aangelokt werden en slachtoffer werden van hun ⟨+ onfeilbaar⟩ systeem: een Peruaan die met 2000 dollar arriveerde en nu schilderachtig onbeschrijfelijk havel⟨- ands⟩oos ⟨- langs⟩ bedelt bij Chineezen en Europeanen eet in ⟨- shi⟩de chinese chow rooms88 en slaapt op de banken van de Praya of in t groen. Een duitsche sigarenfabrikant van Manila die tonnen heeft bezeten en nu minder vervallen als type figureert; der Onkel der Professor. die nog één behoorlijk costuum bezit en een slaaphok in een Chineesch hotel. ⟨- Ik⟩ □ Hij is een gelukkig mensch. Ik speelde een bridge party met de professor ⟨- ten huize van een firma

[p. 32]

bestaande uit een Pool⟩ die zich nog vergenoegd duitsche studentenleider noemend, de goede sigaren rookte en de matige whysky [lees: whisky] dronk van onze gastheer, een Pool die geassocieerd met een halfbloed portugees tusschenbeide[n] een zucht slaakte. en scheen te snakken naar de bosschen en steppen van zijn land. Zoo vreemd hier met zijn ge[e]le haren zoo vol couleur local[e] met zijn scheeve oogen. □ Als dritte im Bunde de Hindoe die eerst met een dollar ⟨- drie⟩vier duizend won maar deze ook ⟨- t⟩vier dagen later verloor die nu als fakir tegen de muur van het senaatsgebouw zit. met opgetrokken knieen en starende oogen. ⟨- Die⟩Gelijk had de oude Australier ⟨- de⟩the 10% beats ⟨- d⟩them all --89

 

Een avond brengen wij een bezoek aan Guya. De oude vuurtoren de oudste van China en de meest nuttelooze nu. [in de linker marge:] ⟨+ Ik mocht [het] meemaken had via de kust kennis gemaakt met de Iersche marconist⟩

Een autorit door de kolonie is heel spoedig afgeloopen. en bij schemerlicht beklimmen wij de heuvel. [open ruimte]

+en zien zoodoende de oude kanonnen nog duidelijker □ Boven gekomen merkt een op

illustratie
89. Cf. Verzamelde Werken, V, blz. 236. - In de rechter marge staat nog in blekere inkt een (gedeeltelijk moeilijk leesbaar) adres in Parijs, dat met de tekst niet in verband kan staan.

[p. 33]

dat wij elk een natie vertegenwoordigen en elk een kleine en de meesten achteruitgingen en onderdrukte[n]. Een portugees een Ier. een Pool een Hollander. een Spanjaard. Een algemeen zwijgen houdt drukkend lang aan. dan gaat het licht op en ⟨- met⟩ ⟨+ langs⟩ de stralen ⟨- mee⟩ ziet geloof ik elk vanaf deze verlaten en bedreigde plek ⟨- naar hun⟩ verlangend naar hun ⟨- land⟩ land en samen naar Europa. dat misschien ook over eenige decennien geen Europa geen grooter vaderland meer zal zijn

Commentaar

Deze tekst sluit in veel opzichten aan bij de reisbeschrijvingen: de verteller, dus Slauerhoff, begeeft zich met de boot van Hongkong naar Macao. Daaraan gaat een vergelijkende beschouwing over deze twee steden vooraf. Niettemin staat het document toch ook enigszins apart, wat wellicht de reden is geweest waarom Slauerhoff het niet naar De Locomotief heeft opgestuurd. Die aparte status is hierin gelegen dat de vertelling in drie opzichten naar de romans verwijst.

In de eerste plaats is er de passage over de droom: de verteller ziet Macao eerst voor Spanje aan, dan voor Portugal. Het lijkt erop dat we hier de eerste ideeën voor Het verboden rijk zien geboren worden: samenvallen van Portugal met China (Macao), van Camões met Cameron.

