terug  begin  verder

[p. 75]

Mei

 
Reeds mag het warm en broeiend zijn, het lam
 
Is onbeschut op 't groene land gelegen
 
In koele nachten nog. De kersenstam
 
Is met de teed're bloesem volgeregen,
 
 
 
Die als een kostbaar uitgestrooide zegen
 
Mèt lam en madelief de leiding nam:
 
Tezamen zullen zij het weiland vegen,
 
De bloem, de bloesem en het witte lam!
 
 
 
En in de nacht keert alles nog in naar
 
De winter die voorbij is en verstreken,
 
Maar niet als booze droom, en niet vervloekt.
 
 
 
Lamm'ren in sneeuw: denkbeeld'ge fabelweken,
 
Als 't wonder reine kleuren bij elkaar
 
Nog blanker dan het allerblankste zoekt.

terug  begin  verder