REFFEREIJN LXIII
Maer this iammer datse soe wanckelbaer sijn

 Hoe pomposer geesten hoe hogher coragijen
 van princen ridders ionckers of pagijen
 oft wat blyscap dat onder de stagyen
 der hemelen ghesciet
5
 Hoe vroliker geesten hoe reynder vsagyen
 van spelen op waghen of op stellagyen
 en syndaer gheen vrouwelyken personagijen
 soe eest al niet
 Mer this iammer dat hen therte buecht als riet
10
 sy blussen soe menich minnaer verdriet
 wt compassieusheden
 Die de ardighe vrouwen aensiet
 soe synse een zee een stroemende vliet
   +  vol melodieusheden
15
 Sy verwecken den slapende tot dyeusheden  15  
 den vrecken tot miltheden dit woort moet claer syn
 den cleijnmoedighen tot coragieusheden
 sij sijn een werlt vol amoruesheden
 Mer this iammer datse soe wackelbaer sijn
 +  Fol. 80v (lxixv)
 15  verwecken verbeterd uit verweecken (de tweede e schijnt doorgehaald).


[p. 122]

 
20
 Sy die bewandelen der werlt dycken
 prouincien landouwen oft coninckrijcken
 wat soiticheyt souwense connen ghelyken
 tegen soit aenschouwen
 Der vrouwen wiens schoonheyt moet bouen stryken
25
 alle rethoryken oft soite musijken
 daer en can gheen rechte blyscap blyken  26  
 en sijnder gheen schoon vrouwen
 Sy syn een sucoors den mannen vol rouwen
 sy doen steken tornoyen mit swerden houwen
30
 verliesen en winnen
 Sy syn een soit lustich hemels bedouwen
 mar this iammer datmense niet en mach betrouwen
 int werck van minnen
 Sy doen wel een werlt vol wercks beginnen
35
 mer wat icse pryse daer sal een mer sijn
 sy hebben wel aensichten als goddinnen
 eloquencie als ingelijken sinnen
 Maer this jammer datse soe wanckelbae r syn  38  
 26  de r van daer boven den regel bijgevoegd.
 38  Dit referein is onvolledig, doordat fol. lxx uit den bundel gescheurd is. Vóór 1 De titel ontbreekt, doordat fol. lxx is uitgescheurd.