
1015: reproductie ex. 1
Joh. de Brune. Gods banniere, Op gherecht ter ghedachtenisse vande wonderbaerlicke victorie te water verkreghen den 13 September 1631, by de H. M Heeren Staten Generael, der Vereenighde neder landen onder het voor-zichtigh beleijd vande doorluchtige hoogh-gheboren vorst Frederick Heyndrick, Prince van Oragnen etz [1631].
plano-oblong
Gekalligrafeerde en gegraveerde prent met bovenaan de titel. Daaronder de zinnebeeldige prent en vervolgens een gedicht van 40 regels in drie kolommen en nog een gedicht van 8 regels in een vierde kolom. De naam van de ontwerper staat onderaan de derde tekstkolom; die van de graveur rechtsonder in de prent; die van de auteur staat onder de vierde tekstkolom. In de prent staan links- en rechtsboven twee bijbelspreuken, links- en rechtsonder twee spreekwoorden en midden onder een vierregelig gedichtje.
| = 1 | ROTTERDAM, Atlas van Stolk: 1731. |
Deze zinnebeeldige prent op de overwinning op het Slaak dateert van na 13 september 1631. De ontwerper van de prent is J. Prestre, de graveur is D. V[an] Bremden. Niet duidelijk is of De Brune alleen verantwoordelijk is voor het gedicht van acht regels in de vierde kolom, een berijming van een gedeelte van het Hooglied, of dat alle teksten op dit plano van hem zijn. Omdat geen andere auteursnaam voorkomt, lijkt het laatste het meest waarschijnlijk, mede ook omdat de in de prent opgenomen spreekwoorden typisch zijn voor De Brune én omdat hij eerder (in 1629) opgetreden is als auteur van een gedicht bij een zinnebeeldige prent (zie 1014).
De bijbelteksten links- en rechtsboven luiden als volgt:
Een verwijzing naar ‘Exod. 17’ staat tevens geheel links in het midden van de prent. Het engeltje met de bazuin in het midden voert de volgende tekst mee: ‘Hoc factum est a Domino’.
De spreekwoorden links- en rechtsonder in de prent luiden:
Het vierregelig gedichtje in het midden heeft als tekst:
De tekst van het gedicht van veertig regels in de drie brede kolommen onder de prent is de volgende:
De tekst in de vierde kolom Luidt:
Muller nr. 1679; Van Rijn 1897-03, nr. 1731.