Op de droom volgt dan een verslag van Slauerhoffs verblijf in Macao, weer grotendeels in de trant van de reisbeschrijvingen. Toch kan juist dit verslag worden gezien als een voorbereiding van Het verboden rijk, hoewel het op het moment van schrijven door Slauerhoff nog niet als zodanig zal zijn ervaren. Het document geeft bijna in vogelvlucht de geschiedenis van de Camões uit de roman weer, inclusief de van Camões' biografie afwijkende versie van de schipbreuk. Ook de processie, met Veronica, komt erin voor, en de aanval van de Hollanders op Macao, hier historisch juist gesitueerd, in de roman naar Camões' levensverhaal overgebracht. (Cf. Eep Francken, Over ‘Het verboden rijk’ van J. Slauerhoff, blz. 50-56, speciaal blz. 54.)

Ten slotte wordt in de marge van blz. 23 Slauerhoffs ontmoeting met een Ierse marconist vermeld.

Er is echter meer. Slauerhoffs opmerking op blz. 20-21 van het document: ‘onder Pombal eerst werd een schip dat eigendom was van een onderdaan uitgezonden’, is ontleend aan Montalto de Jesus, waarnaar in noot 77 verwezen wordt. Bij Montalto staat de naam van deze onderdaan vermeld: ‘a Lisbon merchant, Feliciano Velho Oldenberg’. Deze naam is door Slauerhoff in zijn exemplaar van het boek onderstreept. Niets echter wordt daar gezegd over enige verwantschap van deze Velho uit 1753 met Pedro Velho, een der stichters van Macao, wiens geschiedenis op blz. 39 wordt verteld en vervolgens door Slauerhoff is gebruikt voor Het verboden rijk (cf. Eep Francken, Over ‘Het verboden rijk’ van J. Slauerhoff, blz. 53). Het optreden van een nazaat van Pedro Velho in Het leven op aarde, en in het ontwerp voor het derde deel van de trilogie (zie de documenten B-I en B-II), zou echter (mede) door deze passage in document A-I geïnspireerd kunnen zijn.

