Eén schriftvelletje met afgeronde hoeken, gevergeerd papier, gelinieerd; alleen recto beschreven, met paars potlood en inkt.
Door de editeurs genummerd: [22].
1933.
2Bedorven vleesch wordt roodgeverfd. om 't er frisch te laten uitzien.3
Zwavelbronnen. 75°. Zeer in trek -4
‘--- ik heb uw licht noodig - waar is de weg om naar ---- te gaan?[’]5
6Luchtspiegelingen -- die voor het oude verwoeste Tai-Ming7 worden gehouden -
〈+ Logeert in ...〉
een 〈- huis〉 paleis vol weelde, in de winter koud, 〈- slaapz〉 gangen om te verdwalen. toiletkamers met kostbare voorwerpen en geen kommen - noch handdoeken.8
De naam van de auteur aan wie Slauerhoff de meeste van deze aantekeningen heeft ontleend, is verkeerd overgenomen. Het betreft P. Arthur Segers, China. Het volk, dagelijksch leven en ceremoniën, Antwerpen/Amsterdam, 1933; eerder verschenen als La Chine. Le peuple, sa vie quotidienne et ses cérémonies, Anvers, 1932. Slauerhoff heeft de Nederlandse editie gebruikt.