terug  begin  verderprepost
[p. 126]

1614



illustratie
roemer visscher



illustratie
jan jansz. starter

januari

De Staten-Generaal verlenen octrooi aan de Noordse Compagnie.

22 januari

De Staten van Holland hechten hun goedkeuring aan de Resolutie tot vrede der kerk.

4 februari

Prins Maurits ontvangt de Orde van de Kouseband.

mei

Maurits bezet Gulik en daarna Emmerik.

Groningen en Ommelanden en Stadhouder Willem Lodewijk stichten te Groningen een Hogeschool.
Roemer Visscher publiceert zijn ‘Brabbeling’ en zijn ‘Sinnepoppen’.
Spiegels ‘Hert-spieghel’ wordt postuum uitgegeven.
De dichter Starter verlaat Amsterdam en vestigt zich te Leeuwarden.
[p. 127]

4 januari 1614

Bredero schrijft zijn gedicht: Lof Van de Armoede, 38 strofen van zes versregels, en een coda van negen versregels. Het is een pendant van zijn Lof van den Ryckdom, geschreven op 26 oktober 1613. Het gedicht is voor het eerst gepubliceerd in: G.A. Brederoos Nederduytsche Rijmen (Amsteldam 1620), met aan het slot aldaar de mededeling:

Anno 1614. Den vierden Ianuarij.

29 april 1614

Adriaen Cornelisz laat de boedel van zijn schoonzoon Goossen Jansz door de notarissen J. en N. Jacobs inventariseren en taxeren, en legt er beslag op vanwege een huurschuld van ƒ150,- (Notariële Archieven 377A, protocol nr. 153. Gemeente-Archief van Amsterdam).

Men mag aannemen dat Adriaen Cornelisz dit niet heeft gedaan om door de verkoop van deze schamele inventaris betaling te krijgen voor zijn vordering, maar wel om de inboedel te redden voor zijn dochter Stijn door de zaken te onttrekken aan de macht van haar verkwistende echtgenoot. (Zie Mejuffrouw Dr. I.H. van Eeghen, Amstelodamum, jrg. 55, blz. 153).

[p. 128]

29 April

Inventarisatie gedaen by my etcetera ter versoecke van
Adriaen Cornelisz brederoo van alle ende yegelycke
de goederen bevonden ten huyse van goossen
Jansz schoemaecker, welcke goederen den seluen
Gossen jansz vrywillich consenteerde by den voorn.
Adriaen cornelisz aengenomen te werden jn betaling
ende minderinge van 150 gul. die hem competeren
als reste van een jaer huys huyre, Ende
syn deselue goederen jn eenen wegen gepriseert
by Eefgen lodewycx uytdraechster als volght

Een cleyne kevie hoorns werck gepriseert op   xvj gul.    
een paer roo saeye gardynen met een vallet            
gepriseert op gl ix -    
een bedde met een peiluwe op gl xxx -    
drie deeckens soo goet als quaet tsamen op   vj -    
een paar oorcussens op   v -    
noch twee wiech cussetgens tsamen op   j - x st
vier stoel cussens tsamen op   j - xvj st
een valletgen voor de schoorsteen         xij st
een yseren pot met wat aerde potten en pannen op   j - x st
een Geel coperen aeckertgen op   j - x st
een Root coperen ketel op gl ij - x st
een Spiegel gepriseert op gl j - -  
Vier cleyne schilderykens twee viercante ende            
twee rondekens tsamen op gl iiij -    
een oude eecken kiste op gl ij -    
een schuppe met een tange op gl ij -    
acht cruycken met tinne litten   gl j - xvj st
Twee tinne soutvaten een copken een blakerken            
tsamen op gl j - j st

[p. 129]


illustratie

[p. 130]

verso

vier tinne platteelen tsamen op gl v -    
Een teenen wiege met een baeckermat ende            
een cleermand tsamen op gl j - xvj st
Vier gestrooyde stoelen tsamen op gl - - xij st
Twee paer slaeplaeckens op gl viij -    
Noch een paer cleyne slaeplaeckens met            
twee peilu laeckens tsamen op gl iij -    
Twee paer sloopen tsamen op gl ij gl. viij st
Noch ses cleyne sloopen tsamen op gl ij gl. ij st
Twaelf grove seruetten tsamen op gl iij gl. xv st
Twee cleyne grove tafellaeckens tsamen op   j gl. x st
een paer brandysers met coperen cnoopen op   iij gl. -  
een slechte coperen stolpken op   j gl. x st

Aldus gedaen geinventariseert ende gepriseert
ter presentie van Marten Vinck de Jonge ende
dirck vinck als getuygen hier over gestaen
den xxixen aprilis 1614 -

20 augustus 1614

Marry Gerbrants betaalt ƒ50 rente inzake het huis, met een korting, zodat het bedrag ƒ43,75 wordt. (Archieven Gasthuizen 1598, blz. 29. Gemeente-Archief van Amsterdam). Voor facsimile zie blz. 95.

november 1613 ontfangen van martien garbrants den 20 Augustus 1614 43 15 -

Waarschijnlijk 1614

Van de Tragedische ofte klaechlijcke Historien verschijnt deel VI als vertaling van Reinier Telle naar het Frans van Pierre Boaistuau en François de Belleforest, en met 11 berijmde bijdragen van Bredero. (Zie A. Keersmaekers in Spiegel der Letteren, jrg. 11, 1969, blz. 82-84).

[p. 131]


illustratie

prepostterug  begin  verder