terug  begin  verder

[p. 44]



illustratie
1009: titelpagina (ex. 14)

[p. 45]



illustratie
1009: gegraveerde titelpagina (ex. 14)

[p. 46]

1009

gedrukte titelpagina:

Uitgave-1624: π1r:

Iohannis de Brunes I.C. Zinne-VVerck, Voor-ghestelt In Beelden, Ghedichten, ende breeder uytlegginghen, tot uyt-druckinghe ende verbeteringhe van verscheyden feylen onser Eeuvve. Spe Et Metv. Anno 1624.

Uitgave-1636: π2r:

Johannes de Brvnes J.C. Zinne-Werck. Voorghestelt In Beelden, Ghedichten, ende breeder uyt-legginghen, tot uytdruckinghe ende ver-beteringhe van verscheyden feylen onser eeuwe. Den tweeden Druck, verbetert, en vermeerdert met Platen, als mede met eenighe Zede-Sprevcken, ende andere Poësye door den selven Autheur. Spe Et Metv. [fleuron] Anno 1636.

gegraveerde titelpagina:

Uitgave-1624: π2r:

Iohannis de Brunes I.C. Emblemata of Zinne-werck; voorghestelt, In Beelden, ghedichten, en breeder uijt-legginghen. tot uijt-druckinghe, en verbeteringhe van verscheijden feijlen onser eeuwe. Spe Et Metu. 't Amsterdam bij Ian Evertsen Kloppenburch, Boeckverkooper op 't water inden vergulden Bybel, teghen over de Kooren-marckt. Anno 1624.

Uitgave-1636: π1r:

Iohannis de Brunes I.C. Emblemata of Zinne-werck; voorghestelt, In Beelden, ghedichten, en breeder uijt-legginghen. tot uijt-druckinghe, en verbeteringhe van verscheijden feijlen onser eeuwe. Den tweeden druck met nieuwe plaeten en eenige Zedespreucken vermeerdert. 't Amsterdam bij Ian Evertsen Kloppenburch, Boeckverkooper op 't water inden vergulden Bybel, teghen over de Kooren-marckt. Anno 1636.

colofon:

Uitgave-1624: Yy4v:

Tot Middelburgh, Ghedruckt by Hans vander Hellen, Anno MDCXXIV.

Aangevulde en gewijzigde titeluitg.:

1024; 2e dr.: 1054; andere uitg. van 2e dr.: 1055; microfiche-uitg.: 1096; microfiche-uitg. van 2e dr.: 1097; facsimile-uitg.: 1099.

collatieformule:

Uitgave-1624:

4o: π2 *4 A-Z4 Aa-Yy4 [$4 (- *4, Qq4; ± Ii3; E4 gesigneerd als E3)]

Uitgave-1636:

4o: π2 *4 A-Z4 Aa-Xx4 Yy4(-Yy4) Zz4 Aaa4 Bbb2 [$4 (- *4, Qq4, Zz4, Aaa4; E4 gesigneerd als E3); Bbb $2]

paginaformule:

Uitgave-1624:

186 bladen = p. [12] 1-360 (148 gepagineerd als 841, 222 als 122, 254 als 154; 261 als 161, 317 als 117, 334 als 344).

Uitgave-1636:

195 bladen = p. [12] 1-361 362 363-378 (148 gepagineerd als 841, 222 als 122, 254 als 154, 261 als 161, 317 als 117, 334 als 344).

signatuurposities:

* vvijnghbrauvve,
*2 -lands
*3 gheweest
A oock die

[p. 47]

