|
|
|
| |
| | | |
Vacantielied.
Hoera! het jaar is weeral om!
Gedaan is 't met het schoolgebrom,
Met 's meesters grollen en gekijf,
Met werk en les en strafgeschrijf!
Vacantietijd! 't is feest, hoera!
Dat ieder juiche en jubel vrij
En 't viere op zijn manier!...
Wij houden haagschool heel den dag;
Geen meester die ons straffen mag!
Zoo wordt het eerst een dolle pret,
Die lichaam, geest en hart verzet!
De vestjes los, de klompen uit,
En nu maar flink in 't bosch!
De struiken door, de sparren op,
Wij springen over sloot en gracht,
De vogel zingt, de zonne lacht;
Wij dansen jolig in het groen,
Of gaan een lomm'rig dutje doen.
Zoo krijgt ons wang een mooie kleur
En 't harte blaakt van vreugd;...
Zoo doen wij ons, na 't lustig spel,
Weer thuis aan 't eetmaal deugd...
| | | |
Zoo gaat de zonn'ge tijd voorbij,
Totdat elkeen weer, vrij en blij,
Papier en pen en potlood gaart
Eu op een draf ter schole vaart.
Met hart en ziel zoo tijgen wij
Dan, spelensmoe, aan 't werk;
Zoo wordt als 't lichaam ook 't verstand
Weer wakker, frisch en sterk!

|
|
|