Droefheit en blydschap, tot eenen bondel getuilt, Door den Klaagenden Dametas,
En vrolyk zingenden Tityr, Over de Dood van de Digteresse B. Ogier,
Weduwe van Wylen den Heer G. Kerks, Gewezen Beeldhouwer binnen Antwerpen.
Dametas.
Rolt Faebus, gelauw'riert, van boven naar beneên,
En klooft met uwe Harp den Oceäan van een:
Zo bromt myn Helikon, op uw verzoope snaaren,
Een trotschen helden-toon, by 't worstelen der baaren,
Langs Thetys puimsteen-hof, en heerlyk schulpgevaart,
Waar in de nagt bevrugt zyn zilvere Oesters-baart.