A2 geticktack dezes
A3 verderft, zoo
A4 ghenomen werden
B geen over
B2 scherpe prickelen
B3 tabernakelen
B4 Godes haet
C vuyle
C2 onder
C3 keersse
C4 zijne
D mede-ghebracht
D2 ont-bloemt.
D3 haest
D4 noodigh
E en
E2 capias; sitis
E3 on-gheschicktheydreijze
E3[=E4] renversé.
F hebbende
F2 konnen
F3 eertijds
F4 temperinge, en
G vvoonst
G2 is licht
G3 zijn.
G4 maer ghevvisselick
H de hemel
H2 doch
H3 dipsuchoi
H4 -houcken
I burghers
I2 asem vveder
I3 menschen verbeest
I4 hebben willen
K die
K2 dood van
K3 stellen, en
K4 ghenomen
L dat-ze
L2 hemel,
L3 wetenschap
L4 de zelf-waerheyd
M dat
M2 dan haerzelven
M3 Niet
M4 middelbaere
N met een
N2 voor-spoed
N3 zich tot geen
N4 voor haer
O vvaeckt,
O2 en werd
O3 zorgh
O4 Darivs, die
P de
P2 verdeelt: elck
P3 on-liefde
P4 gheen deughd
Q van
Q2 ons zelven
Q3 aerde-kluyten
Q4 (2e regel:) Indes,
R [niet]
R2 den nood
R3 konnen hoeden
R4 noyt
S Ilion
S2 dan rijzet
S3 zaligheyd der
S4 met duyster
T ter-deghen
T2 hemels
T3 spannigh
T4 't meest
V heel
V2 ons
V3 en wert
V4 Royaume
X hostis.
X2 gheduerigh
X3 Nu, noch
X4 onvermenghelick
Y voor
Y2 duysternisse
Y3 Genough
Y4 beprouft,
Z van
Z2 anders
Z3 vvat
Z4 aerd te
Aa winnen
Aa2 , of jaeren
Aa3 daer leeft
Aa4 preeckt, en helpt
Bb majesté haute
Bb2 vverck-man
Bb3 Deze,
Bb4 daer hooren
Cc aerugine tetra
Cc2 fatsoen?
Cc3 voordert,
Cc4 het in-ghewand
Dd solutem
Dd2 tijd voornemelick
Dd3 in allerley
Dd4 vvetten
Ee van veel
Ee2 Seigneurs
Ee3 , d'un
Ee4 Veelstercker zoude
Ff mandement
Ff2 ghemeen man
Ff3 pijn-banck
Ff4 d'helle
Gg voerde, dat

[p. 48]

Gg2 Van haer
Gg3 van God
Gg4 daer meent
Hh heel
Hh2 zangh-meeester [sic]
Hh3 ons steenigh
Hh4 't beeld
Ii noyt
Ii2 zorghvuldelick op-
Ii3 on-waerdeerlick
Ii4 beroerte
Kk Ovidivs, die
Kk2 hoedanigheyd:
Kk3 wat u wert
Kk4 van ons
Ll -moed en
Ll2 Van een
Ll3 mist-korf
Ll4 een zoet
Mm zulcke niet
Mm2 Baander-heere in
Mm3 Schrick dees
Mm4 en weet wat
Nn een bosch
Nn2 hellen te
Nn3 zuycker-zoet
Nn4 gheladen.
Oo vvou
Oo2 daecken,
Oo3 op Belofte
Oo4 teghen zijn
Pp quade
Pp2 schieten.
Pp3 verstaet. Dit
Pp4 -treckt.
Qq ontfanghen grooten
Qq2 het quaed
Qq3 alleen wat recht
Rr boeyen aen
Rr2 anders voor
Rr3 rijck.
Rr4 verachtelicke
Ss met on-
Ss2 water drabbigh
Ss3 vvij verliezen
Ss4 een blijde
Tt -ghevaer.
Tt2 [niet]
Tt3 stijver schijnt
Tt4 grand, au
Vv verwerpen.
Vv2 dinghen
Vv3 houden
Vv4 uyr is ghekommen
Xx asschen
Xx2 haer man
Xx3 zoodanigh, als
Xx4 spreeck-woord
Yy hemels
Yy2 om meer
Yy3 gheprezen hadde
Yy4 een zeghel

uitgave-1636:

Zz Versint en
Zz2 altijds een Kind
Zz3 Hier onder
Aaa u vvensch,
Aaa2 Voorsien sich tot
Aaa3 Ghebeurt
Bbb zijn ons
Bbb2 het gheene

inhoud:

