Monografieën:

Jan Gessler (ed.), Het Brugsche Livre des mestiers en zijn navolgelingen

D.M. Bakker en G.R.W. Dibbets, Geschiedenis van de Nederlandse taalkunde

I.M. Calisch en N.S. Calisch, Nieuw woordenboek der Nederlandsche taal

J.H. van Dale, Taalkundig handboekje (ed. A. Hoffstädt)

C.B. van Haeringen, Netherlandic language research

P.J. Harrebomée, Spreekwoordenboek der Nederlandsche taal

C. Kiliaan, Etymologicum Teutonicae Linguae

H.M.F. Landolt, Militair woordenboek

E.C. Llewellyn, The Influence of Low Dutch on the English Vocabulary

J.J. Mak, Rhetoricaal glossarium

H.J.J.M. van der Merwe, Vroeë Afrikaanse woordelyste

F.P.H. Prick van Wely, Neerlands taal in 't verre Oosten

F.P.H. Prick van Wely, Viertalig aanvullend hulpwoordenboek voor Groot-Nederland

Proeve van oudheid-, taal- en dichtkunde

Nicoline van der Sijs, Chronologisch woordenboek

P.G.J. van Sterkenburg, Op weg naar W(E)TEN. Een nieuw wetenschappelijk woordenboek van het twintigste- en eenentwintigste-eeuwse Nederlands

F.A. Stoett, Nederlandsche spreekwoorden, spreekwijzen, uitdrukkingen en gezegden

S.J. du Toit, Patriot woordeboek: Afrikaans-Engels

M.C. van den Toorn, W. Pijnenburg, J.A. van Leuvensteijn en J.M. van der Horst, Geschiedenis van de Nederlandse taal

A.J. Vervoorn, Antilliaans Nederlands

P. Weiland, Kunstwoordenboek