[p. 111]
Claegh-liedt,*
Over d'onthoofdinge van Arthur, Prinçe van Nortfolck,
- Stemme: Com Sheapherdes deck your heds.
-
- 1.
- Lieflocksters van de min, 1
- Die voor syn soete krachten,
- Bereydt huysvesting in
- [74] het pit van u ghedachten, 4
- 5
- Ach! treurd, klaeghd, weend, ick sie
- elendigh hier verslagen,
- De trouste Minnaer die
- d'Aerdbodem heeft gedragen.
-
- 2.
- Een Dienaer van syn Vrou,
- 10
- Van buyten en van binnen:
- Standvastigh in syn trou,
- En eerbaer in het minnen,
- Soet-aerdigh, braef van geest, 13
- Wtmuntend' schoon van leden
- 15
- Is dese Vorst geweest,
- Vol Konincklycke zeden. 16
-
- 3.
- Des' ongemeene man, 17
- Dit Beeld vol alle deughden,
- De ware spiegel van
- 20
- De minnelycke vreughden, 20
|
1 lieflocksters: loksters met lieve woorden.
13 soet-aerdigh: aangenaam van karakter; braef: flink.
17 ongemeene: ongewone, buitengewone.
20 minnelycke vreughden: vreugden behorende bij de min.
|
[p. 112]
-
- Die Venus tot een proef 21
- Had van haer konst gekoren, 22
- Die heeft (ach! 't is te droef) 23
- Syn leven hier verloren.
-
- 4.
- 25
- Alleenigh, om dat hy 25
- Geweest is wat te voorlick 26
- In syne minnery,
- Meer als hem was behoorlick; 28
- Doch 't ging in deughd en trou;
- 30
- Maer sonder raed van Vrienden, 30
- Dies hem den Hemel rou 31
- In plaets van vreughd verlienden. 32
-
- 5.
- O, spiegeld u aen 't leedt,
- Ghy ionge jeughd van desen,
- 35
- In 't minnen niet te heet:
- Maer wel bedacht wild wesen, 36
- Volghd doch u vrienden raedt,
- En wild de gaylheyd myden, 38
- Soo hebt ghy (hoe 't beslaet) 39
- 40
- Een toevlucht in u lyden.
|
22 konst: kunnen, vermogen; gekoren: uitgekozen.
28 meer als hem was behoorlick: meer als hij behoorde te zijn, als voor hem te pas kwam.
30 raed: instemming, raad; Vrienden: de familie
32 verlienden: verleende.
36 wel bedacht: zeer bedachtzaam.
39 hoe 't beslaet: hoe het ook afloopt.
|