π1r (uitg.-1624) gedrukte titelpagina
  (uitg.-1636) gegraveerde titelpagina
π1v [blank]
π2r (uitg.-1624) gegraveerde titelpagina
  (uitg.-1636) gedrukte titelpagina
π2v (uitg.-1624) [blank]
  (uitg.-1636) Op de Emblemata van de Heer Johan de Brvne, Doctor inde Rechten, Raed en Tresorier der Stede Middelburgh, gedicht van 52 regels door Isaac de Gruter.
*1r-2v Opdracht aan Den erentfesten, achtbaeren, wijzen, voor-zienigen en door-zienigen Heer, de Heer Steven Tenys, Gecommitteerde Raed van de Edele Mog. Heeren, mijne Heeren de Staeten van Zeeland, ende der Admiraliteyt, wezende te Middelburgh, door Joh. de Brune.
*3r-4r Aen de Leser.
*4v (uitg.-1624) gedicht van 8 regels, soms zonder titel.
  (uitg.-1636) hetzelfde gedicht met als titel Tot God en de Lezer.
A1r-Yy4v (uitg.-1624) tekst van 51 Emblemata.
A1r-Zz2r (uitg.-1636) tekst van 52 Emblemata.

[p. 49]

Yy4v (uitg.-1624) colofon.
Zz2v (uitg.-1636) Tot Den Leser: de uitgever deelt mede dat, toen de ‘2e druk’ bijna gereed was, hij nog wat nieuwe Poësye van De Brune onder ogen kreeg, die hij hierbij toevoegt.
Zz3r-v Aen Me-Vrou De Knuyt.
Zz3v Aen de zelve, op occasie van de volghende Rede-spreucken, haer E.E. toe ghe-eyghent.
Zz4r-Aaa1r Nievwe-Iaer-Gifte, Aen Ionck-vrouw Anna vander Merckt, Huys-vrou van de Hr. Meester Cornelis Thenijs Raets-Heer, &c.
Aaa1v-Bbb2v J. de Brunes Zede-Sprevcken: tekst van 349 spreuken (de nrs. 99 en 199 zijn overgeslagen, dus de nummering tot 351 is onterecht; 92 is genummerd als 62).

gecollationeerde exemplaren:

= 1 [ONBEKENDE VERBLIJFPLAATS]
  Exemplaar gebruikt voor de facsimile-uitgave met inleiding door P.J. Meertens, uitgegeven door Davaco 1970.
  collatie:
  In de facsimile-uitgave is geen gedrukte titelpagina opgenomen; het is niet te achterhalen of blad π1 niet is mee-gefacsimileerd omdat het ontbrak in het origineel of dat dit exemplaar wat betreft het voorwerk tot een vroeg stadium moet worden gerekend omdat ook op de gegraveerde titelpagina de spreuk van De Brune ontbreekt.
= 2 AMSTERDAM, RIJKSMUSEUM: Rijksprentenkabinet 327 J 11.
= 3 AMSTERDAM, UB: Bibliotheek Boekhandel, verzameling-Van Stockum.
  opbouw:
  π2 *4 A-Z4 Aa-Zz4 Aaa4 Bbb2 [$4 (-*4, Qq4, Yy4, Zz4, Aaa4; E4 gesigneerd als E3); Bbb $2].
  Dit is een ‘made-up copy’ van de druk-1624, aangevuld vanaf het Yy-katern met de druk-1661.
= 4 AMSTERDAM, UB: 499 C 22.
= 5 AMSTERDAM, UB: 2417 G 1.
= 6 AMSTERDAM, UB: O 67-54.
  Herkomst: Ex Mvseo Van Der Helle; Du Cabinet De Mr. Borluut De Noortdonck.
  In ms. zijn 24 bladen toegevoegd met daarop de tekening van emblema 52 en de tekst van de aanvulling van 1636.
= 7 AMSTERDAM, UB: O 73-226.
  Herkomst: Jacobus Reepmakers junior; Cat. Mart. Nijhoff 565 no. 380.
= 8 AMSTERDAM, UB-VU: XH 00002 (olim: E 225 bis).
  opbouw:
  π1 ontbreekt; de bladen Rr2.3, Xx4 en Yy1 zijn kleiner en komen waarschijnlijk uit een ander exemplaar (‘made-up copy’?).
= 9 AMSTERDAM, UB-VU: XH 00046.
  Herkomst: Mr. Bos-Bibliotheek.
=10 'S-GRAVENHAGE, KB: 488 C 24 (olim: II Q 88).
  collatie:
  Uitgave-1636, echter zonder de vermeerdering (laatste blad dus Yy4).
=11 'S-GRAVENHAGE, KB: 758 B 29.
=12 GRONINGEN, UB: EE e 118.
  Herkomst: Geschenk van Mr. W. Bakker G.Gz.

