I, 24Evanescet = het zal vervliegen, verdampen.
Een soortgelijke voorstelling van dezelfde gedachte, zij het veel beeldende by Paradin, a.w., 72 v. en 73 r.
De tekst van Anna Roemers in latere edities luidt: Het lachen van Democritus, en 't schreyen van Heraclitus had een reden. De eene achte voor kindtsche sotterny het wroeten, het hoopen, het vreesen, het waken, het sorgen, het sweeten, en duysent moeyelijckheden meer, die de menschen uytstaen om 't gefluyster van een licht en haest verdwijnent vlammetje van des werelts glory. De ander had deernis, en het jammerde hem, dat hy kinderen sagh met grauwe baerden, die hun geen arbeyt, moeyte, noch gevaer en ontsagen, om een dinck dat sy selfs wel weten dat zoo haest weer verdwijnt.