+[1]
1Toevoeging in paars potlood. Slauerhoff gebruikte vaak een puntkomma voor een dubbelepunt.
2Toevoeging in paars potlood.
3Toevoeging in gewoon potlood.
4Intramuros: Ciudad Murada, of Intramuros, is de naam van het oudste, door de Spanjaarden gestichte gedeelte van Manila, tot voor kort met een zes meter hoge stenen muur omgeven. Cf. het slot van ‘Captain Miguel’ in J. Slauerhoff, Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 313, en ‘Larrios’ in Verzamelde Werken, IV, blz. 96.
5Toevoeging in potlood.
6Toevoeging in potlood.
7Victoria: op het eiland Hongkong ligt de hoofdstad Victoria, zelf ook wel Hongkong geheten.
8Toevoeging in potlood.
9Verandering in potlood.
10Toevoeging in potlood.
11Verandering in potlood.
+[2]
12Doorhaling in inkt; toevoeging in potlood.
13Slauerhoff zocht hier kennelijk naar een woord dat hem niet te binnen wilde schieten. Later wijzigde hij het tekstdeel, maar vergat het lidwoord en de punten weg te strepen.
14Verandering in potlood.
15Fan Tan: een Chinees kansspel; zie blz. 4 van dit document, in het bijzonder de voetnoot van Slauerhoff.
16Toevoeging in paars potlood op een witte regel.
17Veranderingen in potlood.
18Verandering in potlood.
19Doorhaling in paars potlood.
20het avondschot: cf. ‘Uitzicht op Macao van Monte af’, derde en vierde strofe, en ‘Het doode Macao’, vierde strofe, in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 427 en 659.
21Bedoeld is de Gremio Militar. Verandering in potlood.
22Toevoeging in potlood.
23lupanars: bordelen.
+[3]
24Verandering in potlood.
25een klein eiland: kennelijk is hier Vlieland bedoeld; zie Constant van Wessem, Slauerhoff. Een levensbeschrijving, blz. 17; C.J. Kelk, Leven van Slauerhoff, blz. 69-70.
26Sui Tan: in Het verboden rijk komt twee maal de scheepsnaam Sui An voor; zie Verzamelde Werken, V, blz. 236-237.
27Toevoeging in paars potlood.
28Doorhaling in paars potlood.
29de Straits: de zeestraten tussen het vasteland van China en de grote eilanden rondom de Zuidchinese Zee (Hainan, Taiwan, Luzon).
30Toevoeging en doorhaling in paars potlood.
31Verandering in potlood.
31Verandering in potlood.
32Toevoeging in inkt en doorhaling in potlood.
33Verandering in paars potlood.
33Verandering in paars potlood.
33Verandering in paars potlood.
+[v]
34Het is onduidelijk wat deze tekening in potlood voorstelt; misschien is het een ruwe schets om de weg aan te duiden naar een bepaald doel. Omdat geen enkel verband met de tekst kan worden aangetoond, blijft reproduktie achterwege.
+[-]
35Sui Yan: dit schip komt in Het verboden rijk voor als Sui An; zie noot 26 van dit document. Een gedicht met de titel ‘The Sui-An’ zond Slauerhoff in 1928 naar de redactie van de Letterkundige almanak Erts, maar het is niet geplaatst en waarschijnlijk verloren gegaan. (Zie het Erts-archief in de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam; signatuur: XVI B 14-16).
36De tekst op deze bladzijde is in zijn geheel met inkt doorgestreept.
+4
37chow chow: Chinees gerecht.
38Doorhaling in potlood.
39Doorhaling en toevoeging in potlood. Ook alle volgende toevoegingen en veranderingen tussen schuine strepen zijn in dit document met potlood aangebracht. - De hier opgevoerde bisschop treft men ook aan in een van de dagboeken (J. Slauerhoff, Dagboek, blz. 17 en noot 22). De dagboeknotitie is geschreven tussen 30 november 1926 en 2 februari 1927. Sketch: geïllustreerd Engels society-tijdschrift. Helen Wills: Amerikaanse tenniskampioene.
39Doorhaling en toevoeging in potlood. Ook alle volgende toevoegingen en veranderingen tussen schuine strepen zijn in dit document met potlood aangebracht. - De hier opgevoerde bisschop treft men ook aan in een van de dagboeken (J. Slauerhoff, Dagboek, blz. 17 en noot 22). De dagboeknotitie is geschreven tussen 30 november 1926 en 2 februari 1927. Sketch: geïllustreerd Engels society-tijdschrift. Helen Wills: Amerikaanse tenniskampioene.
+5
+6
40barracoons: ruwe barakken, loodsen of omheiningen waarin oorspronkelijk negerslaven en misdadigers tijdelijk werden opgesloten (Spaans: ‘barracón’).
+7
41Praya Grande: de boulevard van Macao. Cf. ‘Ochtend in Macao’ en ‘Het doode Macao’ in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 428 en 659-660.
42Monte: cf. ‘Uitzicht op Macao van Monte af’ in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 427.
43Guya: cf. ‘Het doode Macao’, laatste strofe, in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 660.
+8
44Op inhoudelijke gronden zijn de twee bladzijden die met 8 zijn genummerd, in de hier gegeven volgorde geplaatst.
+8 [9]
45amah: voedster, kinderjuffrouw.
+10
46goedangs: opslagplaatsen (Oostindisch).
+11
47lupanars: bordelen.