[p. 50]

=13 LEIDEN, UB: 446 D 37.
  Herkomst: Dr. H. van Trigt.
  opbouw: blad π1 en het gehele Nn-katern ontbreken.
=14 LEIDEN, Kunsthist. Inst.: Prentenkabinet RB.ID 13 (olim: 12 F 3 en 9 D 21).
  Gerestaureerd exemplaar waarin de katernstructuur voor een deel verloren is gegaan en waarin een aantal bladen verkeerd is ingeplakt: M2 zit na M3, Ee3 zit na Q1.
=15 MIDDELBURG, ZB: 1110 B 10 (olim: 292 B 6; 10 B 10).
  Herkomst: Zeeuwsch Genootschap 49563.
=16 MIDDELBURG, ZB: 1110 C 11 (olim: 10 C 11; 292 B 7).
  opbouw: de bladen Aa4, Pp2, Rr3 en Vv2 ontbreken.
=17 MIDDELBURG, ZB: 1110 B 4 (olim: 10 B 4).
=18 UTRECHT, AB: Z qu 120.
  Convoluut, waarin verder aanwezig Heinsius. Nederduytsche Poemata (1616).
=19 UTRECHT, LB: Kunsth. Rar LMY Brune.2 (olim: Verzameling Edwin Engels; Iconografisch Inst. RUU; Ex libris L. Knappert. Sibi atque amicis).
  Dit exemplaar is gebruikt voor de uitgave op microfiches door IDC, [1969] (zie 1096).
=46 NEDERLAND, privé-bezit
  inhoud: π1r gegraveerde titelpagina
  π2r gedrukte titelpagina
  (dubbelblad andersom gevouwen)

niet-gecollationeerde exemplaren:

=20 AMSTERDAM, UB: 1346 G 22?
=21 ANTWERPEN, SB: H 67415 (vermist februari 1988).
=22 AUSTIN: University of Texas.
=23 CAMBRIDGE (USA): Harvard University.
=24 DEVENTER, AB:
=25 DURHAM: Duke University.
=26 'S-GRAVENHAGE, Kon. Huisarchief: ex. verkocht in 1973.
=27 IOWA CITY: University of Iowa.
=28 LEEUWARDEN, PB:
=29 LONDEN, BL: 11556 k 16.
=30 LOS ANGELES: William Andrews Clark Memorial Library (= uitgave 1636)
=31 NEW HAVEN: Yale University.
=32 NEW YORK: Colombia University.
=33 NEW YORK: Public Library.
=34 NIJMEGEN, UB:
=35 OXFORD (USA): Miami University.
=36 PRINCETON: Princeton University.
=37 ROTTERDAM, GB:
=38 SAN MARINO: Henry E. Huntington Library.
=39 WASHINGTON, Folger Shakespeare Lib.: PN 6349 B 787 1624 Cage.
  Opbouwformule: [A]2 *2 A-2Y4 (= uitgave 1624).
=40 WASHINGTON, Folger Shakespeare Lib.: PN 6349 B 787 1636a Cage.
  Opbouwformule: [A]2 *2 A-2Y4 (2Y4 gescheurd; tekst in ms. aangevuld = uitgave 1636, echter zonder de vermeerdering); Perrins copy.
=41 WASHINGTON, Folger Shakespeare Lib.: PN 6349 B 787 1636b Cage.
  Opbouwformule: [A]2 *4 A-3A4 3B2 (2Y4 gecancelled door 2Z1 = uitgave 1636); Smedley copy.
=42 WASHINGTON: LoC.
=43 BRUSSEL, KB: III 95.350 A.
  (gegraveerd titelblad en alles na embleem 49 ontbreekt)
=44 GENT, UB.
=45 GLASGOW, UL.
=47 AMSTERDAM, RIJKSMUSEUM: 328 L 3.
  Uitgave-1636 (variant a=III of a=IV?).

