terug  begin  verder
[p. 73]

61

Op de markt zitten vrouwtjes achter omgekeerde kistjes met wat bossen ongelijke wortels erop en een paar kromme komkommers en tomaten en een mandje eieren. Britt-Marie koopt bij zo'n vrouwtje een stukje komkommer, twee tomaten en een zak eieren. Ze blijft nog even napraten. Het oude vrouwtje vertelt een heel verhaal. Britt-Marie zegt af en toe ‘oj oj oj’. En dan gaat het vrouwtje weer door. Ze kijkt ook telkens even naar mij en trekt een zielig gezicht en slaat haar handen uit. Ik versta geen woord van wat ze zegt en ik haal mijn schouders op.

‘Wat zei ze allemaal?’ vraag ik aan Britt-Marie als we verder lopen.

‘Dat weet ik niet precies hoor, ze praatte Värmlands,’ zegt Britt-Marie.

‘Maar je deed net of je haar verstond.’

‘Natuurlijk. Anders is het zo zielig voor haar. Ze heeft ook al haast geen tanden meer in haar mond. En ze praat toch meestal over de zon en de droogte en de duurte en haar reumatiek en haar eksteroog en zulk soort dingen.’

‘En dan zeg jij zomaar ergens oj oj oj?’

‘Ja, dat geeft toch niet?’

‘Maar wat is Värmlands dan voor taal?’ vraag ik.

‘Het is een dialect. Er zitten wat rare woordjes in en ze zijn vaak heel kort. Soms zijn het bijna alleen maar klanken.’

‘Dus je zou het wel kunnen verstaan?’

‘Ja, als ik tien keer “wat zeg je?” zou vragen, dan zou ik het wel begrijpen,’ zegt Britt-Marie. ‘Maar dat is zo'n gedoe.’ Ik vind het niet leuk dat ze zo praat. Zij weet niet hoe ik me de hele dag loop in te spannen om iedereen te verstaan. Ik

[p. 74]

zou ook wel ‘oj oj oj’ tegen al die mensen hier kunnen zeggen in plaats van ‘Wat zeg je?’.

Moeder doet soms ook zo tegen oma Stut als die heel lang aan de telefoon zit te zeuren. Dan legt ze de hoorn naast zich neer en neemt gewoon een slokje koffie en ondertussen hoor je de stem van oma Stut op de achtergrond. Af en toe pakt moeder de hoorn even op en zegt ‘Ja mam’ en zo gaat het door tot oma Stut is uitgepraat. Ik vind dat altijd heel vervelend, want oma Stut kan heus wel eens iets belangrijks te vertellen hebben.

Niemand weet van te voren wat iemand anders gaat zeggen. Ik vind het veel zieliger voor mensen als je op goed geluk ‘oj oj oj’ tegen ze zegt dan honderd keer ‘Wat zeg je?’.

terug  begin  verder