REFFEREIJN LXXXVIII + Es dit niet ter werelt een paradijs
- Noijt paris en mochte viennen soe lief hebben
- noijt en mocht troylus breseda soe minnen
2
- Noijt en mocht trijtram in sulcken gerief
debben
- als twe gehoude amoruese sinnen
- 5
- In liefde blakende en getrouwe kinnen
- malcandere deylende tsoet en tsuere
- Die man verblyende in synder weerdinnen
- en sy des ghelycks in syn pointeratuere
- Minlyc int wesen gheentyt suere
- 10
- niet cutevoghene int vechten int tocken
- Helzen cussen duijsent werf op een ure
- een schoon doixken somtijts gestelt opt
croken
- Venus helpt daer tvier der minnen stoken
- malcanderen helzende om den prijs
- 15
- Es dit niet ter werelt een paradijs
-
- Om rachel diende iacop xiiii iaer lanck
- liefde heeft wonder te werlt gebrouwen
- Priamus doer tisbe bleef int misbaer stranck
- en sy desgelijx doer tdeerlick aenscouwen
- 20
- Dus prijsic dan tusschen mans en vrouwen
|
2 de t van mocht boven den
regel bijgeschreven.
|
[p. 171]
-
- den huwelijken staet doer tsoet ghebruijcken
21
- Gheen minlijker werck en machmen
ontuouwen
- dat tsolaes tusschen dese soete struijcken
- Sy sceppen te samen iolyt met cruijken
- 25
- doer tminlic opsien lachen en singhen
-
+ En
sy dan achter die gaerdynkens duijken
- daer sietmen houeren bancketten voert
bringhen
- Ghenuechelike woorden hen daer met
minghen
- soe datse bayen inder vruechden rys
- 30
- Es dit niet ter werelt een paradijs
-
- Cupido coomter syn vierich strael schieten
- duer die vreedsaemheijt in hen geplant
- Eere ghemack sietmen daer principael
vlieten
- oueruloidelic in minnen playsant
- 35
- Pays verdrachelicheyt dit is den bant
- des huwelycks in eeren gheseten
- Betamelyke reynicheyt aen elcken cant
- altyt euen blije dits hen vermeten
- Van onpeyse gheen tyt willen weten
- 40
- malcanderen gehoorsam sijn tot alder tijt
- Die lachende mondekens geen tyt
vergheten
- es dit niet een vruecht een ewich iolijt
- Die cuskens hem scenckende voer syn
inbyt
- mitten rode lippekens hem geuende tsys
- 45
- Es dit niet ter werelt een paradys
-
- Prince
-
- Als die vrouwe van kinde beurucht gaet
46
- dan dinckt de man laes het moet huer dit
verwegen
- Wt melydene dat hy soe beducht staet
- tot dat sy van kinde is gheleghen
- 50
-
+ Als dan tkint syn
kersdom heeft gecreghen
- en dat op en groijende dees ionghe iuecht
- En tot alder ghesontheyt is ghenegen
|
21 de r van ghebruijcken
boven den regel bijgeschreven.
46 de eerste u van beurucht
verb. uit r
|
[p. 172]
-
- noyt blyscap meerder noyt volmaecter vruecht
- Als sy tkint aenscouwen hen siele
verhuecht
- 55
- mits dat ter goeds eeren op es groyende
- Soe dat op wast in alder duecht
- elc mit vruechden hem des vermoijende
- Tvier der minnen werdt dan eerst gloyende
- doer tvredelick leuen in dit auijs
- 60
- Es dit niet ter werlt een paradys
|