[p. 51]

variantenoverzicht:

= a   voor- en nawerk: π-, Yy-Bbb-katernen:  
  =I? 1624 op gedrukte en gegraveerde titelpagina;  
    spreuk ‘Spe et metu’ ontbreekt op gegraveerde titelpagina  
    Yy4 laatste blad ex. 1
  =II? 1624 op gedrukte en gegraveerde titelpagina;  
    spreuk ‘Spe et metu’ op gegraveerde titelpagina;  
    Yy4 laatste blad ex. 4,6-9,11-13,15-16,18-19,46
  =III 1636 op gedrukte en gegraveerde titelpagina;  
    op de plaats van de spreuk de aanduiding ‘Den tweeden druck...)’;  
    Yy4 laatste blad ex. 10
  =IV 1636 op gedrukte en gegraveerde titelpagina;  
    op de plaats van de spreuk de aanduiding ‘Den tweeden druck...)’;
    Yy4 gecancelled; Zz-Bbb-katern toegevoegd ex. 2,5,17
    # Binnen de uitgave-1624 zijn twee staten van de gegraveerde titelpagina: zonder en met de spreuk van De Brune (I->II of II->I?). Het meest waarschijnlijk lijkt de volgorde I->II. Er zijn exemplaren van de uitgave-1636, die alleen in het voorwerk aangepast zijn (III); de meest complete staat van de uitgebreide uitgave moet uiteraard ook over de katernen Zz-Bbb beschikken (IV).  
       
= b   buitenvorm *-katern: *4v (titel boven gedicht):  
  =I Geen titel boven het gedicht ex. 1, 12
  =II Titel ‘Tot God, en de Lezer’ ex. 2-9,11,13,15-19,46
    # Correctie van zetfout: I->II.  
     
= c   buitenvorm Ii-katern: Ii3r (katernsignatuur):  
  =I signatuur Ii3 aanwezig ex. 1-3,5,8,11-12,14, 16,19
  =II signatuur Ii3 niet aanwezig ex. 4,6-7,9-10,13,15, 17-18
    # Zetselschade (I->II) of correctie van zetfout (II->I)?  
       
= d   Yy-katern: blad Yy4:  
  =I Yy4 als laatste blad in de uitgave 1624 ex. 1,3-4,6-13,15-16,18-19
  =II Yy4 ontbreekt in de uitgave 1636: het is vervangen door de katernen Zz-BbB ex. 2,5,17
    # Yy4 is als cancellandum vervangen door de nieuwe slotkaternen Zz-Bbb (I->II); de tekst die oorspronkelijk op Yy4 stond, wordt in de uitgave-1636 begonnen op Zz1, terwijl ook de paginering aansluitend wordt gemaakt door pagina 359 (Zz1r) te laten volgen op 358 van Yy3v.  

[p. 52]

commentaar:

De drukgeschiedenis van de Emblemata is als volgt. De zgn. 2e dr. van Kloppenburch uit 1636 is een titeluitgave van de Kloppenburch/Van der Hellen-druk van 1624, aangevuld met 2 1/2 katern op het eind en met aanpassingen in het π-katern van het voorwerk.

