[p. 238]
[167] [Wreede Cupido, gevleugelde Wicht]*
- Stemme: What if a daye, or a Moneth, or a yeare, &c. Fol. 77.
-
- 1.
- Wreede Cupido, gevleugelde Wicht, 1
- Weelige, woelige, snelle, felle Iongen, 2
- Die met u boogh, uwe pees, en u schicht 3
- Hemel en Aerd, iae de Zee self hebt bedwongen,
- 5
- En nu door mijn hulp alleen
- Syt so hoogh geresen,
- Dat de Goden in 't gemeen 7
- Uwe grootheyd vresen.
- So dat ghy, trots en vry
- 10
- Dagelijx mooght plagen
- Godt en mensch, naer u wensch
- En u wel-behagen.
-
- 2.
- Waerom o Boefje beloonje nu weer 13
- Alle de deughden en hooge dienstbaerheden, 14
- 15
- Die Dorotheus u toonde wel eer 15
- Met soo bedruckte, benaude' ondanckbaerheden: 16
- Ghy waert naeckt, sieck en verkleumd,
- Ghy kond nergens leven,
- Doen ick u, gantsch onbeschreumd, 19
- 20
- Herbergh heb gegeven 20
|
2 weelige: dartele; felle: boosaardige.
7 in 't gemeen: algemeen.
14 deughden: diensten; dienstbaerheden: welwillendheid.
16 bedruckte: bedroevende; benaude': benauwende.
19 onbeschreumd: zonder vrees.
|
[p. 239]
-
- In myn hart, daer u smart 21
- In myn smart verkeerde, 22
- En u pijn daed'lijck mijn
- Pijn de helft vermeerde. 24
-
- 3.
- 25
- Wat groote deughde bewees ick u meer! 25
- Want de Natura had u gantsch blind geschapen,
- Dartele schelmtje, doe karmde-je seer,
- Midts-je nau wist te gebruycken uwe wapen: 28
- En uyt gonst gaf ick iou doe 29
- 30
- Niet alleen mijn oogen:
- Maer mijn Vryheyd oock daer toe, 31
- Met al mijn vermogen;
- En nu laet ghy met quaet
- My dees deughd belonen.
- 35
- Boefjen kom eens weerom 35
- In mijn hert te wonen.
-
- Eynde.
|
22 verkeerde: veranderde.
24 de helft vermeerde: twee keer zo groot maakte.
28 midts: daar; nau: nauwelijks.
31 oock daer toe: nog bovendien.
35 eens weerom: nog eens.
|