1560. Iemand door den mosterd halen (of sleepen),1560
d.w.z. iemand over den hekel halen, hem den mantel uitvegen, eene scherpe, gevoelige berisping toedienen. Bij Sartorius IV, 20: Door de mostardt slepen, pro conviciari ac maledicere positum est; Anna Bijns, Refr. 170:
Abten, proosten, dekens, canuncken ook,
Hoortmen alomme deur den mostaert halen.
Zie verder Winschooten, 23; Hooft's Brieven, 419; De Brune, Bank. II, 387; Com. Vet. (voorbericht): ‘de groote letterhelden Erasmus, Morus enz. slepen de heerschzugtige geestelyken door den gesuikerden mostaert’4); Tuinman I, 298; C. Wildsch. V, 82; Molema, 270 b; Afrik.