De druk van Jan Jacobsz. Schipper van 1661 baseert zich op de aangevulde titeluitgave van 1636: het is daarvan een regel-voor-regel-herdruk. Een druk van Latham uit ca. 1688, gesuggereerd in de auctiecatalogus van Frederik Muller van december 1872, welke datering is overgenomen door De Vries in zijn Nederlandsche emblemata (1899), moet stellig als ‘ghost’ beschouwd worden. Latham was vooral of uitsluitend werkzaam in de jaren 1661-1662, zodat de niet-gedateerde druk met zijn naam in het impressum onmiddellijk na of ook in 1661 geplaatst moet worden. Vergelijking van de signatuurposities wijst uit dat Schipper-1661 en Latham-z.j. van hetzelfde zetsel zijn gedrukt. Beide boekverkopers hebben in samenwerking deze druk vervaardigd, waarbij ieder van hen zijn impressum op een gedeelte van de oplage heeft geplaatst: de andere uitgave is niet ontstaan door cancellen van het titelblad.

Van de druk-1624 is in 1969 een microfiche-uitgave en in 1970 een facsimile-uitgave gemaakt; in 1970 verscheen een microfiche-uitgave van de druk van 1661.

Van een in 1659 in Heidelberg verschenen druk wordt melding gemaakt door Dielitz (1884-01). Een dergelijke druk is tijdens het onderhavige onderzoek niet teruggevonden.

In schema ziet de drukgeschiedenis er zo uit:



illustratie

literatuur:

Courante 1624-01; Tydinghen 1624-02; Van Oosterwyck 1660-01; De la Rue 1734-01, p. 22; De la Rue 1741-01, p. 43; Kramm 1873-01; Cat. Bibl. Zeeuwsch Gen. 1883-01, p. 463; Dielitz 1884-01; De Vries 1899-02; De Cock 1904-01; Kalff 1904-02; Van Eck 1914-02; Van Eck 1921-01; Von Winning 1921-04, VI[a]; Schretlen 1935-01; Praz 1939-01; Evers 1943-01; Meertens 1943-02, p. 308-310, 395; WNT 1943-05; Dahl 1946-01; Praz 1946-02; Praz 1947-01; Van Thienen 1951-01; Béguin 1952-02; Heckscher 1954-01; Knipping/Meertens 1956-01; Grauls 1957-01; Bol 1958-01; De Groot 1958-02; De Groot 1958-03; Gudlaugsson 1959-03; Bauch 1960-01; Gudlaugsson 1960-02; De Kruys 1961-01; Foncke 1962-01; Landwehr 1962-03, 32a-b; Beinema 1964-01; Von Monroy 1964-04; Beinema 1965-01; BMC 1965-03, p. 460; Heckscher 1967-03; De Jongh 1967-04; Selig 1969-04; Cat. Folger Shakespeare Lib. 1970-01, p. 1; Van Eck 1970-02; Landwehr 1970-03, p. 65; Meertens 1970-05, p. 2; NUC 1970-07, p. 537-538; Van den

[p. 53]

Berg 1971-01; Emmens 1973-03; De Jongh 1973-04; Hollstein 1974-04; Praz /Sayles 1974-05; Porteman 1975-02; Schilling 1975-03; Welu 1975-05; Bedaux e.a. 1976-01; De Jongh 1976-02; Hollstein 1976-03; Kirschenbaum 1977-02; Porteman 1977-03; Klessmann 1978-03; Harris/Luckstead 1979-02; Van Deursen 1980-02; Harthan 1981-01; Ter Molen 1983-03; Meertens/Sayles 1983-04; Bol 1984-02; Heckscher 1984-05; Müller Hofstede 1984-08; Hollstein 1984-10; Porteman 1984-11; Sutton 1984-12; Sutton 1984-13; Sutton 1984-14; Buijnsters 1985-03; Ter Kuile 1985-04; Hecht 1986-02; De Jongh 1986-03; Sneep 1986-06; Bedaux 1987-01; Briels 1987-03; Buijs 1988-01; Schama 1988-04; Landwehr 1988-08; Hollstein z.j.-02; Hollstein z.j.-03.

terug  begin  verder