48Doorhaling in inkt.
49Fan Tan: zie blz. 4 van dit document, in het bijzonder de voetnoot van Slauerhoff.
50Cf. ‘De jonken’ in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 425, regel 9: ‘Traagzeilende en ver naar voor gebogen’.
51het avondschot: zie noot 20 van dit document.
+12
+13
52Cf. voor het volgende: J.Slauerhoff, Dagboek, blz. 21 en de noten 36 en 37; hier blijkt dat het bezoek aan Macao plaatsvond tussen februari en juni 1927. Voorts: J.Slauerhoff, Reisbeschrijvingen, blz. 42-43 (de noten 2, 6 en 7 hierbij bevatten enige vergissingen).
53Patane: De Chinese wijk in Macao, in de nabijheid waarvan de grot van Camões is gelegen.
+14
54verdrietten: deze ongewone vorm van de verleden tijd misschien gebruikt om na ‘verwaarloosd’ en ‘stijlloos’ een derde o-klank te vermijden.
55Doorhaling in potlood.
56Tasso: Torquato Tasso (1544-1595), Italiaans dichter.
57de Lusiados: het epos Os Lusíadas van de Portugese dichter Luís Vaz de Camões (1524-1580).
58Rienzi: Louis-Grégoire Domény de Rienzi (1789-1843), afstammeling van de Romeinse volksleider Cola di Rienzo (1313-1354).
59Dit toegevoegde tekstdeel, tot de alinea die begint met ‘De karaveel’, staat met een verwijsteken op blad 13 verso, geheel in potlood.
60Toen: dubbel onderstreept.
61Alvarez: deze naam, en trouwens de gehele toedracht, is door Slauerhoff verzonnen; het schip heette in werkelijkheid de São Bento.
62Lisboa: Lissabon.
63Albuquerque: Afonso de Albuquerque (1452-1515), een der grondleggers van het Portugese koloniale rijk, waarvan hij vice-koning werd.
64Het woord karveel is via het Frans ontleend aan het Portugees, caravela.
65Drie streepjes in plaats van de naam, hetzij omdat Slauerhoff hier de voorafgaande versie van deze passage zelf niet meer kon lezen, hetzij omdat hij zich bij het schrijven die naam niet herinnerde.
+15
66Lappa: bij Macao.
67Doorhaling in potlood.
68ouvidor: rechter; volgens Montalto de Jesus (zie noot 81 van dit document), een ambt dat pas in 1580 werd ingesteld.
+16
69Cf. noot 65 van dit document. Waarschijnlijk is de naam Dinamene (zie de slotalinea van de commentaar bij document B-IV, blad [10].
+17
70Zie noot 53 van dit document.
71lorcha's: snelzeilende, wendbare oorlogsschepen, een soort jonken (Humberto Leitão, Dicionário da linguagem de marinha antiga e actual, s.v.). Cf. voor deze passage C.A.Montalto de Jesus, Historic Macao, blz. 382-394; de plaat tegenover blz. 384 stelt een lorcha voor.
72Hier twee dikke schuine potloodstrepen, waarvan de betekenis niet duidelijk is.
73voorsteven: een der moeilijkst leesbare woorden van dit document. Heeft Slauerhoff voorstelling bedoeld, maar verschreef hij zich onder invloed van het erop volgende beeld van de zeilende schepen? Of is het een grapje van hem? Cf. achtersteven in de tweede strofe van het gedicht ‘Droom van een steward’ in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 623. Cf. ook het gedicht ‘Kathedraal San Miguel’ in Verzamelde gedichten, zesde druk, blz. 426; met de San Miguel wordt hier de São Paulo bedoeld.
+18
74Cf. in het gedicht ‘Kathedraal San Miguel’: ‘Vliegen vogels, stralen, in en uit.’
75Doorhaling in potlood.
75azoo vroeg als: anglicisme voor ‘reeds in’ (‘as early as’); kennelijk ontleend aan Francisco Monteiro, The renascence of Macao, blz. 12.
+20
76Deze zin is onderstreept.
+21
77Pombal: Sebastião José de Carvalho e Mello, markies van Pombal (1699-1782); Portugees staatsman; zie C.A. Montalto de Jesus, Historic Macao, blz. 473.
78Kam Po Sai: hoofdman der zeepiraten, begin negentiende eeuw; zie C.A. Montalto de Jesus, Historic Macao, blz. 231-248.
79emporium: stapelplaats.
80Amaral: João Maria Ferreira do Amaral, gouverneur van Macao (1846-1849); zie C.A. Montalto de Jesus, Historic Macao, blz. 318-358.
81Montalto de Jesus: C.A. Montalto de Jesus, Historic Macao. International traits in China old and new, Macao, 19262.
82Cf. noot 65 van dit document.
83Zie noot 63 van dit document.
84Xavier: Franciscus Xaverius (1506-1552), jezuïet, missionaris in Indië en Japan; overleden toen hij op het punt stond China binnen te trekken.
85Ricci: de jezuïetenpater Mateo Ricci kwam in 1583 in China; hij kreeg vooral toegang om zijn kennis van uurwerken, geografie en astronomie, waardoor hij ook zijn missiewerk kon bedrijven.
86Cf. noot 65 van dit document.
+22
+23
87Zie noot 15 van dit document.
88chinese chow rooms: Chinese eethuisjes; ongebruikelijke combinatie, misschien een woordspeling met ‘show-rooms’.
89Cf. Verzamelde Werken, V, blz. 236. - In de rechter marge staat nog in blekere inkt een (gedeeltelijk moeilijk leesbar) adres in Parijs, dat met de tekst niet in verband kan staan.
+24

prepostterug  begin  verder