De gedichten


auteur: Maria Tesselschade Roemers Visscher


bron: A. Agnes Sneller en Olga van Marion (ed.), De gedichten van Tesselschade Roemers. Verloren, Hilversum 1994  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 140]

30 Op als het op een oest van Honich telen gaet (1641)

In een brief aan P.C. Hooft kondigt Tesselschade Roemers aan hem op dinsdag 13 augustus 1641, afhankelijk van het weer, te komen bezoeken.

 
... Ick sal ons op dinsdaghs, indient 's morgens goet weer is, Inde Hooftplaets van 't Ghoij laeten vinden
 
 
 
Op als het op een oest van Honich telen gaet 1
 
Niet weijgrich sijn met was van mijn memorij Grat 2,
[p. 141]

Naar het handschrift van Tesselschade Roemers. kb Den Haagclxxi ac 6. Overgenomen uit P.C. Hooft De briefwisseling iii. Ed. H.W. van Tricht. Culemborg 1979, brief 1079.

Verantwoording

Worp (1918: 225) leest ‘Of’ in plaats van Op.

Notities

1   Op: P.C. Hooft gebruikt deze oproep eveneens in zijn brief aan Caspar Barlaeus: ‘Op, op. U.E. leirze, spoore [...] zich toe ter herwaertsrejze.’ (Brief 1078).
telen: In het wnt (xvi, 1417) wordt sv. telen de betekenis ‘opleveren’ gegeven met dit citaat. Dit is onjuist: het gaat om de oogst van het telen, in de betekenis ‘kweken’.
In zijn annotaties bij deze brief gaat Van Tricht uit van een metaforische duiding; Honich kan dan gezien worden als ‘gedichten’. De tweede regel betekent, gelezen vanuit de beeldspraak: [ik zal] met mijn herinneringen zo goed mogelijk helpen. De was dient immers om de honing in de raat te bergen.

Achtergrond

P.C. Hooft had blijkens brief 1078 en 1080, gedateerd op 9 augustus 1641, een aantal van zijn vrienden op het Muiderslot uitgenodigd. De brief van Roemers is een reactie op die uitnodiging. Zij meldt haar komst op ‘dinsdagh (...) den 13 van desen maent’ (Brief 1079). Dit moet de 13de augustus zijn die in 1641 op dinsdag viel.

datering 13 augustus 1641

naar de datering van H.W. van Tricht in De briefwisseling.