
Broek in Waterland, 11 juli 2001
Lieve Agaath,
Er is een heleboel gebeurd sinds ik lang geleden besloot toe te treden tot het magische gilde der vroedvrouwen. Het is goed dat ik van tevoren niet wist waar ik aan begon. Toch heb ik er allerminst spijt van. De eerste schooldag. Dat moment zal ik niet snel vergeten, evenals alle andere keren dat een indrukwekkende gebeurtenis zorgt voor een vreemd gevoel dat langs je ruggengraat op en neer gaat.
Van de zon viel niet veel licht naar binnen op de overwegend jonge, open en afwachtende gezichten, waaronder die van mij. De toespraak waarmee jij ons welkom heette op deze dag, gaf me het gevoel intrede te doen in een klooster. Een gewijd moment. Vooral toen je zei dat ons leven na deze dag nooit meer hetzelfde zou zijn, klonk dat niet als een cliché, maar als een belofte en een waarschuwing tegelijkertijd. Ik was opgewonden en nerveus, maar bovenal intens gelukkig aan iets te kunnen beginnen waarvan die kriebel in je buik je vertelt dat het heel bijzonder is en zal zijn. Viel dat even tegen. Het zou nog jaren duren voordat er iets van diezelfde magie waarmee je ons betoverd hebt, terugkwam door mijn eigen handen. Want aanvankelijk niks geen magie
en betoverende momenten. Op die eerste dag waarschuwde jij ons al voor de veeleisendheid van de opleiding en later het vak verloskunde. Vooral geen bijbaantjes ambiëren en vriendjes moesten van jou maar laten zien hoeveel ze aankonden van het nieuwe leven van hun geliefden. Toch heb ik dat ook meteen als bijzonder ervaren: om voor het eerst van mijn leven dag in dag uit te werken met mensen die allemaal even enthousiast en gemotiveerd voor het vak waren. Moe gebeuld van het ontzettend zware eerste theoriejaar brak vervolgens eindelijk de periode van de echte stages aan. Nu zouden we dan eindelijk bevallingen mogen ‘doen’. Hoe leerzaam ook, het gat tussen droom en daad werd hierdoor steeds groter. Hoezo ‘het mooiste moment in iemands leven’, hoezo magie of ontroering? Bloed, zweet en tranen! Gillende vrouwen, snauwende opleiders en de leerling-vroedvrouw die heel geconcentreerd probeerde te bepalen hoe je zo liefdevol mogelijk de poep kon verwijderen tussen de benen van die barende vrouw. Langzamerhand begon ik te begrijpen waarom je in vorige eeuwen enkel vroedvrouw kon worden als je zelf een of meer kinderen had gebaard. De lust ertoe verging mij volkomen. Ik denk dat ik, de eerste drie jaar van de opleiding zeker, vooral volkomen geshockeerd ben geweest van het intense geweld waarmee een bevalling gepaard kan gaan.
Gelukkig waren er vele thuisbevallingen en af en toe een echt wijze vroedvrouw. Zo eentje die een blik werpt op je bleke vermoeide leerlingvroedvrouwsnoetje en zegt: ‘Ga jij deze bevalling maar even in een hoekje zitten kijken.’ En opeens zie je dan hoe het moet. En je vraagt je af of je dat óóit zelf zo moeiteloos en liefdevol voor elkaar gaat krijgen. Maar dan is er ook weer die kriebel, dat verlangen dat zegt: ‘Ik ook, ik wil ook!’
En het komt. Nog niet bij het afstuderen, tot die tijd zijn er alleen maar glimpjes, kleine momenten dat je voelt dat alles klopt. Dat iemand ondanks jouw aanwezigheid tóch nog redelijk heeft weten te bevallen. Bevallen is loslaten, dat wordt ons geleerd. Door de aanstaande moeder, denk je dan. Maar wat moet je zelf een hoop loslaten voordat je écht
weet waar je mee bezig bent. Al die aangeleerde ‘regelen der kunst’ die je eerst perfect moet beheersen, voordat je ze subtiel kunt aanpassen aan de situatie en de individuele barende. Dan pas begint je echte opleiding. Die van het echte leven. Dat was jaren nadat jij ons ‘losliet’ bij ons afstuderen. Nu pas besef ik dat jij dat al die tijd al geweten hebt. Dat dat misschien wel is wat je bedoelde toen je zei dat ons leven nooit meer hetzelfde zou zijn. Ik heb me vaak afgevraagd waar jouw strenge imago toch vandaan kwam. Het zal je toewijding en gedrevenheid zijn, gecombineerd met een niet te onderschatten gevoel voor het belang van goede verloskunde. De verantwoordelijkheid voor het elk jaar weer afleveren van eersteklas vroedvrouwen heb je altijd heel serieus genomen. Ik ben je er dankbaar voor. Het heeft me geholpen bij het kweken van zelfvertrouwen. Het heeft de liefde die jij voelt voor ons vak, haar beoefenaars en onze cliënten, onomkeerbaar op me overgedragen.
Voor mezelf wens ik dat er ooit een dag komt dat ik kan zeggen: ‘Nu ben ik voor de volle honderd procent een vroedvrouw in de ware betekenis van het woord. Een vroedvrouw zoals jij, een wijze vrouw.’
Dankjewel voor alles,
Michelle