REFFEREIJN LXXXIX Denckt dat ons die goetheyt goeds dit al doit
- Wye es soe wys en soe voordachtich
- die verstaen sal die goetheyt crachtich
- van gode almachtich
- daer wy by leuen
- 5
- Dit vraecht dauid alder gracien deelachtich
- of hij segghen wou / niemant / met worden
clachtich
- dit es waerachtich
- aldaer bescreuen
- Doer die goetheyt gods / daer wi aen cleuen
- 10
- werdt ons ghegeuen / en tgoet en tquaet
- Ozeas die prophete verheuen
- heuet bescreuen / dus gade slaet
- Daer in een staet / enich quaet op gaet
- alder correctien daet / coomt vanden heere
- 15
-
+ Die goetheyt goeds / diet al verstaet
- weet beteren raet / voor ons een leere
- Al syn wy dan verdruckt tot menighen keere
- in goet in eere / cryghende teghenspoit
- En valt niet wederspannich bidt euen seere
- 20
- en denckt dat ons die goetheyt goods
dit al doet
|
|
[p. 173]
-
- Die goetheyt goods laet tquaet ghescieden
- om dat alle verherde lieden
22
- souden doerwieden
- huer consciencie
- 25
- En om dat sy ons soude verbieden
- onsen wille te doene / nae tsins bedieden
- en soe doen vlieden
- tot abstinencie
- Want tquaet dat wy hier lijden met diligencie
29
- 30
- tot goods presentie / brengt ons met ghewelt
- Al sy wy dan met pestilencie
- doer goods sentencie / gedreijcht en gequelt
- Al syn die landen in twiste ghestelt
- al wort ons vertelt / van nieuwer tribulacien
- 35
- Al wordt die coopman neder gheuelt
- al neemptmen hem syn gelt / tot meniger
spacien
- Al hoortmen van brande van murmuracien
- roept totter gracien / verliest genen moet
- En als ghi syt in uwer contemplacien
- 40
- denckt dat ons die goetheyt goods dit al doet
40
-
-
+ Met dauid die propheet
moechdyt gronderen
- als god siet dat wy perseuereren
- ende persisteren
- met quaetheyt verbonden
- 45
- En dat wy ons niet en verneeren
- soe wil hy ons soe corrigeren
- dat wy blammeren
- ons vuyle sonden
- Dus coompt die goetheyt goods in ons
beuonden
- 50
- ons valsche gronden / en herten besnijen
- Als die romeynen int witste stonden
51
- teghen die honden / van tartarijen
52
|
22 de tweede r van verherde
boven den regel bijgeschreven.
29 na dat is h
doorgehaald.
40 de g van goods verb.
uit d
51 rosemereyne doorgehaald en
romeynen erboven geschreven.
52 de o van honden verb.
uit e
|
[p. 174]
-
- Sy hadden teghenspoet aen allen sijen
- sonder bedyen / en bleuen inder noot
- 55
- Dit dede die goetheyt goods te dien tijen
- ic moet belyen / tes augustinus bloot
- De goetheyt goods is noch al euen groot
- sy plaecht ons ouer hoot / om een beter goet
- Al lyden wy dan menighen herden stoot
- 60
- denct dat ons die goetheyt goods dit
al doet
-
- Prinche
-
- Dat tswert van wrake voormaels seer breet
- nu niet en slaet nae die rechtuerdicheyt wreet
- soot hier voortyts smeet
- wat isser teghen
- 65
- Die goetheyt goods en die minne heet
- dats ons een teken en claer bescheet
-
+ dat hij ons es bereet
- en tot ons gheneghen
- Waren goods plaghen in ons gheleghen
- 70
- wat batet versweghen / wy souden steruen
- Mer hy castyt ons nae syn goetheyt weghen
71
- soe vaders pleghen / willende ons eruen
- En laet ons dan op niemants kerf keruen
- mer ons sondich bederuen / selue bekinnen
- 75
- Want goods correctie syn soete conseruen
- die hy ons doet verweruen / wt rechter
minnen
- Al hebben wy orloghe buten en binnen
- daermen somtyts siet rinnen donnosel
bloit
- Spreect op niemant / bedwingt v sinnen
- 80
- denck dat ons die goetheyt goods dit
al doet
80
|
71 na hy is j
doorgehaald.
80 de g van goetheyt verb.
uit t
|
|
|