[p. 22]
Ongeloof
Mensen in hun ongeloof
eerst te willen zien
staan mettertijd
verbaasd
het licht koelt af
de stonden lengen
en zwijgzaam dolen zij
in stille straten
van een wereldstad
verbergend elke heimwee
als schuwe dieren
tussen de grijze huizen
van de vale sloppen
maar eens herkennen zij
het trieste wonder
in een verlopen vrouw.