terug  begin  verderprepost
[p. 114]

1612



illustratie
hendrik laurensz spiegel



illustratie
samuel coster

De Engelsen betwisten de Hollanders het recht op walvisvangst in de zeeën rondom Spitsbergen.

6 juli

De Republiek sluit een handelsverdrag met de Turken.

Hendrik Laurensz. Spiegel overlijdt op 4 januari te Alkmaar, 62 jaar oud.
De historiograaf Emanuel van Meteren overlijdt op 18 april te Londen, 72 jaar oud.
De verzamelbundel ‘'t Vermaeck der jeught’ wordt te Leeuwarden uitgegeven.
De amsterdamse kamer D'Eglentier speelt het boertig en vermakelijk spel van Samuel Coster ‘Teeuwis de Boer’.
Het tweede deel van Breugels boertige Cluchten verschijnt te Amsterdam in druk.
[p. 115]

februari 1612

Voor de bruiloft van Dirck Pietersz Voskuyl en Aafgen Willems dochter, gehuwd te Amsterdam op 26 februari 1612, schrijft Bredero een huwelijksgedicht, aanvangende met de regel:

Laast als ick gants alleen, alleen was uytghetoghen

en een bruiloftslied, aanvangende met de regel:

Compt hellept vrolijck singhen.

Het enig bewaard gebleven exemplaar, 8 blz. geheel in rood gedrukt, is eigendom van de Koninklijke Bibliotheek te 's-Gravenhage (Signatuur 853 A 97). De titel luidt: Epitalamium, Of Bruylofs ghedicht, Ter eeren van het God ghevoechde Houwelijck tusschen den vroomen Jongman, Dirck Pietersz. Voskuyl. Met de Eerbaere, ende Deughd-rijcke Jonghe Dochter Aafgen Willems Dochter. Versamelt inden Huwelicken staet den 26. Februarij, (Vignet: Handen en een met twee pijlen doorschoten hart) In het Jaer der versoeninghe, M.DC.XII. Aan het einde van de tekst op blz. 8 staat: Door G.A. Bredero. t' Kan verkeeren. (Vgl. W.A.P. Smit: Een aanvulling op de bibliographie van Breeroo's en Starters werken. Het Boek, jrg. XVI, 1927, blz. 370-372). Gedicht en lied zijn opgenomen in Bredero's Groot Lied-Boeck (Amstelredam 1622), Boertigh Liedt-boeck, blz. 21-26. Het lied bevat in vs. 31 een toespeling op de zinspreuk van de rederijkerskamer D' Eglentier: In Liefde Bloeyende, hetgeen erop wijst dat Bredero in elk geval omstreeks deze tijd reeds lid van die Kamer was.

maart 1612

Voor de bruiloft van Guillebert de Flines en Anna Cornelis van Grootewal, ondertrouwd te Amsterdam op 9 maart 1612 en gehuwd op 25 maart 1612, schrijft Bredero een huwelijksgedicht aanvangende met de regel:

Corts als de vaeck en slaep mijn ooghen sacht bestreden

en een bruiloftslied, aanvangende met de regel:

De reden door de Tijd bevijnd.

Een afzonderlijk gedrukt exemplaar is niet bewaard gebleven. Gedicht en lied zijn ook gepubliceerd in de verzamelbundel ‘Apollo’ (Amsterdam 1615) blz. 44-47, en voorts opgenomen in Bredero's Groot Lied-Boeck (Amstelredam 1622), Boertigh Liedt-boeck, blz. 83-89. Het lied bevat in vs. 39 een toespeling op de zinspreuk van D'Eglentier.

1612

Bredero publiceert zonder zijn naam maar met zijn zinspreuk T'kan verkeeren het sonnet

Eer-dicht op de verlossinghe van Israel

met de beginregel:

Het domme mis-verstant door onbeslepen sinnen,

als tweede van de vijf inleidende gedichten voor de eerste druk van Vondels toneelspel ‘Het Pascha’, uitgegeven: Tot Schiedam, By Adriaen Cornelison Boeckdrucker 1612.

[p. 116]

24 juni 1612

Doop van Pieter, zoon van Goossen Jansz en van Bredero's zuster Stijntje. Bij deze doop trad Gerbrand Adriaensz Bredero op als getuige. (Doopregister van de Oude Kerk. Gemeente-Archief van Amsterdam. DT&B 5, blz. 22).

Gossen Iansz schoenmaker stijntjen Aeriaensdr
Kornelis Iakobsz garbrant Aeriaensz- - - -Pieter.


illustratie

4 augustus 1612

Marry Gerbrants betaalt ƒ50 rente inzake het huis, met een korting, zodat het bedrag ƒ43,75 wordt. (Archieven Gasthuizen 1598, blz. 29. Gemeente-Archief van Amsterdam). Voor facsimile zie blz. 95.

November 1611 ontfanghen van Maritgen garbrants den 4en augusti 1612 gecort 43. 15.

6 augustus 1612

Bredero voltooit zijn Klucht vande Koe, blijkens het navolgende onderschrift in de editie-1619.

Ofschoon een opvoering in ditzelfde jaar 1612 uiteraard zeer waarschijnlijk is, bestaat daaromtrent geen enkel gegeven; er is evenmin iets bekend van een druk tijdens het leven van de auteur.

De opmerkelijke ondertekening met de beide namen voluit en de vorm in Bredero, kan als argument gelden voor de mening dat aan de editie-1619 een vroeg handschrift of een vroege uitgave ten grondslag zal hebben gelegen, aangezien de dichter van 1616 af stelselmatig met G.A. Bredero ondertekende, hoewel later ook een zeldzame maal met G.A. Brederode.

Gheschreven, gherymt, ende verdeylt, door my, Gerbrant Adriaensz. in Bredero.
Den 6. Augustus 1612. 't Kan verkeeren.
[p. 117]

17 september 1612

Bredero's toneelspel Griane, waarschijnlijk in ditzelfde jaar geschreven, wordt te Amsterdam opgevoerd, blijkens gegevens uit het Schouwburg-archief (Dr. J.A. Worp: Geschiedenis van den Amsterdamschen Schouwburg - 1920 - blz. 20) en het titelblad van de eerste uitgave (Amsterdam 1616):

Eerst ghespeelt t'Amstelredam Sondaghs voor Kermis. 't Jaer 1612.

Waarschijnlijk 1612

Van de Tragedische ofte klaechlijcke Historien verschijnt deel IV als vertaling van Reinier Telle naar het Frans van Pierre Boaistuau en François de Belleforest, en met 30 berijmde bijdragen van Bredero. (Zie A. Keersmaekers in Spiegel der Letteren jrg. 11, 1969, blz. 82-84).

5 november 1612

Een jong kind van Goossen Jansz en van Bredero's zuster Stijn wordt in de Oude Kerk begraven. Het is onzeker of het de tweejarige Heinrik of de vier maanden oude Pieter betreft. De maand blijkt uit een aantekening bovenaan de bladzijde. De kosten bedroegen 4 stuiver. De vermelding: bij die verckens sluys bewijst dat dit echtpaar bij de familie Bredero inwoonde. (DT&B 1043, blz. 124. Gemeente-Archief van Amsterdam).

+ den 5 een. kint van gosen ian soon  
  bij die verckens sluys 4



illustratie

prepostterug  begin  verder